Met een bevrijd gevoel sprak Jacky Mathijssen afgelopen zaterdag na de 3-0-zege van Club Brugge tegen KV Mechelen de pers toe. Hij loofde de inzet van zijn spelers en zei, niet voor het eerst, dat deze jonge ploeg de toekomst van Club Brugge zal kleuren. Zo snel kan het dus veranderen: een hele week lang lag het hoofd van Mathijssen op het hakblok, nu denken sommige supporters zelfs alweer aan de titel. Nadat Cercle op Anderlecht stuntte, bruist Brugge weer.
...

Met een bevrijd gevoel sprak Jacky Mathijssen afgelopen zaterdag na de 3-0-zege van Club Brugge tegen KV Mechelen de pers toe. Hij loofde de inzet van zijn spelers en zei, niet voor het eerst, dat deze jonge ploeg de toekomst van Club Brugge zal kleuren. Zo snel kan het dus veranderen: een hele week lang lag het hoofd van Mathijssen op het hakblok, nu denken sommige supporters zelfs alweer aan de titel. Nadat Cercle op Anderlecht stuntte, bruist Brugge weer. De opluchting van Mathijssen was begrijpelijk. In de donkere decembermaand hoorde hij de spelers constant vertellen dat ze achter hem stonden, maar op het veld zag hij daar niets van terug. Dan stel je je als trainer vragen. Na de pijnlijke uitschuiver in de beker tegen Roeselare is die inzet er nu wel en voegen de twee nieuwelingen, Marc-André Kruska en Vadis Odjidja, qua voetballend vermogen, balvastheid en diepgang iets aan het elftal toe. Vooral Kruska ontpopte zich vanuit zijn controlerende rol op het middenveld als een leider, al vanaf de eerste seconde stond hij met een natuurlijke autoriteit aanwijzingen te geven. Voor het eerst in maanden zag je weer diepgang in het spel, al mag de zege natuurlijk niet opgeklopt worden. Club, dat een oneindig aantal kansen de nek omwrong, zorgde pas voor doelgevaar nadat KV Mechelen door de uitsluiting van Joachim Mununga met tien man viel. De toekomst zal uitwijzen of Club echt terug is. Zondag wacht een zware verplaatsing naar Zulte Waregem. Bij een nieuwe nederlaag neemt de onrust gegarandeerd weer toe. Het is het lot van Jacky Mathijssen: hij staat iedere week voor een overlevingsgevecht. Intussen lijkt Club Brugge zich aan de top te moeten voorbereiden op een machtswissel. Het verhaal dat Michel D'Hooghe zou overwegen zijn mandaat als voorzitter niet te verlengen, viel in de wandelgangen al eerder te horen. D'Hooghe wenst daar voorlopig niet op in te gaan maar het is duidelijk dat de combinatie met zijn functie bij de FIFA en zijn job als arts begint te wegen. D'Hooghe werd in maart 2003 voorzitter en zette financieel orde op zaken bij blauw-zwart dat tot dan jaarlijks een fors exploitatieverlies leed en de bressen alleen door Europees voetbal enigszins kon dichten. Dat Club Brugge nu kan bogen op een financieel solide basis staat haaks op de tegenvallende prestaties en op een aantal verkeerde keuzes die er na het Solliedtijdperk voor de invulling van sleutelposities werden gemaakt. De afgelopen twee jaar maakte D'Hooghe van de bouw van een nieuw stadion een absolute prioriteit. Juist dat geladen en beladen dossier bezorgde hem nachtmerries. De gedachte dat de expansiemogelijkheden van zijn club geremd konden worden door de onwil van de overheid en het stadsbestuur groeide voor hem uit tot een mateloze bron van irritatie. Als hij echt een stap opzijzet, zal ook dat meespelen. Ver weg van alle heisa timmert ook Cercle Brugge verder aan de weg naar boven. Het won, zij het met de nodige meeval, afgelopen vrijdag op Anderlecht en pakte in de laatste vier matchen twaalf op twaalf. Weinig trainers die van zulke herkenbare patronen uitgaan als Glen De Boeck. Het is knap dat hij de ploeg na een moeizame start weer op de rails heeft gekregen. En het is een uitdaging om Cercle nu met een ongeslepen diamant als Kanu in plaats van Tom De Sutter in de subtop te houden. Voor sportieve continuïteit kiest ook Hein Vanhaezebrouck, die blijft verbazen en met zijn 3-4-3-concept van KV Kortrijk een moeilijk te verdedigen ploeg maakt. Ook het hertimmerde Roeselare beet er zich de tanden op stuk nadat eerder in de week Westerlo kansloos uit de beker werd gekegeld. Vanhaezebrouck haalt het maximale rendement uit iedere speler. Een zeldzaamheid: Belgische trainers zijn doorgaans niet de beste voetbaldocenten. Geen toeval is het bijvoorbeeld dat spelers van Standard aanvankelijk moesten wennen aan de aanpak van de op training constant onderbrekende en corrigerende Laszlo Bölöni. S door JACQUES SYS