T im Matthijs : "Ik ben op mijn vijfde beginnen te voetballen, achterin, maar ze hebben mij vrij snel naar voren geschoven. Ik maakte doelpunten en ik vond dat tof. Op den duur werd dat een obsessie. De trainers lieten mij doen, ook toen ik van Strijpen naar Zottegem ging. Ik heb het niet bijgehouden, maar het meeste was ooit 45 en een keer 40 goals bij de miniemen. Daarna vermindert dat natuurlijk ( lachje).
...

T im Matthijs : "Ik ben op mijn vijfde beginnen te voetballen, achterin, maar ze hebben mij vrij snel naar voren geschoven. Ik maakte doelpunten en ik vond dat tof. Op den duur werd dat een obsessie. De trainers lieten mij doen, ook toen ik van Strijpen naar Zottegem ging. Ik heb het niet bijgehouden, maar het meeste was ooit 45 en een keer 40 goals bij de miniemen. Daarna vermindert dat natuurlijk ( lachje). "Toen ik van de juniors naar de eerste ploeg van Zottegem ging, ben ik geëvolueerd. Want als je de bal aannam en je begon te lopen, was je hem negen van de tien keer kwijt. Ik ben dan ook meer voor de ploeg gaan werken, openingen maken, tactisch meer proberen te zien. Want het is niet alleen scoren wat belangrijk is. Zo ben ik geëvolueerd naar een werker op het veld. Ben ik na een match niet moe, dan voel ik mij niet zo goed. Er zijn spelers die dat kunnen : je ziet ze een hele wedstrijd niet en dan is het ineens prijs. Maar ik zou nerveus worden. Ik heb het nodig om af en toe de bal te voelen. "Ik ben enig kind, ik speelde vroeger altijd alleen met een tennisbal minivoetbal op de koer bij mijn grootmoeder. Ik zette een schepnet om te vissen omgekeerd tegen de muur en dat was mijn doel. Zo heb ik, denk ik, technisch wel wat bijgeleerd. Het kon niet uitblijven dat ik voetballer zou worden. Ik was er zot van. "Als kind alleen word je al eens wat meer verwend, maar mijn ouders hebben daarin zeker niet overdreven. Een paar keer hebben ze mij vakantiejobs laten doen aan den band. Bij Crown Bedding in Zingem moest ik kussens in kartonnen dozen steken. Van vijf uur 's morgens tot één uur 's middags. Die tijd zal ik nooit vergeten. Ik zag dat echt niet zitten om dat werk heel mijn leven te moeten doen. Dat vormde voor mij een grote motivatie om het in het voetbal waar te maken. "Ze wisten dat de school niks voor mij was, maar mijn humaniora heb ik wel afgemaakt op de sportschool in Oudenaarde. Ik heb even handel gedaan, maar één uur sport per week en voor de rest hele dagen op die banken zitten was niks voor mij. In Oudenaarde had ik tien uur sport en was je twee dagen per week weg. Dat was het perfecte leven : ik moest buiten kunnen zijn, mij afreageren. "Toen Gent kwam met een semi-profcontract heb ik geen moment getwijfeld. Niet te doen ! Ik neem de telefoon op en het is Gilbert De Groote, aan wie ik eigenlijk alles te danken heb. 'Je mag eens bij meneer Louwagie komen', zei die. Ik dacht : 't is niet waar, hé. Mijn sleutelbeen was toen net nog gebroken omdat ik was gaan snowboarden, een drievoudige breuk, waardoor er nu nog altijd een plaatje in mijn schouder zit dat er op het eind van het seizoen uit moet. "Gilbert De Groote had Louwagie overtuigd om mij een contract aan te bieden. Eigenlijk heb ik niet gekeken wat ik tekende. Hij was bezig over de verdiensten, maar ik zat naar de andere kant te kijken : ik wou zo snel mogelijk beginnen te trainen en spelen voor AA Gent. Als ik voor het financiële had willen kiezen, had ik in derde of vierde moeten blijven. Racing Waregem, Zulte-Waregem en Oudenaarde deden allemaal voorstellen waar je als twintigjarige toch eens van moest slikken. Maar ik wou sportief omhoog en Gent is de ploeg van mijn hart. "Mijn eerste wedstrijd van Gent als supporter was tegen Racing Mechelen in de beker. Ik herinner mij nog - ik was héél jong - hoe mijn nonkel binnenkwam en mij mee vroeg. Sindsdien ben ik verslaafd aan AA Gent. Veel weet ik niet meer van de match, alleen de penalty's en de sfeer. Dat stadion, al die mensen, dat was voor mij iets onvergetelijks. Ik heb graag sfeer. In een groep zal ik er altijd wel tussen zitten om ambiance te maken ( grijnst). Het was daarna altijd uitkijken naar het weekend omdat je dan naar Gent kon. "Ze hadden een goeie ploeg toen met ErwinVandenbergh en Eric Viscaal. Zij waren de enige twee spelers over wie ik sprak. Ik wist zelfs niet wie er achteraan speelde. Onder de kerstboom lagen op een gegeven moment twee pakjes voor mij : eentje met een truitje van Erwin Vandenbergh en nummer 9 erop en een ander van de Rode Duivels met een kapiteinsband. Ik heb daar nog altijd een foto van ( glimlacht). Er zijn nu al jongetjes die mij om een truitje vragen, maar als ik daarop inga, moet ik er al vijftig bestellen ( lacht). "Onlangs heb ik Eric Viscaal ontmoet op een supportersavond van AA Gent. Dan komt er even een moment dat je beseft hoe onoverbrugbaar die afstand een paar jaar geleden nog leek, terwijl je er nu gewoon mee staat te praten. Ik zal nooit vergeten vanwaar ik kom, op zaterdag maak ik dus altijd mijn uitstapje naar de jeugd van Zottegem. Die jongetjes kijken ook op naar mij : het bewijs dat je van vierde nationale naar eerste kan. "S andy Martens was, omdat hij uit mijn streek kwam, ook een van mijn voorbeelden. Hem heb ik op de eerste training ontmoet. We moesten hier om halftien zijn, maar ik stond er al om negen uur omdat ik altijd overal te vroeg ben ( lacht). Ik zat beneden aan de poort te wachten, want ik durfde het terrein niet eens op rijden. Toen ik Sandy met zijn Mercedes zag komen, ben ik erachter gereden met mijn wit Fiestaatje. Hij heeft mij wegwijs gemaakt, wat ik wel tof vond van hem. Ik voelde mij direct thuis. "Ondertussen heb ik mijn ambities wel verlegd. Nu hoop ik elke wedstrijd op een invalbeurt in plaats van er gewoon bij te zijn. Want je raakt toch in die sfeer : er is niks toffer dan die adrenaline die je voelt als je in een vol stadion speelt. Tegen Brussels was er redelijk veel volk, veel mensen van Zottegem die kwamen kijken. Toen die bal binnenging, dat gevoel, dat was ongelooflijk. Ik werd er efkes emotioneel van. Vorig jaar kwam er voor een topper soms eens vijfhonderd man kijken, nu speel je wekelijks voor minimaal vijfduizend man. Daar ben ik nu ook aan gewend geraakt. Het is eigenlijk verslavend : je wil altijd meer." door Raoul De Groote'Ik zal nooit vergeten vanwaar ik kom.'