De basketbalcompetitie trok zich na de korte winterbreak weer op gang met een heuse klapper: Charleroi ontving Oostende. Sowieso al een klassieker en zeker nu beide clubs de leidersplaats deelden. De winnaar zou dus alleen aan de kop komen. Lange tijd leek Charleroi het laken naar zich toe te trekken. Aan de rust stond het immers 48-36 in hun voordeel.
...

De basketbalcompetitie trok zich na de korte winterbreak weer op gang met een heuse klapper: Charleroi ontving Oostende. Sowieso al een klassieker en zeker nu beide clubs de leidersplaats deelden. De winnaar zou dus alleen aan de kop komen. Lange tijd leek Charleroi het laken naar zich toe te trekken. Aan de rust stond het immers 48-36 in hun voordeel. Maar de Spirous toonden dit seizoen al vaker twee gezichten: Europees winnen in de hel van Galatasaray, maar nadien wel verliezen van Groningen en Ploiesti. Vorig weekend presenteerden ze die dualiteit in één wedstrijd. Michael Jordan (niet de legendarische speler van de Chicago Bulls, maar de jonge Amerikaan van Charleroi) was de verpersoonlijking van die onberekenbaarheid: hij scoorde in de eerste helft aan honderd procent en lukte zelfs een buzzershot vanop tien meter afstand. Na rust maakte hij geen enkele korf meer. "Hij of een ander: als Charleroi de titel wil pakken, zal dat niet afhangen van één speler. Zolang niet iedereen dat begrijpt, zullen we geen prijzen pakken", verdedigt coach Eddy Casteels zijn poulain. Jordan is immers een zomeraankoop van Casteels, maar Spirouvoorzitter Eric Somme plaatste al openlijk vragen bij de transfer. "Na rust vielen we helemaal terug, maar dat was mede de verdienste van Oostende," gaat Casteels verder, "zij wijzigden hun verdedigende tactiek. Net zoals ze tegen Bergen deden." Oostende won de partij in het hol van de leeuw uiteindelijk met 81-84. En dat ondanks de snelle foutenlast van Sam Van Rossom, die amper veertien minuten op het parket verscheen. Maar daarin was de Speler van het Jaar wel goed voor tien punten, zonder misser. "Wij geven nooit af", geeft de Oostendse aanvoerder Sébastien Bellin als uitleg voor de comeback. "Zelfs met twaalf punten achterstand panikeren we niet. We weten dat we kunnen terugvechten. Over een weerbaar team beschikken we, dat gedurende twee jaar zorgvuldig opgebouwd werd en waarin iedereen duidelijk zijn rol kent." Opvallend bij de kustploeg, die zijn titel verdedigt, is dat die zowat alle toppers won, maar al punten liet liggen in de zogenaamde 'makkelijke' wedstrijden. "Maar de coach die dat eeuwige probleem kan oplossen, verdient van mij alle bewondering", stelt sportief directeur Philip Debaere nuchter.