Voor het eerst sinds de 0-2 nederlaag tegen Bulgarije op 7 september 2002, speelden de Rode Duivels vorige week nog eens thuis. Na de zware afstraffing in Kroatië een uitgelezen kans om zich te rehabiliteren voor eigen publiek. Aimé Anthuenis schuwde woensdag het risico niet en haalde - door de onbeschikbaarheid van de Anderlechters Yves Vanderhaeghe en Junior - de 21-jarige Gaby Mudingayi (AA Gent) van de beloften naar de A-ploeg, waar hij debuteerde als buffer voor de verdediging. Niet alleen vanuit Gentse hoek werd die selectie op scepsis onthaald, ook de bondscoach zelf had vooraf twijfels, reden waarom hij bij voorbaat al de verantwoordelijkheid voor een eventueel falen van de speler op zich nam.
...

Voor het eerst sinds de 0-2 nederlaag tegen Bulgarije op 7 september 2002, speelden de Rode Duivels vorige week nog eens thuis. Na de zware afstraffing in Kroatië een uitgelezen kans om zich te rehabiliteren voor eigen publiek. Aimé Anthuenis schuwde woensdag het risico niet en haalde - door de onbeschikbaarheid van de Anderlechters Yves Vanderhaeghe en Junior - de 21-jarige Gaby Mudingayi (AA Gent) van de beloften naar de A-ploeg, waar hij debuteerde als buffer voor de verdediging. Niet alleen vanuit Gentse hoek werd die selectie op scepsis onthaald, ook de bondscoach zelf had vooraf twijfels, reden waarom hij bij voorbaat al de verantwoordelijkheid voor een eventueel falen van de speler op zich nam. Achteraf concludeerde Anthuenis dat de Gentse middenvelder (1m80, 80 kg) "zeker niet de slechtste" was geweest. Mudingayi had zijn kilo's in de strijd gegooid, nu en dan wel wat gezwommen, was niet echt bij de les bij de Poolse tegengoal, maar op nog één wild buiten gekeilde bal na, was hij toch mooi overeind gebleven. Rustig leverde hij de bal meestal meteen in bij de vaak in zijn buurt vertoevende Walter Baseggio, die dan voor de opbouw zorgde. Baseggio, onder Anthuenis bankzitter in Kroatië maar verder in tijden van fitheid altijd in de basis, lijkt zijn plaats opnieuw veroverd te hebben. Als clubtrainer was Anthuenis een grote fan van Afrikaanse voetballers, die kracht paren aan snelheid en inzet. Dat weten ze in Frankrijk al langer : de kracht van les Bleus ligt precies bij de inwijkelingen uit de voormalige Franse kolonies, als daar zijn Henry, Vieira of Desailly. En als het regent in Parijs, druppelt het vaak in Brussel : misschien zien we straks bij de Rode Duivels wel meer voormalige Congolezen terug. De kwaliteiten van Emile Mpenza zijn bekend, zonder blessure had Junior ook al de sprong naar de A-ploeg gemaakt, Mudingayi verdient een nieuwe kans, en op rechts vond Anthuenis dat MboMpenza met nauwelijks training en ritme in de benen alvast voor meer evenwicht zorgde. "Hij heeft zijn plaats gepakt", was het oordeel van de bondscoach. Mbo bracht bevestiging van zijn kunnen, maar sukkelt nog steeds met de naweeën van een blessure uit de bekermatch tegen Overpelt, en zoals Anthuenis het stelde : "Ik kan hem slechts opstellen als hij fit is". Voor het eerst sinds Anthuenis bondscoach is, was dat vorige week dus het geval. Andere lichtpunten ? Wesley Sonck, die met een prachtige vrije trap zijn eerste doelpunt op de Heizel maakte en stilaan veel regelmaat legt in zijn prestaties bij de nationale ploeg. Had het moeilijk tegen Bulgarije en Kroatië, maar scoorde in augustus tegen Polen, later tegen Andorra en Estland, in Algerije ook en nu weer tegen Polen. Ook bijzonder goed meevallend : Thomas Buffel, die als vanouds veel werk verrichtte en iets voor het uur een foutje in de Poolse verdediging weergaloos afstrafte. Buffel stelde niet onterecht vast dat de samenwerking met Sonck opnieuw behoorlijk verliep, en dat er misschien een beter evenwicht is als de ploeg in een echte 4-4-2 speelt, dan - zoals in Zagreb - met hem áchter de tandem Sonck-Mpenza. Aan Anthuenis om deze knoop door te hakken, al lijkt het erop dat de gouden driehoek voor de topwedstrijden inmiddels al begraven is. Tot het doelpunt van Buffel had de wedstrijd goed op slot gezeten, met weinig kansen aan beide kanten, zodat de Rode Duivels niet mochten klagen. Opvallend was dat zij niet veel beter waren dan hun Poolse, gemiddeld iets oudere tegenstanders, alleen iets kansrijker. Uiteindelijk viel in de slotminuten nog aan beide kanten een goal. Eerst liet Sandy MartensMichal Zewlakow lopen, die de ook al vrijgelaten invaller Krzynowek de 2-1 aanbood. En vlak erna forceerde TomSoetaers zijn eerste doelpunt als international. Een ruime en deugddoende zege was het resultaat. Goed voor het vertrouwen, maar weinig meer. De minpunten dan. Eén : wat weinig gewicht voorin. Tegen Polen was dat niet erg, tegen Letland en Andorra kon het ook nog gecamoufleerd worden, maar tegen de ervaren Kroaten was het dodelijk en straks in Bulgarije moet de beuk erin en zou een breekijzer op de bank best welkom zijn. Cédric Roussel toonde zich - wellicht terecht - verbaasd dat hij als enige alternatief voor die job over het hoofd werd gezien. In tijden dat presence en lengte ook in de ons omringende landen opvalt in de aanval, komen de Rode Duivels met hun kleine spitsen in de verdrukking. En ranke Sandy kon het na een paar goeie maanden bij Club Brugge ook niet volhouden. Dat Clubtrainer Trond Sollied voor de topper in Lierse een beroep deed op de Noren Rune Lange en Bengt Saeternes, was allicht ook niet toevallig. Tweede minpunt : de zwakke opbouw op de flanken. Bart Goor zat al beter in de match dan in Zagreb, maar rushes of verrassende bewegingen kwamen er niet uit zijn voeten. Hij lijkt bij Hertha vooral een harde, onopvallende werker te zijn geworden. En wat gezegd van de flankverdedigers ? Olivier De Cock staat in de ploeg sinds Andorra, behield die plaats omdat Eric Deflandre er in Zagreb ook niet in slaagde Rapaic af te stoppen, maar zit duidelijk door zijn beste vorm. En dat geldt ook voor Peter Van d er Heyden, die tot dusver met Didier Dheedene, Oostenrijks landskampioen, haasje over speelde, maar de adem van Jelle Van Damme en nu ook Olivier Deschacht in de nek voelt. Anthuenis zag fouten bij de Brugse linksachter, "maar die zag ik bij iedereen". Een goed elftal bouw je van achteruit en net daar is het zoeken. Geen onomstreden linksachter, geen vaste partner voor Timmy Simons in het centrum van de verdediging (waar de Bruggeling weer onopvallend degelijk was, met 45 minuten Joos Valgaeren en 45 minuten Daniel Van Buyten naast zich), en geen altijd overtuigende rechtsachter. Op 7 juni wacht de Rode Duivels een zware verplaatsing naar Sofia, waar het tegen Bulgarije alles of niets is met het oog op plaatsing voor het EK 2004 in Portugal. Bij verlies is het voorbij en kan Anthuenis - die met Mudingayi al aan zijn tiende debutant toe was in zeven interlands - écht gaan bouwen aan de toekomst. Maar tot dan moet de sterkst mogelijke ploeg in elkaar worden gestoken die, zo zag Simons het, "voor de drie punten moet gaan in Sofia".De sterkst mogelijk ploeg. Mét iemand als Roussel als joker op de bank, al zijn de Bulgaarse verdedigers niet van het niveau van de Kroaten, en met kracht, tactisch doorzicht en technisch vermogen op het middenveld. Is Mudingayi daar al klaar voor ? De Gentenaar moet een nieuwe kans krijgen, maar in Sofia al ? Alternatieven zijn er nauwelijks, tenzij Simons terug naar het middenveld wordt gehaald en Glen De Boeck, aan de knie geraakt, maar sterk bezig met Anderlecht, weer bij de selectie komt, elf maanden na de vorige interland tegen Bulgarije, toen hij niet van de bank kwam en nadien niet meer werd opgeroepen. Het lijkt, gezien de vorm van beiden, de logica zelve : een leider achterin en een kilometervretende Gouden Schoen centraal. Polen was mooi als opsteker, maar zoals Timmy Simons zei : "Na Algerije leek het ook goed te zitten, maar hóé goed zag je tegen Kroatië". En dan mag Bulgarije nog zonder Balakov aantreden, die sinds woensdag officieel met pensioen is als international, dat er gevochten zal moeten worden in Sofia, dat er meer kracht in de duels zal moeten worden aangewend, dat wist de bondscoach woensdag direct na de zege tegen Polen ook al. Welnu dan. door Peter T'KintTegen Bulgarije zal een breekijzer als Roussel op de bank meer dan welkom zijn.