Wie antwoordde op onze enquête? 7.418 formulieren werden door u, lezer, ingevuld en daarvan werden er 7.120 tot in de kleinste details de voorbije weken verwerkt. Uit Nederlandstalige hoek kwamen 4.903 antwoorden, uit Franstalige hoek 2.515. Daarvan kwamen ruim 5.000 antwoorden binnen via een poll op het internet, en de rest via de post. Voetbalwedstrijden worden meer en meer bijgewoond door vrouwen, maar vraagjes oplossen blijft in hoofdzaak een mannenzaak, 95 procent werd ingevuld door een man.
...

Wie antwoordde op onze enquête? 7.418 formulieren werden door u, lezer, ingevuld en daarvan werden er 7.120 tot in de kleinste details de voorbije weken verwerkt. Uit Nederlandstalige hoek kwamen 4.903 antwoorden, uit Franstalige hoek 2.515. Daarvan kwamen ruim 5.000 antwoorden binnen via een poll op het internet, en de rest via de post. Voetbalwedstrijden worden meer en meer bijgewoond door vrouwen, maar vraagjes oplossen blijft in hoofdzaak een mannenzaak, 95 procent werd ingevuld door een man. Een jonge man bovendien: ongeveer 52 procent van de antwoorden kwamen van jongeren of jongvolwassenen tussen 15 en 29. Niet geheel verrassend is 35,7 procent van de respondenten dan ook nog student. Nog dit: quasi alle antwoorden op onze rondvraag kwamen van supporters van ploegen uit eerste klasse. Opvallend: die hebben naast een eersteklasser vaak ook nog een favoriete ploeg in ... provinciale, maar niet in de tweede of derde klasse. Ook opvallend: slechts 34 procent van de respondenten noemt zich ook supporter van de nationale ploeg. Blijkbaar zijn die twee werelden toch gescheiden. In welke mate bent u tevreden over uw club en haar spelers? Opvallend in die cijfers: u bent tevreden over het comfort binnen het stadion, de bereikbaarheid, de afhandeling van de ticketverkoop, over communicatie en stewarding en veiligheid is voor u geen issue meer. Alleen het niveau van het Belgische voetbal valt tegen voor zo goed als zeven van de tien respondenten. De communautaire bekommernis leeft vooral in Vlaanderen, minder in Wallonië. Opvallend in de antwoorden: u vindt, ondanks de overvloed aan transfers, dat het nog best meevalt met de clubliefde van de Belgische voetballer, zijn aanvalsdrift en het transferbeleid van uw club. Wel vindt haast twee derden onder u dat de transfersommen niet langer acceptabel zijn. Opvallend is ook het verschil in tevredenheid tussen Vlaanderen en Wallonië over het spel van de ploeg. Hoe betrokken bent u bij uw club? Nauw, zo blijkt uit de enquête. Ruim 36 procent heeft een jaarabonnement in eerste klasse. Opvallend is het verschil tussen Vlaanderen en Wallonië op dat vlak: ruim 40,9 procent van de Vlamingen nam vorige zomer een jaarabonnement, in Wallonië was dat maar 28,5 procent. Misschien/wellicht heeft dat met geld te maken. Voor twee derde van de Vlamingen is het voetbal te duur, en aan de andere kant van de taalgrens ligt dat zelfs nog hoger, daar vindt drie op vier dat het te veel kost. Opvallend: zij die de enquête invulden zijn echt wel trouwe supporters. Ze hebben een abonnement, of kopen regelmatig tickets én ruim één op vijf zegt naar alle wedstrijden van zijn favoriete club te gaan kijken, zowel uit als thuis. Waarom wordt iemand supporter van een club? Dat heeft met vrienden te maken, collega's, ligging, maar ook, en dat is opvallend: met het spelniveau van de club (de meeste respondenten zijn supporter van een topclub) en met het succes van die club. Spelniveau is voor 37 procent de belangrijkste reden, het succes voor 33 procent. Of een stadion comfortabel is, geeft maar vijftien procent op als belangrijk in de keuze. Ook opvallend: websites van clubs zijn ontzettend populair, ook bij de respondenten die nog via de klassieke manier, de post, deze enquête invulden. Negen op de tien (!) bezoekt de website van zijn club, meer dan zes op tien die van andere clubs. Vier op tien is ingeschreven op een nieuwsbrief van zijn club, twee op tien koopt merchandising via de website en bijna één op tien ontvangt sms'jes van de club. Conclusie: de band met uw club is heel nauw, uw antwoorden op de andere vragen neemt men dan ook best heel serieus.door thomas bricmont, peter t'kint en frédéric vanheule