Het is amper 18 uur, maar het volk verdringt zich al in het stadion om niks van het spektakel te missen. De tickets zijn vlot de deur uit gegaan, maar het is geen vol huis. De verklaring daarvoor moet enkele maanden eerder gezocht worden. In de herfst van 2015 staat rode lantaarn Standard, geleid dor Yannick Ferrera, enkele minuten voor het einde op achterstand, maar de match kantelt nog door supporters die een regen van voetzoekers doen neerkomen aan de voeten van Nicolas Penneteau. De wedstrijd wordt onderbroken en Standard wint uiteindelijk met 2-3. Een jaar en twee maanden later haalt de wedstrijd zelfs het einde niet, beide supportersclans bakken het te bruin.
...

Het is amper 18 uur, maar het volk verdringt zich al in het stadion om niks van het spektakel te missen. De tickets zijn vlot de deur uit gegaan, maar het is geen vol huis. De verklaring daarvoor moet enkele maanden eerder gezocht worden. In de herfst van 2015 staat rode lantaarn Standard, geleid dor Yannick Ferrera, enkele minuten voor het einde op achterstand, maar de match kantelt nog door supporters die een regen van voetzoekers doen neerkomen aan de voeten van Nicolas Penneteau. De wedstrijd wordt onderbroken en Standard wint uiteindelijk met 2-3. Een jaar en twee maanden later haalt de wedstrijd zelfs het einde niet, beide supportersclans bakken het te bruin. Op die eerste zondag van maart mogen er dus maar 13.300 van de 15.000 zitjes bezet worden voor het duel van de Zebra's tegen de Rouches. Charleroi wint, voor de tweede keer nog maar in bijna tien jaar. Door een vrijschop van Dorian Dessoleil en een bom van Shamar Nicholson halen de manschappen van Karim Belhocine het van die van Michel Preud'homme. Zwart-wit viert uitbundig. 'Tussen de beide clubs en hun supporters is de rivaliteit nog nooit in de geschiedenis zo hevig geweest', toetert Mehdi Bayat. De afgevaardigd bestuurder van Charleroi weet waarover hij praat. In de acht jaar dat hij aan het hoofd staat - sinds de club weer promoveerde uit tweede klasse - is hij de favoriete vijand van Sclessin geworden. De jongste van de Bayatbroers had enkele maanden eerder een druppel olie op het vuur gegoten toen Standard voor de tweede keer op rij veroordeeld was tot play-off 2, terwijl zijn Carolo 's de top zes hadden gehaald. 'Charleroi rijst weer op uit zijn as. De stad mag er prat op gaan dat het vandaag de beste Waalse club herbergt', sneerde de Franse Iranees in elke microfoon die hem onder de neus werd geduwd. Aan de andere kant van Wallonië vielen die woorden in slechte aarde. Paul-José Mpoku schijnt ze alleszins nog niet verteerd te hebben wanneer hij op 26 december 2018 bij wijze van kerstcadeau de winninggoal aan de rood-witte supporters schenkt na een wedstrijd met dertien gele kaarten: 'Deze zege toont dat Standard de beste club in Wallonië is. Zo simpel is dat.''Van kleins af was voor mij de grote rivaliteit die met Anderlecht', vertelt Sébastien Pocognoli. 'Die met Charleroi is vrij recent. Zelfs in 2012, toen ik die vlag plantte, was dat eigenlijk maar voor de show. Ik denk niet dat er toen al echt een rivaliteit heerste. Ik was me alleszins niet bewust van de draagwijdte van mijn actie', aldus de linksachter die na een eclatant succes op de oever van de Samber (2-6) een rode vlag plantte in de middencirkel. Het kostte hem een boete van 650 euro en het statuut van publieke vijand op de tribunes van het Zwarte Land. 'De echte rivaliteit is begonnen net voor ik in 2013 naar Hannover vertrok', gaat Poco voort. 'Er waren een paar wedstrijden waarin je voelde dat de temperatuur steeg.' De Zebra's van Felice Mazzu legden het ongenaakbare Standard van Guy Luzon het vuur aan de schenen. 'Op het veld was het met het mes tussen de tanden', herinnert Dieumerci Ndongala zich. Felice Mazzu, meermaals het hof gemaakt door Standard, wist: van Charleroi naar Standard gaan, dat zorgt voor wrijving. In de zomer van 2017 werd hij gesolliciteerd door het duo Bruno Venanzi en Olivier Renard (die uiteindelijk Ricardo Sá Pinto zouden aanwerven), maar hij verklaarde dat hij nooit rechtstreeks de overstap zou maken naar de bank van Sclessin. Vorige zomer, vooraleer Philippe Montanier kwam, circuleerde de naam van Mazzu opnieuw in Luik, tot afkeer van de supporters. Nogmaals een bewijs dat op de tribunes de zenuwen gespannen staan. Veel meer dan op het veld, waar de brand na het afscheid van Sá Pinto stilaan uitdoofde. Michel Preud'homme had bewondering voor het werk van Mazzu en omgekeerd was dat ook zeker het geval. 'Nu lachen we daarmee bij Union', zegt Pocognoli. 'Charleroi-Standard was echt een rivaliteit van instituten, maar buiten het veld hebben we nooit problemen gehad met elkaar.' Op bestuursniveau was het een tijdlang wel een bewogen affaire. Een jaar of tien geleden ontstond er nochtans een bromance toen Standard gekocht werd door Roland Duchâtelet. De nieuwe voorzitter van de Rouches en zijn toenmalige tegenhanger bij de Zebra's, Abbas Bayat, zijn zakenmannen eerder dan voetbalmannen en zaten vaak op dezelfde golflengte. Hun onderling respect leidde tot enkele deals tussen de clubs ( zie kader). Maar toen Abbas de dirigeerstok doorgaf aan zijn neef Mehdi, bekoelden de relaties tussen de twee clubs. Mehdi Bayat verklaarde dat Ndongala niet verkocht werd, terwijl de Luikse voorzitter hem al op Sclessin zag. De komst van Bruno Venanzi zorgde niet meteen voor beterschap. In de ogen van de nieuwe voorzitter van Standard was Mehdi vooral de broer van Mogi Bayat en die stond voor hem symbool voor de uitwassen van een systeem dat hij net leerde kennen. 'In het begin was mijn relatie met Bruno niet geweldig', erkent Mehdi Bayat. 'Toen hij arriveerde bij Standard, heeft hij zijn oor bij veel mensen te luisteren gelegd, denk ik. Mensen die hem misschien een beeld voorspiegelden dat niet helemaal strookt met de realiteit. Hij dacht zeker dat ik mijn persoonlijke belangen wilde verdedigen. Gaandeweg werd het wel duidelijk dat we allebei voor het welzijn van het Belgisch voetbal ijveren.' Bruno Venanzi schuift die Waalse rivaliteit inderdaad aan de kant op een zaterdag in juni, in de gangen van het Glazen Huis van de voetbalbond. Geflankeerd door de sterke man van Charleroi organiseert de Standardvoorzitter in de vroege ochtend een vergadering met de afgevaardigden van het Waalse amateurvoetbal, die aansluitend mee een nieuwe bondsvoorzitter zullen kiezen. De Luikenaar en de Carolo stellen hun plan voor - en doen hier en daar een belofte - om Mehdi Bayat verkozen te krijgen aan het hoofd van het Belgisch voetbal en Philippe Godin, de kandidaat van de Waalse amateurclubs, ervan te overtuigen zich terug te trekken. De alliantie slaagt en Mehdi Bayat wordt bondsvoorzitter. Het is bij de officiële instanties dat beide mannen nader tot elkaar komen: bij de KBVB en ook bij de Pro League. Mehdi Bayat geeft toe dat hij Bruno Venanzi gepusht heeft om zich kandidaat te stellen voor een zitje in de raad van bestuur, 'omdat we allebei zien hoe de zaken evolueren. Er is geen bepaald moment waarop dat begonnen is, we beseften gaandeweg dat we tijdens de discussies - soms over erg uiteenlopende onderwerpen - vaak hetzelfde standpunt innamen. Beetje bij beetje hebben we elkaar beter leren kennen en het is een feit dat ik momenteel een goeie relatie met hem heb, net als met Alexandre Grosjean. ' Zo komt het dat Venanzi en Grosjean vaak nog wat blijven plakken na de vergaderingen, samen met de twee broers Bayat en ook met hun vader, die erg geapprecieerd wordt door het Luikse bestuur. 'Het zijn beiden zakenlui en intelligente mannen. Gelukkig maar dat ze overeenkomen! Wat voor zin zou het hebben dat de twee Waalse clubs elkaar dooddoen?', vraagt Roberto Bisconti (ex-Standard én ex-Charleroi) zich af. 'Het is in hun beider voordeel dat ze solidair zijn om tegengewicht te bieden in de voetbalbond. Anderlecht en Club Brugge hebben het Belgisch voetbal jaren gedomineerd, het mag nu eens de beurt zijn aan de Walen, toch?' Op Sclessin heeft de gewijzigde houding van Venanzi ten opzichte van de broers Bayat toch menigeen verrast. De voorzitter kwam nader tot Mogi Bayat via Michel Preud'homme, toen de makelaar bemiddelde tussen beide personen - die nochtans geregeld samen golf spelen. Mogi werd door Preud'homme bij de deal betrokken en maakte zo zijn comeback op Sclessin. 'Michel heeft Mogi weer binnengehaald en dat is niet slecht verlopen', zo fluistert men aan de oevers van de Maas. 'Integendeel, het lijkt nu wel een coup de foudre. ' 'De relatie tussen het bestuur van de beide clubs is nog nooit zo goed geweest', geeft ook Mehdi Bayat toe. 'Dat neemt niet weg dat er sportieve rivaliteit is. Er was een tijd dat de grootste rivaal van Standard Anderlecht heette. Vandaag is, in termen van populariteit, dé wedstrijd van het seizoen het Waalse onderonsje. Het gaat er tussen Luikenaars en Carolo's dus vredevol aan toe en dat net op een ogenblik dat de sportieve rivaliteit op het veld nog nooit zo fel was. Een paradox? Niet helemaal. Je moet geen genie zijn om te begrijpen dat de recente toenadering tussen Venanzi en Bayat vooral strategisch van aard is. Je kunt die dus maar beter met de nodige scepsis bekijken, zoals een slecht feuilleton. Iemand uit de hoogste kringen van het Belgisch voetbal trekt die metafoor nog wat verder door: 'De Pro League, dat is Expeditie Robinson. Je moet vrienden maken om te mogen blijven. En het is Mehdi Bayat die de immuniteit heeft.' In de gunst staan van de sterke man van Charleroi is dus de beste manier om vooruit te geraken. 'Kun je hem dat kwalijk nemen? Ja en neen. Iedereen doet het om hogerop te geraken binnen de Pro League.'