Precies één jaar geleden raasde Club Brugge als een pletwals over Standard. Het won met 7-1 en telde na zes competitiewedstrijden tien punten. Dat verdoezelde het matige voetbal dat tot dan was opgediend. Club trok de lijn niet door en verloor het daaropvolgende weekend met 2-1 op Mouscron-Péruwelz. Michel Preud'homme had het toen vaak over een gebrek aan beleving.
...

Precies één jaar geleden raasde Club Brugge als een pletwals over Standard. Het won met 7-1 en telde na zes competitiewedstrijden tien punten. Dat verdoezelde het matige voetbal dat tot dan was opgediend. Club trok de lijn niet door en verloor het daaropvolgende weekend met 2-1 op Mouscron-Péruwelz. Michel Preud'homme had het toen vaak over een gebrek aan beleving. Dat manco aan mentale kracht is een van de problemen van Club Brugge. Preud'homme verwijst er geregeld naar. Maar er is veel meer aan de hand dan dat. Club mist op dit moment ook de kwaliteit waarmee het vorig seizoen in play-off 1 de titel pakte. Er zijn de blessures van José Izquierdo en Lior Refaelov terwijl de rushes van Thomas Meunier tijdens de competitie-epiloog belangrijk waren voor het aanvalsspel. Slordigheden in de defensie, een gebrek aan scherpte in de zestien meter, geen passie in het spel, er zijn weer een hoop werkpunten voor Preud'homme. Niet voor het eerst in zijn ambtsperiode. Champagnevoetbal beloofde Aleksandar Jankovic niet bij zijn aanstelling als trainer van Standard. Op zijn eerste persconferentie zei hij wel mentaliteit en inzet te verwachten. Het was, zo sprak hij, de plicht van de spelers om hard te werken en tot op hun limieten te gaan. Alsof dat niet de normaalste zaak van de wereld is. Dat soort taal hoor je steeds weer bij trainerswissels. Jankovic is te veel gentleman om uit te halen naar zijn voorganger. Maar of hij, die amper een prijs pakte, de club weer in rustig vaarwater krijgt, dat moet op termijn blijken. Euforisch werd in Luik gedaan na de 2-0-zege tegen KRC Genk en het bij vlagen goeie voetbal. Jankovic voerde liefst zes positiewissels door. Het is normaal dat spelers willen imponeren en demonstreren na de komst van een nieuwe trainer. Een balans kan je pas op langere termijn maken dan één week. Voetbal leeft bij de waan van de dag en als dusdanig wordt alles steeds opnieuw gekaderd. Nicolae Stanciu lijkt bij Anderlecht nu al de nieuwe vedette nadat paars-wit in de tweede helft met bij vlagen uitstekend voetbal uitpakte, al blijven de hiaten in de defensie zorgen baren. Maar het is al vaker gebeurd dat paars-wit na een galaverrichting niet kan bevestigen, het rijke potentieel ten spijt. Het is wachten op bevestiging. Bij Standard, bij Anderlecht en bij AA Gent, dat zondag tegen Lokeren de indruk gaf het vertrek van Sven Kums goed te hebben opgevangen. Dat KV Mechelen de moed heeft om de bij Standard gedumpte Yannick Ferrera weer een kans te geven, is knap. De Brusselaar beloofde veel als trainer maar ging in Luik ten onder aan een machtsspel. Hij komt terecht bij een prachtige club met een hondstrouwe aanhang en zal de gelegenheid krijgen om in een klimaat van relatieve rust aan zichzelf te schaven. De aanpak van Yannick Ferrera was bij Sint-Truiden een verademing. Die draad moet hij nu opnieuw oppikken. Geen eenheidsworst, geen defensieve accenten, maar frisse ideeën en een andere aanpak. Rechtuit en rechtaan. Goeie trainers vragen van hun spelersgroep de moed om te vernieuwen. Maar ze zijn zeldzaam. In die zin verbaast de aanpak van Pep Guardiola steeds weer. Toen de Spanjaard drie jaar geleden bij Bayern München arriveerde na de meest succesrijke periode uit de clubgeschiedenis, experimenteerde hij met een totaal nieuw systeem. Hij rende tijdens trainingen van de ene hoek naar de andere, hij sprak de vedetten belerend toe, alsof hij hen het abc van het voetbal moest aanleren. Hij zat zo dicht op de spelers dat hij op een pitbull leek die zijn prooi niet wilde lossen. Zo gaat hij ook bij Manchester City te werk. Het is alsof hij zichzelf de verplichting oplegt overal te innoveren. Hij wil offensief en balgeoriënteerd voetballen, maar met de bedoeling de ploeg flexibeler te maken en de details te verbeteren, zodat het de tegenstanders moeilijk valt om zich op zijn team in te stellen. Afgelopen zaterdag troefde Guardiola zo in de derby van Manchester José Mourinho af. Met spelers op andere posities, en met Kevin De Bruyne voor het eerst in een glansrol. De manier waarop de Rode Duivel met de sierlijke David Silva harmonieerde, was knap om zien. Hij opereert niet langer vanaf de zijkanten, maar centraal. Daar horen snelle denkers te staan. Zo drukt Pep Guardiola zijn stempel. Op alles en iedereen. DOOR JACQUES SYS @JacquesSys'Goeie trainers vragen van hun spelersgroep de moed om te vernieuwen.'