Op de weg tussen Johannesburg en Pretoria ligt het Grand Hotel Velmore. Het is een oase van rust, een oord van buitenissige luxe. De ligging is ideaal: centraal tussen twee luchthavens en in de buurt van vier WK-stadions. De Zuid-Afrikaanse president Jacob Zuma hield er al tal van conferenties en zelfs Cindy Crawford verbleef er. Het hotel telt verschillende suites, de kamers zijn 40 vierkante meter groot, stuk voor stuk uitgerust met de nieuwste flatscreentelevisietoestellen. De Duitse voetbalbond legde deze accommodatie al een jaar geleden vast. Met een paar duidelijk afspraken. Zo werd er in februari achter het hotel een trainingsveld aangelegd. Daarvoor moesten zelfs bloemperken wijken. Het hotel wordt bewaakt door vijftien politieagenten, twintig eigen veiligheidsmensen en nog twee bodyguards die zijn meegereisd uit Duitsland. Voor het hotel wapperen Duitse en Zuid-Afrikaanse vlaggen broederlijk naast elkaar.
...

Op de weg tussen Johannesburg en Pretoria ligt het Grand Hotel Velmore. Het is een oase van rust, een oord van buitenissige luxe. De ligging is ideaal: centraal tussen twee luchthavens en in de buurt van vier WK-stadions. De Zuid-Afrikaanse president Jacob Zuma hield er al tal van conferenties en zelfs Cindy Crawford verbleef er. Het hotel telt verschillende suites, de kamers zijn 40 vierkante meter groot, stuk voor stuk uitgerust met de nieuwste flatscreentelevisietoestellen. De Duitse voetbalbond legde deze accommodatie al een jaar geleden vast. Met een paar duidelijk afspraken. Zo werd er in februari achter het hotel een trainingsveld aangelegd. Daarvoor moesten zelfs bloemperken wijken. Het hotel wordt bewaakt door vijftien politieagenten, twintig eigen veiligheidsmensen en nog twee bodyguards die zijn meegereisd uit Duitsland. Voor het hotel wapperen Duitse en Zuid-Afrikaanse vlaggen broederlijk naast elkaar. Af en toe opent deze residentie de poorten voor de media. De eerste keer gebeurde dat al om kwart over acht 's ochtends, twee dagen voor de match tegen Australië. Viertel nach acht ? Verdammt. De Duitse journalisten mopperen. Bondscoach Joachim Löw en enkele spelers verschijnen tijdens iedere perssessie ten tonele. De journalisten die een vraag willen stellen, steken hun vinger op. Net zoals op school. Perschef Harald Stenger roept hun naam. De mediavertegenwoordigers spreken zowel de bondscoach als de spelers aan met meneer. Herr Löw, hoe staat het met de fysieke paraatheid van de ploeg? Herr Schweinsteiger, in hoeverre werden Sie Michael Ballack missen? Herr Podolski, wilt u hier het mindere seizoen beim 1. FC Köln wegwissen? Beleefder en formeler kan een persconferentie echt niet verlopen. Niet één mediavertegenwoordiger tutoyeert een speler. Het is nooit du maar altijd Sie. Alles is georganiseerd en gestructureerd. Ook qua timing. Vijfenveertig minuten. Geen zesenveertig maar ook geen vierenveertig. Duitsers blijven stipte mensen. Ooit werd Duitsland als een ploeg bestempeld die hatelijk voetbal brengt. Duitsers teren op kracht en loopvermogen, ze kunnen niet voetballen. Het zijn clichés en nog steeds zijn er mensen die dat geloven of anderen napraten. Vier jaar geleden goot Jürgen Klinsmann de Duitse ploeg in een andere vorm. Met aanvallende accenten, met de nadruk op verzorgd combinatiespel. De Mann-schaft drong door tot in de halve finale van dat WK en struikelde vervolgens over de latere wereldkampioen Italië. Er werd gesproken over een Duitse revolutie en Klinsmann kreeg net geen standbeeld. Net zoals zo vaak ontbrak hier enige nuance. Te vaak dreven oude instincten in het spel boven. Dat leidde bij vlagen tot berekend en zelfs cynisch voetbal. Deze Duitse ploeg staat verder dan vier jaar geleden. Omdat de na het WK 2006 tot bondscoach gepromoveerde Joachim Löw nog meer zijn filosofie op de ploeg overplant. In 2006 was Löw al de stuurman in de schaduw. Veel meer dan de charismatische Klinsmann de architect van het succes. Löw voelde nooit de behoefte om daarmee te koketteren. Hij is loyaal en collegiaal. Het is haast onwezenlijk, maar dit Duitsland heeft zowaar exotische kwaliteiten. Op basis daarvan maakte Löw ook zijn selectiepolitiek. Een ramp was het volgens velen dat aanvoerder Michael Ballack uitviel. Löw verviel geen moment in paniek. Misschien was die blessure voor hem zelfs een geschenk uit de hemel. Het liet hem toe de ploeg verder te verjongen. Wie had er tot voor kort van de voor VfB Stuttgart uitkomende Sami Khedira gehoord? Of van Mesut Özil, de middenvelder van Werder Bremen, een ouderwetse nummer 10 die in zijn manier van voetballen aan de illustere Günter Netzer doet denken? En hoe verbazend snel steeg de ster van de ongecompliceerde lefgozer Thomas Müller, die vorig seizoen nog met de amateurs van Bayern München in derde klasse uitkwam, tegen ploegen als Wacker Burghausen en de 1. FC Heidenheim? En hoe opvallend was het dat Bastian Schweinsteiger plots openbloeide, zonder de dwingende aanwezigheid van Ballack naast hem? Althans, zo zag het er allemaal uit in de ultieme aanloop naar het WK. De tevredenheid dampte overal op. Eerder had de boulevardpers nochtans enkele kanttekeningen geplaatst bij bepaalde keuzes van Löw. Op een gegeven moment werd hem zelfs verweten in zijn voorbereidingprogramma op het WK zo radeloos te zijn als bondskanselier Angela Merkel in haar politiek. Löw incasseerde het. Hij liet zich voor het WK overigens tot geen enkele prognose verleiden. Van alle ploegen begon Duitsland op de meest indrukwekkende manier aan het WK. Het hakte Australië met 4-0 in de pan. In Het Grand Hotel Velmore straalde Joachim Löw rust uit. Tijdens de persconferentie had bondsvoorzitter Theo Zwanziger naast hem plaatsgenomen. Buiten was de hemel blauw en straalde de zon. Winter in Zuid-Afrika. Zwanziger complimenteerde Löw voor de overwinning en liet weten dat 28 miljoen Duitsers de 4-0-zege tegen Australië hadden gevolgd. Dat is precies 35 procent van de bevolking. Toch heeft Joachim Löw zijn aflopend contract nog niet verlengd. De besprekingen met de DFB zitten muurvast. De Duitse bondscoach is niet gehaast. En de tijd loopt in zijn voordeel. Zo lijkt het althans op dat moment. Joachim Löw laat zich niet opjagen. Journalisten die de ploeg al lang volgen zijn onder de indruk van die onbekommerde en serene attitude. Ze werkt aanstekelijk op de spelers. Ook toen na Ballack de secure verdediger Heiko Westermann met een kaakbeenbreuk uitviel, werd er laconiek gerageerd: Na und? Jochim Löw nam voor het begin van dit WK een groot risico. Hij pakte uit met nieuwe leiders, een zeer vlakke hiërarchie en tal van psychologische trucs. Weg met de vedetten, met de verbaal sterke voetballers die soms meer plegen te praten dan te presteren, maar een bruuske, radicale ommezwaai. Geen rekening hield de bondscoach ook met meningen van oud-vedetten, zoals de excentrieke vroegere doelman van Bayern München Oliver Kahn, die voor het WK op grond van de blessures sprak van eine sehr heftige Situation. Löw negeerde welke duistere prognose dan ook en greep naar het voetbalgoud dat in de Bundesliga verder werd geslepen, naar die jonge profs die vorig jaar nog Europees kampioen werden bij de min 21-jarigen. Dat is geen toeval. In Duitsland wemelt het van het talent, het gevolg van een uitstekende jeugdpolitiek. Sportdirecteur Matthias Sammer speelde daar een cruciale rol in. Hij plantte zelfs denkbeelden uit de vroegere DDR op het team over, vooral dan wat de individualisering in de trainingsopbouw aangaat. Zeer veel aandacht wordt in de verenigingen besteed aan de jeugdwerking. Zo waren de Duitse clubs in 2006 verplicht om de winst van het WK, dat mede over hen werd verdeeld, in de jeugdwerking te stoppen. De vruchten worden nu geplukt. In de selectiegroep van 23 spelers zitten er 13 onder de 25 jaar. Aanvoerder Philipp Lahm verbaasde zich over de gretigheid en de passie in de ploeg. De verdediger van Bayern München, zelf nog maar 26 jaar, stelde vast nog nooit te hebben meegemaakt dat Duitsland zo veel spelers telt met een individuele beweging: "Vroeger vermeden we de een-tegen-een-acties, nu zoeken we ze op." Porth Elisabeth is het Detroit van Zuid-Afrika. Een stad die lang dreef op een grote auto-industrie maar waar de fabrieken nog maar weinig werkgelegenheid opleveren. Bij de ingang van de fabrieken staan mannen te wachten in de hoop op een betaalde klus, al is het maar voor een paar uur. Een repeterend beeld in Zuid-Afrika. De Duitse internationals hebben er geen oog voor als ze een dag voor de partij tegen Servië naar hun hotel rijden. Ze zijn geconcentreerd, het ontgaat hen dat Porth Elisabeth een spookstad is met lege straten en dichtgetimmerde gebouwen. In de imposante Nelson Mandela Bay geeft Joachim Löw een persconferentie. Alsof hij naderend onheil voelt, houdt hij zich op de vlakte. Snel wordt hij nog voor de camera gehaald. Dat Duitsland nu toch zeker tegen Servië wil winnen? Löw fronst even de wenkbrauwen en doet een opmerkelijke uitspraak: "Het is mijn eerste doel om met deze ploeg te voetballen. En als het kan dat spel in resultaten om te zetten. Wij willen ageren en accenten leggen. Wij gaan ook proberen tactisch goed te voetballen." Maar de wedstrijd tegen Servië groeit voor hem en zijn team uit tot een drama. Duitsland begint goed, domineert en ageert inderdaad, tot een tweede gele kaart van Miroslav Klose het ritme breekt. Een snel tegendoelpunt volgt, Löw is langs de zijlijn de wanhoop nabij. Eén enkele keer gooit hij woedend met een fles water. Een ongebruikelijk beeld voor een man die zijn emoties normaal kan controleren. Plots blijkt dat er op het veld geen echte stuurman staat. En dat juist Klose, met zijn 98 interlands de meest ervaren man, de ploeg in de steek liet, is bitter: het vertrouwen dat Löw in de spits heeft, wordt hier en daar onbegrijpelijk gevonden. Klose is al lang een karikatuur van zichzelf. Bij Bayern München zat hij vaak op de bank. Net zoals ook Lukas Podolski bij FC Keulen een zwak seizoen doormaakte. Dat hij een strafschop miste, is niet verwonderlijk. Hem die penalty laten nemen, was wellicht niet de beste zet in de carrière van Joachim Löw: net voordien had Podolski twee kansen de nek omgewrongen. Duitsland staat woensdag tegen Ghana voor een cruciaal duel. Het balanceerde in de eerste week van het WK tussen euforie en tragiek, tussen vreugde en defaitisme. De zege tegen Australië werd ten onrechte luid bejubeld, maar de nederlaag tegen Servië hoeft niet gedramatiseerd te worden. Zo zei Joachim Löw het ook op de persconferentie. In de verte keek de psycholoog van de ploeg toe. Hem wacht er veel werk. Duitsland is in Zuid-Afrika begonnen aan een nieuwe toekomst en wil eigenlijk liefst die lijn doortrekken. Het heeft jonge voetballers die symbool staan voor een andere stijl. Ze voetballen fris en dartel. Maar het groeiproces verloopt met vallen en opstaan. Het is maar waarvoor je kiest. Het is duidelijk dat Joachim Löw gekruisigd zal worden als de ploeg vandaag/woensdag in Soccer City over Ghana struikelt. En met hem zijn ploeg, zijn jong team, het jongste sinds 78 jaar in een WK. Gegarandeerd wordt er dan gesproken over enkele over het paard getilde pseudovedetten. Nergens wordt er in de media meer zwart-wit gedacht dan bij onze oosterburen. Dat de ploeg talent heeft en een bondscoach die oude waarden bant, is dan van geen tel meer. Maar net zo goed gaat de Mannschaft door en breekt er echt een nieuw voetbaltijdperk aan. Georges Leekens blijft onder de indruk van de potentiële mogelijkheden die er in de eerste tegenstander van de Rode Duivels op weg naar het EK 2012 schuilen, van de groeimogelijkheden die dit elftal heeft. Maar het is de match tegen Ghana die de marsroute voor de toekomst zal bepalen. door jacques sysHet is onwezenlijk: Duitsland heeft exotische kwaliteiten. Joachim Löw nam voor het begin van dit WK een zeer groot risico.