Hertha BSC, de topclub uit de Berlijn die een anoniem seizoen draait in de Bundesliga, werkte een wel heel speciale wedstrijd uit voor haar achterban. De supporter die kon bewijzen dat hij een diehardfan was, kreeg een opzichtige tatoeage waarin een QR-code verwerkt zou zijn, die hem levenslang toegang verschafte tot de thuiswedstrijden van Hertha BSC.
...

Hertha BSC, de topclub uit de Berlijn die een anoniem seizoen draait in de Bundesliga, werkte een wel heel speciale wedstrijd uit voor haar achterban. De supporter die kon bewijzen dat hij een diehardfan was, kreeg een opzichtige tatoeage waarin een QR-code verwerkt zou zijn, die hem levenslang toegang verschafte tot de thuiswedstrijden van Hertha BSC. Toen Ilja Pankow, een 31-jarige credit assistant bij Mercedes-Benz, over de wedstrijd las, zond hij meteen een twee minuten durend filmpje in, zo meldde The New York Times onlangs. Daarin toonde hij zijn dertig gesigneerde shirts, de foto's van de trips die hij ondernam om zijn ploeg te volgen en ander bewijsmateriaal. Hij noemde Hertha 'de liefde van zijn leven' en voegde er nog fijntjes aan toe hij 'een tatoeagemaagd' was. Volgens Daniel Schmid, de marketingmanager van Hertha, ontving de club bijna 900 inzendingen. Ze pikten Pankow eruit omdat hij 'een sympathieke kerel' was. Nadat hij van de shock bekomen was, ging Pankow eind februari langs bij een tatoeageshop met de toepasselijke naam Love Is Pain, waar eerder onder meer Jérôme Boateng van Bayern München zijn lichaam liet versieren. De tatoeage waarop je het Olympiastadion en de vlag van Hertha kan zien tegen de contouren van Berlijn, bedekt bijna zijn hele rechtervoorarm. Volgens Schmid mocht de winnaar voor zijn levenslang abonnement gelijk welke plaats uitkiezen in het stadion. Toch bleef Pankow liefst in de Ostkurve, waar de plaatsen goedkoop zijn, zo'n 150 euro per jaar. Pankow, die de afgelopen vijf jaar hoop en al twee thuismatchen miste, zei dat er geen risico was dat zijn toewijding aan de club sneller zou verdwijnen dan zijn tatoeage. Hij is al supporter van in het tweede leerjaar, toen hij een Herthashirt in een winkel zag hangen en zijn tante smeekte om het te kopen. Vanaf zijn twaalfde begon hij regelmatig naar thuiswedstrijden te gaan. Hij nam daarvoor de trein in een buurt die eigenlijk territorium was van Union Berlin, 'maar omdat ik zo jong was, lieten hun supporters me gerust', vertelt hij aan The New York Times. Aan de ingang van het stadion gebruikt hij toch nog het liefst zijn seizoenskaart. De QR-code op zijn arm werkt wel, maar het duurt soms wat langer om het in te scannen en dat leidt weleens tot vreemde situaties. Maar spijt heeft hij niet van zijn tatoeage, integendeel. 'Mensen kunnen vragen: is dat een QR-code op je arm? En dan kan je hen een mooi verhaal vertellen.'