De komst van de gespecialiseerde voetbalverslaggeving, met Canal+ als pionier, is zonder meer een zegen voor de voetballiefhebber. Heldere tactische analyses, deskundige co-commentatoren en als toetje Robin Janssens. Maar wat een zegen is voor ons, de modale voetbalsupporter, dreigt niets minder dan een gesel te worden voor de voetballer zelf. Het probleem situeert zich langs de lijn. Nog in het heetst van de strijd wordt jonge, onervaren en vaak niet overdreven verbale voetballers een microfoon onder de neus geduwd. Dé grote fout die vele voetballers in zulke situatie dreigen te maken, is op dat moment te zeggen wat iedereen heeft gezien maar beter niet zegt, zoals ...

De komst van de gespecialiseerde voetbalverslaggeving, met Canal+ als pionier, is zonder meer een zegen voor de voetballiefhebber. Heldere tactische analyses, deskundige co-commentatoren en als toetje Robin Janssens. Maar wat een zegen is voor ons, de modale voetbalsupporter, dreigt niets minder dan een gesel te worden voor de voetballer zelf. Het probleem situeert zich langs de lijn. Nog in het heetst van de strijd wordt jonge, onervaren en vaak niet overdreven verbale voetballers een microfoon onder de neus geduwd. Dé grote fout die vele voetballers in zulke situatie dreigen te maken, is op dat moment te zeggen wat iedereen heeft gezien maar beter niet zegt, zoals Olivier Deschacht in het verleden wel eens pleegde te doen. Stel je voor : Hans Cornelis die straks, als Brugge tegen Dortmund bij de rust 3-0 achter staat, leukweg komt vertellen dat Trond Sollied maar beter aan zijn normale 4-3-3 had gehouden in plaats van een 5-4-1 op te stellen. Drama ! De carrière van zo'n jongen gebroken. Nu bestaan er gelukkig oplossingen voor zulke problemen. We willen hier als voorbeeld Dany Verlinden aanhalen. Nog nooit betrapt op domme uitspraken. Steeds rustig en relaxed achter de microfoon. Werkt zulke interviews keurig af. Interviewer tevreden, de mensen thuis tevreden, Dany tevreden, Trond tevreden. Het wapen van Dany : het cliché. Nergens in de taal zijn er mooiere clichés dan in het voetbal. Het cliché, zo zouden we willen omschrijven, drukt in een onweerlegbare waarheid het wezen van voetbal uit. Het verenigt zeldzame kwaliteiten in zich. Het cliché beantwoordt alle vragen, is flexibel, kwetst niet (zelfs Emilio Ferrera niet) en drukt op een subtiele manier kritische vragen de kop in doordat het geen tegenwoord verdraagt. Clichés zijn er in alle maten en vormen. De klassiekers onder de clichés drukken niet meer uit dan kurkdroge feiten : de bal is rond. Een wedstrijd duurt negentig minuten. Dat is voetbal. De ene wedstrijd is de andere niet. In alle situaties te gebruiken. Voor een hopeloze wedstrijd is in voetbal is alles mogelijk geschikt, maar ook het hoger genoemde de bal is rond biedt een optie. Na diezelfde hopeloos verlóren wedstrijd doen volgende gemeenplaatsen het goed : gaat die bal erin, dan krijg je een hele andere wedstrijd, het mooie, metaforische we moeten ervoor zorgen dat de neuzen weer in dezelfde richting wijzen of het poëtische we hebben deze slag verloren, maar de oorlog nog niet. Aansluitend bij de vorige zijn er clichés als voetbal is oorlog en voetbal is geen sport voor dames of in een iets stoutere variant voetbal is geen sport voor mietjes, waarmee een ordinaire schoppartij wordt goed gepraat. Na een overwinning past bescheidenheid : de competitie duurt nog lang, er zijn nog veel punten te verdienen. Een klassieker uit de mond van Dany is : je bent maar zo oud als je jezelf voelt en natuurlijk als keeper word je betaald om de ballen tegen te houden, al verkiezen sommige keepers voor die laatste de iets zinnenprikkelender variant als keeper sta je er om ballen te pakken. Ik zou daarom van dit forum willen gebruikmaken om een oproep te lanceren om deze beperkte bloemlezing van voetbalclichés verder aan te vullen. Daarmee bewijzen we niet alleen een ongeschreven stuk van onze taal een dienst, maar ook de Hans Cornelissen dezer aarde. Het zal dan immers volstaan om voor een wedstrijd dit blad snel te consulteren om met de vingers in de neusgaten het venijn van Robin Janssens en zijn trawanten probleemloos te doorstaan. Joost Hutsebaut, Leuven