De 0-0 eindstand van zaterdagavond tegen Sint-Truiden was het zesde opeenvolgende gelijkspel van Charleroi. De Zebra's slagen er niet meer in te winnen, en dat komt vooral omdat ze minder durven dan voor de winterstop.

Van een gebrek aan efficiëntie is alvast geen sprake. De afgelopen zes wedstrijden had Sporting 6,1 doelpogingen nodig om een doelpunt te fabriceren. Dat getuigde van een groter realisme dan de 23 speeldagen voorheen, toen Charleroi nog 6,3 kansen nodig had om te scoren. Daar wringt het schoentje dus niet, zoals ook trainer Felice Mazzu aangaf na de match tegen de Kanaries. 'Wat in het begin van het seizoen onze kracht was, was dat we meer naar voren durfden te trekken, en we daardoor meer kansen creëerden.'

Die uitspraak kan de coach ook staven met cijfers. Van gemiddeld 10,7 doelpogingen per match in de eerste 23 matchen vielen de Carolo's de laatste zes ontmoetingen terug op 7,2 kansen per wedstrijd. In de laatste drie matchen daalde het aantal pogingen op doel zelfs tot vier per wedstrijd. Onvoldoende om dominant te zijn en een tegenstander tegen het doel geplakt te houden.

Dat heeft ook te maken met het vertrek van Dodi Lukebakio en Clément Tainmont een aantal weken geleden tijdens de wintermercato. Met respectievelijk gemiddeld 4,6 en 3,8 kansen per wedstrijd waren de belofteninternationaal en de Franse linkerflankspeler de meest ondernemende spelers bij de Zebra's, voor Cristian Benavente (3,6) en Kaveh Rezaei (3,1). Vandaag komt er een stuk minder gevaar via de flanken van Charleroi, na de mercato bemand door Amara Baby (gemiddeld 2,2 kansen per 90 minuten) en Mamadou Fall (2,3). 'In het verleden lag onze kracht in het ons doorzetten langs de flanken, de bal voor doel brengen en die kansen benutten', verzuchtte Mazzu. 'Nu zien we dat minder vaak, omdat we nog zelden oplossingen voorin vinden.' Dat heeft ook te maken met de onbeschikbaarheid van winteraankoop Willy Semedo en het feit dat die andere wintertransfer, Romain Grange, niet echt het type flankspeler is dat bij de aanpak van Mazzu past.

Een en ander houdt in dat het aanvalsduo Benavente-Rezaei minder goed gevoed wordt door het middenveld. Want wat geldt voor de flanken is evenzeer het geval voor het centrale middenveld, waar de blessure van Marco Ilaimaharitra zich laat gevoelen. De man van Madagascar is één van de voornaamste aanbrengers van de laatste pass die leidt tot een doelkans. Hij is gemiddeld bij 1,6 doelkans per match betrokken, terwijl Cristophe Diandy (0,9) en Gaëtan Hendrickx (0,8) meer moeite hebben om hun fysieke dominantie om te zetten in kansen, omdat ze in de zone van de waarheid technisch niet vaardig genoeg zijn.

Uiteindelijk zag Mazzu zich verplicht een teruggezakte creatieve speler te vervangen door een vooruitgeschoven afbreker, wat niet leidt tot het verhogen van het aantal gevaarlijke situaties. Daarom probeerde hij zaterdag in de tweede helft Benavente op het middenveld in te passen, en Chris Bédia voorin naast Rezaei te laten postvatten.

Uiteindelijk mocht ook Enes Saglik het nog eens centraal proberen, maar ook dat bleek niet de beste oplossing, al bracht die combinatie wel dé grootste kans voor de thuisploeg aan, helemaal op het eind van de match, toen Benavente ei zo na een flankvoorzet van op links succesvol binnen trapte. Misschien ligt daar wel de oplossing voor de crisis bij de Zebra's: meer durf op het middenveld.

De 0-0 eindstand van zaterdagavond tegen Sint-Truiden was het zesde opeenvolgende gelijkspel van Charleroi. De Zebra's slagen er niet meer in te winnen, en dat komt vooral omdat ze minder durven dan voor de winterstop. Van een gebrek aan efficiëntie is alvast geen sprake. De afgelopen zes wedstrijden had Sporting 6,1 doelpogingen nodig om een doelpunt te fabriceren. Dat getuigde van een groter realisme dan de 23 speeldagen voorheen, toen Charleroi nog 6,3 kansen nodig had om te scoren. Daar wringt het schoentje dus niet, zoals ook trainer Felice Mazzu aangaf na de match tegen de Kanaries. 'Wat in het begin van het seizoen onze kracht was, was dat we meer naar voren durfden te trekken, en we daardoor meer kansen creëerden.' Die uitspraak kan de coach ook staven met cijfers. Van gemiddeld 10,7 doelpogingen per match in de eerste 23 matchen vielen de Carolo's de laatste zes ontmoetingen terug op 7,2 kansen per wedstrijd. In de laatste drie matchen daalde het aantal pogingen op doel zelfs tot vier per wedstrijd. Onvoldoende om dominant te zijn en een tegenstander tegen het doel geplakt te houden. Dat heeft ook te maken met het vertrek van Dodi Lukebakio en Clément Tainmont een aantal weken geleden tijdens de wintermercato. Met respectievelijk gemiddeld 4,6 en 3,8 kansen per wedstrijd waren de belofteninternationaal en de Franse linkerflankspeler de meest ondernemende spelers bij de Zebra's, voor Cristian Benavente (3,6) en Kaveh Rezaei (3,1). Vandaag komt er een stuk minder gevaar via de flanken van Charleroi, na de mercato bemand door Amara Baby (gemiddeld 2,2 kansen per 90 minuten) en Mamadou Fall (2,3). 'In het verleden lag onze kracht in het ons doorzetten langs de flanken, de bal voor doel brengen en die kansen benutten', verzuchtte Mazzu. 'Nu zien we dat minder vaak, omdat we nog zelden oplossingen voorin vinden.' Dat heeft ook te maken met de onbeschikbaarheid van winteraankoop Willy Semedo en het feit dat die andere wintertransfer, Romain Grange, niet echt het type flankspeler is dat bij de aanpak van Mazzu past. Een en ander houdt in dat het aanvalsduo Benavente-Rezaei minder goed gevoed wordt door het middenveld. Want wat geldt voor de flanken is evenzeer het geval voor het centrale middenveld, waar de blessure van Marco Ilaimaharitra zich laat gevoelen. De man van Madagascar is één van de voornaamste aanbrengers van de laatste pass die leidt tot een doelkans. Hij is gemiddeld bij 1,6 doelkans per match betrokken, terwijl Cristophe Diandy (0,9) en Gaëtan Hendrickx (0,8) meer moeite hebben om hun fysieke dominantie om te zetten in kansen, omdat ze in de zone van de waarheid technisch niet vaardig genoeg zijn. Uiteindelijk zag Mazzu zich verplicht een teruggezakte creatieve speler te vervangen door een vooruitgeschoven afbreker, wat niet leidt tot het verhogen van het aantal gevaarlijke situaties. Daarom probeerde hij zaterdag in de tweede helft Benavente op het middenveld in te passen, en Chris Bédia voorin naast Rezaei te laten postvatten. Uiteindelijk mocht ook Enes Saglik het nog eens centraal proberen, maar ook dat bleek niet de beste oplossing, al bracht die combinatie wel dé grootste kans voor de thuisploeg aan, helemaal op het eind van de match, toen Benavente ei zo na een flankvoorzet van op links succesvol binnen trapte. Misschien ligt daar wel de oplossing voor de crisis bij de Zebra's: meer durf op het middenveld.