Ik wil u graag herinneren aan Theo Poel, voorstopper van het grote Standard Luik, die tijdens de onterecht verloren Europacup II-finale van het gezegende voetbalseizoen 1982/83 in en tegen Barcelona Alan Simonsen bijna vermoord heeft. Naast het edele voetbalveld was Theo minzaam en bescheiden, eenmaal erop muteerde de beenharde Limburger in een angstaanjagend meedogenloos beest, iets onbeschrijfelijks waar ze vandaag hardcore Japanse videospelletjes van zouden maken. Het was een tijd dat Sclessin nog bloedrood kleurde, Simon Tahamata en Benny Wendt wekelijks legers verdedigers zo...

Ik wil u graag herinneren aan Theo Poel, voorstopper van het grote Standard Luik, die tijdens de onterecht verloren Europacup II-finale van het gezegende voetbalseizoen 1982/83 in en tegen Barcelona Alan Simonsen bijna vermoord heeft. Naast het edele voetbalveld was Theo minzaam en bescheiden, eenmaal erop muteerde de beenharde Limburger in een angstaanjagend meedogenloos beest, iets onbeschrijfelijks waar ze vandaag hardcore Japanse videospelletjes van zouden maken. Het was een tijd dat Sclessin nog bloedrood kleurde, Simon Tahamata en Benny Wendt wekelijks legers verdedigers zoek speelden en dat de grootste voetbalvisionair van de vaderlandse voetbalgeschiedenis, de Heer Constant Vanden Stock - hij had overigens allang geridderd en gecanoniseerd moeten zijn - wekenlang troosteloos door Brussel zwierf toen zijn dartel en technisch hooggeschoold RSC Anderlecht naar de Luikse hel moest. Echte mannen speelden destijds in de vurige stad, de rest elders. Dit is, helaas, allemaal voorbij. De schrikwekkende voetbaltestosteron en clubliefde is al jaren verdwenen en vervangen door een bont allegaartje Bosman-huurlingen - ontdaan van enige clubliefde - die al vanaf de maand januari hun managers aan het werk zetten om zo snel mogelijk te kunnen vluchten naar topclubs als Casino Bregenz en Tromsö. De Waalse middenmoter wordt 'geleid' door een sluwe handelaar die géén interviews geeft en de beste C-kern ter wereld heeft samengesteld. Onder het motto 'een club moet toch iemand hebben die 's ochtends de kegels telt en opstelt' mag zijn broer de eerste ploeg 'coachen'. Het is al twintig jaar hopeloos wachten op het herstel van De Heilige Drievuldigheid (Anderlecht, Brugge, Standard). Als de koele en efficiënte theoretici Ernst Happel en Trond Sollied, de talentvolle maar extreem volgzame Timmy Simons en Raoul Lambert Club Brugge verpersoonlijken, de wonderlijke technici Paul Van Himst, Robbie Rensenbrink en Enzo Scifo de Anderlechtse voetbalziel belichamen dan is Erik Gerets Standard ! Uit brons groen eikenhout gesneden, versaagde hij nooit ofte nimmer, net als zijn maten en gouwgenoten Jos Daerden, Gerard Plessers en Guy Vandersmissen. Stuk voor stuk intelligente voetballers met een ijzeren wil, sterk, slim en trouw aan de baas. Limburgers zijn de laatste eervolle clubvoetballers. Domenico Oliveiri heeft zijn vertrek uit Genk nooit verteerd en balanceerde derhalve de voorbije jaren op de rand van een depressie. Bernd Thijs droomt stiekem nog altijd van Luik waar hij schandelijk uitgekotst werd door de ex-perschef van Porto (of was het Inter Milaan ?). De oplossing ligt dus voor de hand : Standard CL moet Limburg, bakermat van de ultieme karaktervoetballer, weer in haar armen sluiten ! De Waalse mythe moet weer zijn. Passionele smeerlappen heeft België nodig zoals in de tijd van Roger Petit, die andere geniale voorzitter. Ik vrees dat het nooit méér goed komt met Standard. Door David Steegen