De kans dat een Belgische ploeg nog eens kan stunten in Europa lijkt mij steeds kleiner en kleiner te worden. Ik was vrij optimistisch voor de heenmatch van Anderlecht tegen Ajax in de Europa League, maar jullie kennen het resultaat. Tijdens mijn periode waren het niet alleen de zogenaamde topclubs die verrassend uit de hoek konden komen. Ook de mindere goden waren absoluut niet kansloos tegen gerenommeerde buitenlandse tegenstanders.
...

De kans dat een Belgische ploeg nog eens kan stunten in Europa lijkt mij steeds kleiner en kleiner te worden. Ik was vrij optimistisch voor de heenmatch van Anderlecht tegen Ajax in de Europa League, maar jullie kennen het resultaat. Tijdens mijn periode waren het niet alleen de zogenaamde topclubs die verrassend uit de hoek konden komen. Ook de mindere goden waren absoluut niet kansloos tegen gerenommeerde buitenlandse tegenstanders. Een van de eerste mirakels gebeurde aan de Gaverbeek. Het toenmalige SV Waregem schakelde in 1968 het grote Atlético Madrid uit. In de Spaanse hoofdstad werd met 2-1 verloren maar in Waregem won Essevee met 1-0, een doelpunt gescoord door wijlen Prudent Bettens, de reus van het Regenboogstadion. De West-Vlamingen waren toen echte amateurs, ze hadden allemaal nog een job buiten het voetbal. De verste verplaatsing die ze ooit hadden ondernomen was naar Luik, als ze het opnamen tegen Standard, en nu mochten ze naar Madrid! Ze beseften niet wat hun overkwam. Ze namen het op als een snoepreisje, aan de wedstrijd werd er weinig gedacht, ze waren toch kansloos. Lekker vier dagen weg, zonder vrouwen dan nog, dat was pas een godsgeschenk! Toen ze de dag voor de match gingen trainen, dachten ze dat er een of andere manifestatie aan de gang was, zo veel volk liep er rond voor het stadion. De verrassing was dan ook groot toen ze vernamen dat al die mensen naar de training van Waregem kwamen kijken, ze kwamen in een andere wereld terecht. Van verrassingen gesproken ... Toen de Madrilenen in het Regenboogstadion arriveerden, konden ze kiezen: hun talrijke valiezen met materiaal die ze hadden meegebracht in de kleedkamer plaatsen en zich omkleden in de gang of andersom - zo klein was de vestiaire van de bezoekers aan de Gaverbeek. De spelers van Atlético hadden geen idee waar ze terechtgekomen waren. Er waren er zelfs die vroegen waar ze de metro konden nemen naar Brussel, ze dachten dat Waregem een buitenwijk van onze hoofdstad was. Maar het bleef niet bij dat ene exploot. In 1985/86 volgde er een succesrijke campagne in de UEFA Cup, met als hoogtepunt de uitschakeling van het machtige AC Milan, een echt huzarenstukje (1-1 thuis, 1-2 uit). Er was veel veranderd in Waregem, alleen de kleedkamer van de bezoekers was dezelfde gebleven en er was nog steeds geen metro naar Brussel. Dit alles gebeurde zonder een van hun boegbeelden, Luc Millecamps, met 35 interlands de absolute recordhouder van de rood-witten. Samen met zijn broer Marc was hij het uithangbord van Essevee. Tijdens die memorabele tijden sukkelde Luc met weerbarstige rugwervels. Maandenlang sleepte die kwaal aan. Toen hij enigszins hersteld was en op de bank moest plaatsnemen bezorgde hem dat meer hartzeer dan wat anders. Het deed hem pijn dat hij na zo veel jaren van relatieve anonimiteit niet op het veld kon staan tegen Hajduk Split, FC Köln en vooral tegen de rossoneri. Ik speelde nog samen met Luc Millecamps bij de nationale UEFA-junioren onder Raymond Goethals. Raimundo heeft Luc nooit opgeroepen voor de A-ploeg, wat ik een beetje raar vond. Millecamps werd dus pas internationaal op 28-jarige leeftijd, onder Guy Thys. Luc kende maar één ploeg, SV Waregem, en ik twijfel dan ook geen seconde aan zijn woorden toen hij mij toevertrouwde: "De beste trainer aller tijden bij ons was Hans Croon, tijdens zijn eerste periode welteverstaan. Na zijn verblijf in Anderlecht herkende ik hem niet meer. Bij de Brusselaars had hij een zware mentale dreun gekregen, dat was duidelijk. Al die successen en toch buiten vliegen na één jaar. In zijn tweede periode bij Waregem durfde hij weleens naar de fles te grijpen en ook het vrouwelijk schoon liet hem niet onberoerd. Het verwonderde mij dan ook niet dat hij later in een sekte terechtgekomen is en door een auto-ongeval om het leven is gekomen." Zijn eigen afscheid bij Essevee heeft Luc Millecamps ontgoocheld. Waarom weet ik niet, dat heeft hij mij niet verteld, maar zijn woorden spreken boekdelen: "Er is absoluut geen sentiment te bespeuren in de voetbalwereld. Men is één groot nummer en als men niet meer rendeert: hop, de prullenmand in ... zo simpel is dat!" "Er was in Waregem nog steeds geen metro naar Brussel."