'Gode gider were beginnen ja?' Uit de mond van de fan voor ons, nadat Siebe Schrijvers, David Okereke en Krepin Diatta in de openingsfase van de wedstrijd tegen KV Oostende kans na kans de nek omwrongen. De man - grijs en getaand, een krijger van vele oorlogen - kon het amper aanzien. Om maar te zeggen: het verwachtingspatroon van en rond Club Brugge stijgt met de week. Vlot combineren en kansen afdwingen is niet langer voldoende voor vrolijke opwinding, ze moeten ook allemaal binnen. Eenrichtingsverkeer zijn ze al gewend op Jan Breydel, de efficiëntie moet omhoog.
...

'Gode gider were beginnen ja?' Uit de mond van de fan voor ons, nadat Siebe Schrijvers, David Okereke en Krepin Diatta in de openingsfase van de wedstrijd tegen KV Oostende kans na kans de nek omwrongen. De man - grijs en getaand, een krijger van vele oorlogen - kon het amper aanzien. Om maar te zeggen: het verwachtingspatroon van en rond Club Brugge stijgt met de week. Vlot combineren en kansen afdwingen is niet langer voldoende voor vrolijke opwinding, ze moeten ook allemaal binnen. Eenrichtingsverkeer zijn ze al gewend op Jan Breydel, de efficiëntie moet omhoog. Toen het 2-0 stond en na iets meer dan zeventig minuten de spektakelwaarde al ferm was gedaald, trokken de eerste fans al huiswaarts. En toen in de blessuretijd een speler van KVO nog een behandeling kreeg, was de helft van het stadion al leeg. De supporters van Club zijn verwend en gedragen zich dezer dagen tegen de mindere tegenstanders als een kind dat té veel speelgoed heeft en zich afwendt. Alsof het niet plezant meer is. Ook daarom is de match van vanavond tegen Galatsaray belangrijk. Straks, na Nieuwjaar, weer een nieuwe uitdaging. Een nieuw speeltje. Maar dat is ze ook om andere redenen. In gesprekken met voetballers hoor je het dezer dagen meer en meer. Wat ze van een trainer verwachten is peoplemanagement: het beheer van de groep, de kleedkamer. Niet zozeer dat tactische werk. Opmerkelijk, want zo vaak zit een trainer niet in de kleedkamer, waar een bepaalde dynamiek heerst en waar sommigen zich als leiders opwerpen. En waar ook nukkige jongens zitten: Mbaye Diagne bij Club, Dylan Bronn in Gent, een handvol op Antwerp met nu Kevin Mirallas als gefrustreerd vogeltje, Elohim Rolland in Kortrijk, ... En zo kunnen we nog even doorgaan. Dat allemaal managen vergt heel wat psychologisch inzicht. Club screende er indertijd op, via zijn psycholoog Rudy Heylen, nu aan de slag bij Standard. Heylen was er in zijn Brugse periode op het einde van de week, vrijdag en op wedstrijddagen, om de sfeer te peilen. Hij catalogiseerde ook de spelers tijdens hun eerste weken op Club via lange individuele gesprekken en bracht hen onder in categorieën, met kleurtjes. Ook Clement heeft oog voor psychologie en typologie. Wat valt op sinds Parijs en het fameuze penalty-incident? Niet de heisa rond Diagne, die door zijn - snel weer verwijderde - Instagrampost aangaf toch niet te zijn veranderd, ondanks wat (gestuurde) commentaar van beter gedrag op training. Verifiëren kan je dat dezer dagen niet meer, alles gebeurt achter gesloten deuren in 'Fort Westkapelle'. Voor impulsieve mensen zijn sociale media een pest (of een eerlijke uiting van hoe ze écht zijn). Neen, wat opvalt sinds Parijs is dat Clement in de competitie kiest voor 'zekerheden', de jongens die hij wat meer kan sturen, of liever, van wie hij met iets meer zekerheid kan zeggen dat ze in de pas zullen lopen. Het kan dat het toeval is - vormverlies bij de ene, een kleine blessure bij een ander of ongelooflijk presteren van bijvoorbeeld Siebe Schrijvers op training - maar het zou ook kunnen dat dit het niet is. Dat het verkiezen van Schrijvers boven een of andere artiest in de spits is ingegeven door dat verlangen naar stabiliteit, zekerheid, discipline en werklust. Evenwicht, om vooral niks te laten liggen in deze tussenfase van het seizoen: in de competitie geen topmatchen. En dat het dus géén toeval is dat Schrijvers vrijdag voor de derde keer op rij mocht starten (en ook alweer niet tegenviel). In Istanbul moet Club het vanavond Europees voor de derde keer zonder Ruud Vormer stellen. Uitgesloten in Madrid met twee keer geel en dan iets onfraai gezegd tegen de scheidsrechter. Het kwam hem op twee extra speeldagen schorsing te staan. Vergeleken bij de zaak-Diagne bleef het wat onder de radar en werd het amper veroordeeld, maar eigenlijk liet de aanvoerder daarmee ook zijn ploegmaats en Club in de steek. Dat het onder de radar bleef, heeft te maken met de verdiensten van de Nederlander. Steeds voorop in de strijd, de koning van de spelhervatting, de infiltratie en het aanbrengen van doelpunten. Meer dan Hans Vanaken - onder Clement afwerker, hij had ook vrijdag kunnen scoren - is Vormer de aanbrenger van dienst. Ze zullen hem in Istanbul missen, want de spelhervattingen die Diatta in Parijs trapte, dat leek nergens op. Daarom is/was die extra schorsing eigenlijk even onvergeeflijk als de opstand van Diagne. Vanaken werd in Parijs wat neergezet als 'piepeltje', aanvoerder zonder ballen. Zou de aanwezigheid van de Nederlander dat incident hebben vermeden, vragen velen zich nog af. Dat is verre van zeker. Vormer gaat voorop in de strijd, zeker, maar een verbaal wonder is de Nederlander niet. In zijn eigen taal speelt hij liever pingpong met verslaggevers, korte antwoorden op de vragen, vaak met een knipoog bovenop. Je kan hem moeilijk diepgaand peilen. Wel leuk voor televisie, maar kan je zo een kleedkamer leiden? Zijn Engels is beperkt, zijn Frans nog meer. Hoe zou hij dan Franstaligen kunnen terechtwijzen? Heeft Club een kleedkamerprobleem? Neen, maar waakzaamheid is geboden, zoals bij elke ploeg die een grote groep van één cultuur samenbrengt. Clubleiders weten het maar al te goed: te veel Balkanboys in een kleedkamer is nefast. Te veel Fransen ook. Te veel Belgen zelfs. Te veel Zuid-Amerikanen ook, weten ze bij Club uit het recente verleden. En nu te veel Afrikanen? Neen. Op het veld liep het de voorbije maanden lekker, ze zijn allemaal professioneel genoeg om te weten dat ze elkaar nodig hebben. En dat ze ernaast veel met elkaar optrekken hoeft geen probleem te zijn. Op voorwaarde dat er veel wedstrijden zijn, zodat je kan roteren en iedereen aan zijn trekken kan komen. Vandaar het bijkomende belang van Galatasaray-uit vanavond. Niet alleen om het sportieve gewin, Europees overwinteren, meer exposure, een nieuwe fase in de ontwikkeling van spelers én de Club, maar ook om het extrasportieve, de rust. Een grote culturele identiteit hoeft ook geen probleem te zijn, als die groep maar wordt geleid door iemand van wie je op aan kunt. Iemand met gezag, zoals Vormer binnen de andere taalgroep. En dan komt iemand als Clinton Mata in beeld. Mata is, net zoals Nana Asare in Gent, het type stille leider. Zijn belang op het veld is groot, in een driemansverdediging is hij ijzersterk. Maar het belang van Clinton Mata naast het veld is zo mogelijk nog groter: taalvaardig, internationaal ervaren, een gids. Niet de man van de grote verklaringen, wel de man van het evenwicht. Simon Mignolet kan dat ook, maar die heeft op het veld dan weer het probleem van de afstand. Europees overwinteren of niet, daar ging het dinsdag in Istanbul om. Maar het ging ook om: rust versus een grotere onrust in de komende maanden. Met, ongetwijfeld, dinsdag wel opnieuw de iets meer onberekenbare types op het veld. Een Emmanuel Dennis en een Diatta, in het dagelijkse leven ook goed bevriend. In staat tot de meest onvoorspelbare acties, daar moet je Thibaut Courtois niet van overtuigen. Dennis is wat grilliger dan Schrijvers - hij had tegen KVO net als Ronald Vargas ook rood kunnen krijgen - maar zulke types heb je nodig. Het is met vedetten vaak balanceren op een slappe koord. Financieel scheelt overwinteren een slok op de borrel, zoals in de loop van december zal blijken als de jaarcijfers voor het seizoen 2018/19 officieel worden. Die kleuren donkerzwart, met een stijging van de inkomsten met 37 procent. Club flirt met de grens van 100 miljoen euro aan inkomsten in één seizoen, een plafond dat ze bij de volgende jaarrekening fors gaan doorbreken. Anderlecht haalde ooit 104 miljoen, dat record gaat er volgend jaar aan, als bovenop het nieuwe Europese prijzengeld ook de recordzomer op transfergebied komt. De deelname aan de Champions League vorig jaar leverde meer dan dertig miljoen euro op en onrechtstreeks nog een pak meer. Een aantal spelers konden immers duurder worden verkocht, zoals vorige zomer bleek. Ook daarom is/was dat vierletterwoord van Vormer zo ontzettend jammer. En het belang van Clinton Mata zeer groot. Iedereen bij de les houden en niet verslappen of voor eigen rekening laten rijden... Een trainer kan het niet alleen. Ook Philippe Clement niet.