Hij zei het vorig seizoen in mei nog zelf, terwijl Club Brugge zich opmaakte voor een intens titelfeest : "Volgend seizoen wordt het mijne." Een half jaar verder blijkt dat zeker niet zo te zijn. De nationale belofteploeg redde het woensdag op Daknam niet zonder Jonathan Blondel. Officieel haakte hij af met een teenblessure, want het alternatief, spelen met een inspuiting, verwierp men als ongezond. In de wandelgangen hoorde je echter dat de ontgoocheling omdat hij op de bank moest starten, heel diep zat. Zaterdag miste hij het duel met La Louvière en naar Juventus reisde Club Brugge ook al af zonder zijn begaafde linkspoot, die duidelijk moeite heeft om een serie neer te zetten.
...

Hij zei het vorig seizoen in mei nog zelf, terwijl Club Brugge zich opmaakte voor een intens titelfeest : "Volgend seizoen wordt het mijne." Een half jaar verder blijkt dat zeker niet zo te zijn. De nationale belofteploeg redde het woensdag op Daknam niet zonder Jonathan Blondel. Officieel haakte hij af met een teenblessure, want het alternatief, spelen met een inspuiting, verwierp men als ongezond. In de wandelgangen hoorde je echter dat de ontgoocheling omdat hij op de bank moest starten, heel diep zat. Zaterdag miste hij het duel met La Louvière en naar Juventus reisde Club Brugge ook al af zonder zijn begaafde linkspoot, die duidelijk moeite heeft om een serie neer te zetten. Startte zijn carrière in Brugge nog onder een goed gesternte - anderhalve maand na zijn transfer debuteerde Blondel op Westerlo om tot de slotspeeldag niet meer uit de ploeg te verdwijnen - dan ging het nadien met hem bergaf. Hij had moeite om zich in de ploeg te knokken en werd ook niet gespaard door letsels, onder meer aan de enkel. Datzelfde lijkt hem nu weer te overkomen : temperament en lichaam maakten een einde aan een veelbelovende periode. De bondscoach van de beloften, Jean-François de Sart, meent dat het tijd wordt dat het jonge talent uit Ploegsteert de beloften inlost. "Hij moet zich dit seizoen doorzetten, anders riskeert Jonathan een eeuwige belofte te blijven." Andere voetbalkenners vinden dat nog iets te scherp gesteld, maar dat Blondel de voorbije twee jaar weinig of niet evolueerde, is ook hen duidelijk. En waaraan dat dan ligt ? Chris Van Puyvelde, vorig seizoen assistent-trainer van Club Brugge, nu bij Olympiacos : "Vorig seizoen was er geregeld druk vanwege de media op Trond Sollied om Jonathan op te stellen. Ik vond dat niet terecht, omdat hij heel lang sukkelde met de enkel. Zijn grote probleem is dat hij alles aan 150 procent wil doen. Ook op training gaat alles in overdrive, zelfs bij zijn revalidatie. Te snel denkt hij dat alles in orde is. Naar mijn mening bouwt hij overal te weinig rust in, zowel in zijn leven als in zijn spel. Ik vergelijk hem met een Formule 1-wagen : altijd naar alles vliegen, tegen heel hoge snelheid. Hij vindt nooit de rust om de zaak een keer te relativeren. Hij kwam terug, herviel dan, werd ongeduldig, wilde zich in de ploeg knokken, ging wild om zich heen schoppen en tackelen en vliegen. Ik stel het misschien wat overdreven, maar ik miste mentale rust. Ik weet niet meer hoe het nu precies met zijn thuissituatie zit - dat is privé - maar voor zo'n jongen is het belangrijk dat hij ook daar rust vindt, in plaats van iemand die hem probeert extra aan te wakkeren. "Toen hij overkwam van Tottenham, zag je direct dat het een zeer gedreven voetballer was, maar ook dat hij voor een stuk gefrustreerd was door dat avontuur. Te weinig speelkansen, je kent dat. Op training was hij ontzettend gedreven, in die periode alles met 200 km per uur zelfs. Hij werkt en loopt veel, daar valt niks op te zeggen, maar wij merkten dat hij soms met de bal ging lopen zonder een oplossing te hebben. Niks tegen lopen, maar op het moment dat je een bal krijgt en je begint ermee te lopen, moet dat de oplossing zijn. Je moet geen oplossingen zoeken terwijl je al aan het lopen bent. Ik heb hem al vergeleken met een bouvier, maar Jonathan zou moeten leren dat hij niet altijd een bouvier kan blijven. "Evolueren kan, mits je een langere periode blessurevrij blijft en stabiliteit vindt. Op de duur kom je in een vicieuze cirkel terecht. Je wil jezelf bewijzen, snel terugkomen, direct alles forceren, waarop je gaat hervallen en geen rustpunt meer vindt. Zijn evolutie dit seizoen volg ik via kranten en internet, maar mijn indruk is dat het nog steeds een beetje hetzelfde is."Wordt hij dan onterecht afgeschilderd als grote belofte ? "Helemaal niet. Hij heeft snelheid, ondanks zijn gestalte ook kopspel, hij heeft een hele goeie linkervoet, is technisch begaafd, is agressief, hij heeft zeer veel kwaliteiten. Het mankeert hem alleen aan rust om die kwaliteiten optimaal te benutten. Want je kan niet zeggen dat wij hem geen kansen gaven, in dat eerste seizoen heeft hij zeer lang in de ploeg gestaan. Pas vorig jaar is de miserie begonnen, omwille van die blessures. En dan is het bij elke topploeg voor eender wie moeilijk. Als je ooit de ambitie hebt om van het ene naar het andere te stappen, heb je nood aan volwassenheid, rust en stabiliteit. Een huis gebouwd op funderingen die inzakken, zal hoe dan ook scheuren."Polyvalentie is wel zijn troef, op de linkerflank of centraal, Blondel kan in theorie alles spelen. Paul Van Himst stelde zaterdag in de krant : "Blondel is voor mij een typische linksbuiten, bij een Spaanse middenmoter doet hij elke week mee." Van Puyvelde : "Hij kan overal spelen, ja. Hij zegt dat hij zich centraal beter voelt, omdat hij dan overal kan zwerven, en daarop zeg ik ja, als hij ten minste bepalend wordt. Als je dat opeist, moet je het spel naar je trekken in je acties en in het vervolg ervan. Op de flank ligt dat iets makkelijker, daar moet je niet constant bepalend zijn. In de as wel. Die discussie vind ik nu niet relevant zolang hij die stabiliteit niet heeft."Jan Ceulemans, zijn huidige trainer, onderkent hetzelfde probleem in zijn speler : een gebrek aan rust. Ceulemans experimenteerde de voorbije weken zelfs even met het talent door hem niet langer als linksbuiten of linksmidden op te stellen, maar als linksachter. Ceulemans : "Uiteraard is Jonathan geen linksachter, dat weet ik ook wel. Maar op termijn kan dat misschien komen. Ik heb het geprobeerd, omdat ik met blessures kampte, maar ook omdat hem daar misschien sneller duidelijk zou worden hoe belangrijk positie houden in het voetbal is. Op het gepaste moment lopen, niet constant. Leren dat het spel niet alleen aanvallen is. Die jongen heeft alles, maar het evenwicht is er nog niet. Vind ik ook niet zo erg, hij is nog steeds pas 21. Hem nu al een eeu- wige belofte noemen vind ik nog wat vroeg. Die jongen kwam heel vroeg kijken, maar heeft nog steeds geen 34 wedstrijden in eerste klasse gespeeld."Zorgelijk, nu door de terugkeer van een aantal geblesseerden ook in Brugge de postjes weer duurder worden ? "Ik heb er dertig. Als die allemaal fit zijn, moet ik er minstens twaalf ontgoochelen. Er kan nu eenmaal maar achttien man op het wedstrijdblad. Voor een trainer is dat comfortabel, voor een speler minder. Maar de tijden zijn veranderd. Als je in onze tijd op je 20ste, 21ste niet vast in de ploeg stond, kon je het quasi vergeten. Nu zijn ze overal gemiddeld wat ouder. Die jongen heeft ook veel tegenslag gehad : vorig seizoen de enkel, nu de teen na een trap. Je kan niet blijven spelen met inspuitingen. Na een wedstrijd één, twee dagen niet kunnen trainen is een tijdje vol te houden, maar niet te lang. Zo krijg je ontstekingen. Mijn indruk is dat er beterschap is, dat hij door die paar matchen als linksachter beseft dat hij niet altijd hoeft te lopen, dat voetballen vanuit de positie voor een ploeg minstens even belangrijk is als een actie. Eén keer ze dat beseffen, kunnen jongeren plots héél snel bruikbaar zijn."Aimé Anthuenis nam Blondel destijds al in zijn eerste selectie als bondscoach op, in 2002. De Ploegsteertenaar werd twee jaar later nog eens opgevist voor twee vriendschappelijke interlands toen hij tijdens zijn eerste maanden voor Club Brugge in de ploeg stond, maar viel vervolgens terug. Ook bij de beloften, voor wie hij in de vorige campagne slechts sporadisch in actie mocht komen. Lanceerde de bondscoach hem niet te vroeg ? Anthuenis : "Ik nam hem erbij, omdat ik de indruk had dat een speler met zijn profiel paste in de zware verjonging die ik wilde doorvoeren. Brugge heeft een groot potentieel aan jong talent en daar is hij zeker bij. Eén voordeel als je alle jongeren analyseert die ik in de nationale ploeg bracht is : zeker tachtig procent van die spelers is rechtsvoetig, maar Jonathan heeft een hele goeie linker. Dat hij bleef hangen, is niet ongewoon voor een Belgische jongere. Jan heeft gelijk : de kernen zijn groter geworden, zeker de laatste drie, vier jaar. Dat er nu al achttien op het wedstrijdblad kunnen, is een verbetering, maar veel jongeren verdwijnen te lang in de anonimiteit van de reserven. Eén, twee jaar soms. Sommigen krijgen daar een mentale klap van, anderen niet. Soms verlaat zo'n speler een topclub om dan via een andere ploeg terug te keren. Zie Karel Geraerts, zie Hans Cornelis. Wat Blondel nu overkomt, hoeft niet te verrassen. Als Club Klukowski haalt én Leko, weet je dat je nummer drie bent. Al kan het heel snel gaan, denk maar aan Vanaudenaerde. Die mag je al titularis noemen."Met aandacht volgde Anthuenis het experiment met Blondel als linksachter. "Uiteraard is dat niet zijn positie en je merkt dat hij verdedigend nog heel onbesuisd is. Dat is globaal het kenmerk van zijn spel : ongeduldig, bruusk, te veel lopen, de gaten dikwijls dicht lopen, zodat het geen oplossing is. Ik zie hem vooral op het middenveld, links in een driehoek bij een 4-3-3 of als linksbuiten in een 4-4-2. Een eeuwige belofte wil ik hem nog niet noemen, maar hij moet inderdaad nog wat bijleren. Qua positiespel, qua geduld. Aan inzet echter geen gebrek en hij heeft een paar basiskwaliteiten die niet aan te leren zijn. Loopvermogen, levendigheid en linksvoetig."Talenten en hun progressie, Wim De Coninck weet er alles van. Toen hij nog scoutingopdrachten voor Eendracht Aalst vervulde, dacht hij met Sebastian Hermans een groot talent in wording te hebben. Tot hij Geert Broeckaert ontmoette. Die was zo mogelijk nog lyrischer over Jonathan Blondel. Ruim vijf jaar later is de ene helemaal in de anonimiteit verdwenen. Blondel niet. Maar, zo constateert de analist van Belgacom, "Blondel maakt toch ook weinig progressie."De Coninck : "Ik ga enkel af op wedstrijden, zie niet wat er gebeurt op training. Het blijft vliegen, van hier naar daar, alles in een hoog tempo. Ik mis rust, ik mis positie, ik mis beheersing. Hij speelde een goeie eerste helft tegen Rapid, omdat hij daar volledig vrij werd gelaten en hij verdedigend naar niks hoefde te kijken, maar als dat wel moest, ging het niet goed. Veel te snel plat. Heel moeilijk tegen Lokeren, dramatisch op Standard als linksmidden. Hij pakt geregeld een kaart, doet alles met één snelheid, mist overzicht, kortom, er zit geen progressie in. Hij leest het tempo niet, beheerst het niet. In zijn beginperiode onder Sollied ging hij ook veel te vaak liggen. Blijf eens recht, dacht ik dan, ik ergerde me mateloos. Het leek ook altijd heel spectaculair, maar als je de beelden dan beter ging bekijken, bleek er vaak amper iets te zijn."Hoe leer je die rust inbouwen ? "Door er hem voortdurend op te wijzen. Ik zou al beginnen om hem altijd in twee tijden te laten voetballen. Leren spelen vanuit de passing. Hij moet beseffen dat hij niet altijd de actie kan maken. Maar om nu daarom al het etiket eeuwige belofte op die jongen te plakken. Daarvoor is het te vroeg."l PETER T'KINT'HIJ BOUWT TE WEINIG RUST IN, ZOWEL IN ZIJN LEVEN, ALS IN ZIJN SPEL.' CHRIS VAN PUYVELDE