De autosportjournalisten klagen steen en been. Hoe ouder, hoe harder. Want vroeger gingen ze met de auto werken. Naar de Nürburg-ring, daarna een keertje naar Zandvoort of Dijon, altijd goed om onderweg een kistje pinot noir te scoren. En ja, Zeltweg lag wel iets verderop in Oostenrijk, maar wat was die sfeer daar toch schitterend, met die campings rond het circuit. En het Kanaal over naar Silverstone of Brands Hatch, het was een bedevaart naar de bakermat. Jarama of Barcelona, dat was altijd vakantie. Monza? Lekker eten en hoogmis in Ferrariland. Amper twee of drie keer per jaar was een...

De autosportjournalisten klagen steen en been. Hoe ouder, hoe harder. Want vroeger gingen ze met de auto werken. Naar de Nürburg-ring, daarna een keertje naar Zandvoort of Dijon, altijd goed om onderweg een kistje pinot noir te scoren. En ja, Zeltweg lag wel iets verderop in Oostenrijk, maar wat was die sfeer daar toch schitterend, met die campings rond het circuit. En het Kanaal over naar Silverstone of Brands Hatch, het was een bedevaart naar de bakermat. Jarama of Barcelona, dat was altijd vakantie. Monza? Lekker eten en hoogmis in Ferrariland. Amper twee of drie keer per jaar was een vliegtuig nodig. Naar Buenos Aires om door te reizen naar São Paulo, daarna nog even naar Kyalami. En aan het slot van het seizoen, in één adem, het Canadese Mosport en Watkins Glen, ergens bij New York. Het zou het verhaal van het seizoen 1974 kunnen zijn: vijf races buiten Europa, elf op het oude continent. Anno 2010 zijn er in totaal negentien races, waarvan nog maar zeven in het vroegere West-Europa. Van de andere twaalf zijn alleen Boedapest en Turkije geen langeafstandsvluchten voor de Europese journalist. "We mogen blij zijn dat we nog een race mógen organiseren", zegt André Maes, de organisator van Francorchamps. "Zelfs Frankrijk heeft geen F1 meer. En tal van nieuwe landen staan te dringen om op de kalender te raken." De man heeft gelijk. Al die geschrapte Europese races, vervangen door nieuwe in verre oorden, het heeft alles te maken met het almaar hogere startgeld dat Bernie Ecclestone vraagt. Abu Dhabi is bereid dat te betalen, maar Frankrijk kan niet meer en Oostenrijk wil niet meer. Het precieze bedrag, dat is à la tête du client. In Francorchamps, belangrijk om toch nog een paar circuits met traditie te behouden, kan het voor 14 miljoen euro, terwijl Singapore dik 45 miljoen euro betaalt. En zo rijdt de F1 komend weekend in Zuid-Korea, op een nagelnieuw circuit. Want Ecclestone, die trekt naar de meest biedende. Uit winstbejag, maar ook een kwestie van overleven. Een paar jaar geleden verkocht hij immers een groot pakket aandelen van zijn holding, die de commerciële F1-rechten bezit en dus eigenlijk eigenaar van de sport is, aan investeringsmaatschappij CVC Capital. Zelf bleef hij de zaak runnen, bij CVC hadden ze daar immers geen ervaring mee. Concreet betekent dat: poen scheppen opdat CVC Capital de loodzware miljardenlening voor die F1-aandelen zou kunnen betalen. Het circus moet dus zo veel mogelijk opbrengen. Ook daarom wil Ecclestone het aantal races opdrijven tot 25 vanaf 2012. En neen, dat betekent niet dat de F1 zal terugkeren naar Zolder. In India en het Amerikaanse Austin zijn ze volop aan het bouwen aan dat nieuwe circuit. Het contract met de Russen voor een race in badstad Sotshi moet alleen nog getekend worden - Ecclestone zou daar 40 miljoen euro startgeld vragen. Het zijn maar een paar van de vele kandidaten. Want zo gaat dat: vroeger ging de F1 racen in landen waar ze een circuit hadden. Nu bouwen landen met genoeg overheidsgeld circuits om de formule 1 op bezoek te krijgen. door jo bossuyt