Na een gesprek met Louis van Gaal liet de Belgische Voetbalbond vorige week horen dat de kandidatuur van de Nederlander naast die van Marc Wilmots en Jean-François de Sart zal worden gelegd. Groter kunnen de tegenstellingen niet zijn. De interesse voor Van Gaal is opmerkelijk, maar in de praktijk hangen er nogal wat ethische bezwaren aan zo'n duobaan. Wat doet Van Gaal bijvoorbeeld als een van de spelers van AZ in balans ligt met iemand anders? Los daarvan staat Van Gaal in de eerste plaats te boek als een leermeester, een voetbaldocent. Die renderen het best als ze iedere dag met spelers kunnen werken.
...

Na een gesprek met Louis van Gaal liet de Belgische Voetbalbond vorige week horen dat de kandidatuur van de Nederlander naast die van Marc Wilmots en Jean-François de Sart zal worden gelegd. Groter kunnen de tegenstellingen niet zijn. De interesse voor Van Gaal is opmerkelijk, maar in de praktijk hangen er nogal wat ethische bezwaren aan zo'n duobaan. Wat doet Van Gaal bijvoorbeeld als een van de spelers van AZ in balans ligt met iemand anders? Los daarvan staat Van Gaal in de eerste plaats te boek als een leermeester, een voetbaldocent. Die renderen het best als ze iedere dag met spelers kunnen werken. De Voetbalbond wil in zijn zoektocht naar een nieuwe bondscoach de nodige tijd nemen. De vraag is welk profiel die moet hebben. Wie zowel denkt aan Louis van Gaal als aan Jean-François de Sart, heeft niet echt een duidelijke filosofie. Opmerkelijk is dat ook clubbelangen in die keuze een belangrijke rol spelen. Hoe is het anders te verklaren dat niemand, ook niet in deze overgangsperiode, spreekt over Frankie Vercauteren, toch een competente trainer? Die is niet in de beste omstandigheden bij Anderlecht weggegaan en ligt dan ook niet echt in de bovenste lade bij Philippe Collin, de voorzitter van de technische commissie. Om dezelfde reden lijkt ook Hugo Broos weinig kans te maken. Dus wordt er als tegenhanger van Van Gaal nog maar eens gesproken over de onvermijdelijke Marc Wilmots. En zo is er ook al een gesprek geweest met Jean-François de Sart, een aimabele man die zijn groep heel veel vrijheid geeft, daarom goed ligt bij jonge spelers, maar veel minder bij routiniers. Natuurlijk kunnen trainers zichzelf in hun aanpak corrigeren. Niemand die dat beter heeft gedaan dan Erik Gerets. Toen de Limburger bij Club Luik werkte en in zijn eerste competitiewedstrijd 2-2 speelde op Cercle Brugge - dat in de slotminuut gelijkmaakte met een heerlijk gekrulde vrijschop van de Kroaat Branko Karacic - stuurde hij zijn assistent naar de persconferentie. Gerets snauwde de journalisten die hem aanklampten af en vluchtte de spelersbus in. Wezenloos staarde hij daar eenzaam en alleen voor zich uit, het was alsof de wereld rond hem was ingestort. Gerets begreep snel dat hij die attitude moest veranderen, dat hij als trainer moest leren met ontgoochelingen om te gaan. Met dezelfde expressie als Gerets toen luisterde Glen De Boeck vorige week op KV Mechelen naar de analyse van Peter Maes nadat Cercle Brugge uit de beker werd gekegeld. De frustratie stond op zijn gezicht gebrandmerkt, hij kon die nederlaag geen plaats geven. Dat zal De Boeck moeten leren. Zijn carrière is te snel te goed verlopen. Terecht werd hij vorig seizoen geprezen voor het positieve voetbal dat Cercle bracht en het hoger niveau dat verschillende spelers onder zijn leiding haalden. Nu bivakkeert de ploeg in de grijze middenmoot en greep De Boeck naast een overgang naar RC Genk. Hoe diep de frustraties zitten, bleek voor de stadsderby: De Boeck zei toen dat Stijn De Smet voor Club Brugge had getekend. Een pijnlijke uitschuiver waarvoor hij zich later wel verontschuldigde. Juist Stijn De Smet speelt een hoofdrol in de terugval van Cercle Brugge. Na de komst van Thomas Buffel moest er met hem te veel geschoven worden. Het zorgde bij De Smet voor veel (onderdrukt) ongenoegen. De Smet is een voetballer die constant gepamperd moet worden. Dit seizoen stond hij slechts zes keer 90 minuten op het veld. Dat is verbijsterend voor een voetballer die vorig seizoen de ploeg op sleeptouw nam. Verenigingen denken veel te weinig na over de manier waarop sommige nieuwe spelers moeten worden ingepast en over de consequenties voor anderen. Een goeie transferpolitiek voerde groen-zwart dit seizoen trouwens niet: van de drie spitsen die de leemte die Tom De Sutter naliet, moesten opvullen ( Kanu, Foley en de intussen alweer vertrokken Fernández) is er niet één die in de competitie een goal maakte. Het is en blijft de kunst om de juiste puzzelstukken en het juiste profiel te vinden. S De vraag is: welk profiel moet de bondscoach hebben? door jacques sys