Een flashback naar december 2009. KFCM Hallaar is de sportclub die het meeste geld inzamelt voor de StuBru-actie Music For Life en op die manier een reportage wint in Sport/Voetbalmagazine. Hallaar is een deelgemeente van Heist-op-den-Berg en de 'M' in de naam staat voor 'Molenzonen', de vroegere clubnaam, die veel Heistenaren nog altijd in de mond ligt. Molenzonen Hallaar stelde zich in die reportage voor als een sociale voetbalclub uit vierde provinciale, maar geen alledaagse: in tegenstelling tot veel verenigingen overal te lande ligt bij de Molenzonen de klemtoon niet alleen op de eerste ploeg, maar zeker zoveel op de jeugd. Vijf seizoenen geleden mocht jeugdvoorzitter Luc Van den Broeck al fier verkondigen dat de club in elke leeftijdscategorie minstens één ploeg had ingeschreven, twaalf in totaal. Ondertussen is dat aantal zogoed als verdubbeld. KFCM Hallaar telt ongeveer 450 leden, onder wie ruim 290 jeugdspelertjes. Dat doen niet veel vierdeprovincialers hen na. Gelukkig beschikken de Molenzonen over drie terreinen. Of beter gezegd: ze 'beschikten' over drie velden, want het OCMW van Lier, dat eigenaar is van de grond waarop twee terreinen, kleedkamers en kantine liggen, besloot die nog dit seizoen te verkopen.
...

Een flashback naar december 2009. KFCM Hallaar is de sportclub die het meeste geld inzamelt voor de StuBru-actie Music For Life en op die manier een reportage wint in Sport/Voetbalmagazine. Hallaar is een deelgemeente van Heist-op-den-Berg en de 'M' in de naam staat voor 'Molenzonen', de vroegere clubnaam, die veel Heistenaren nog altijd in de mond ligt. Molenzonen Hallaar stelde zich in die reportage voor als een sociale voetbalclub uit vierde provinciale, maar geen alledaagse: in tegenstelling tot veel verenigingen overal te lande ligt bij de Molenzonen de klemtoon niet alleen op de eerste ploeg, maar zeker zoveel op de jeugd. Vijf seizoenen geleden mocht jeugdvoorzitter Luc Van den Broeck al fier verkondigen dat de club in elke leeftijdscategorie minstens één ploeg had ingeschreven, twaalf in totaal. Ondertussen is dat aantal zogoed als verdubbeld. KFCM Hallaar telt ongeveer 450 leden, onder wie ruim 290 jeugdspelertjes. Dat doen niet veel vierdeprovincialers hen na. Gelukkig beschikken de Molenzonen over drie terreinen. Of beter gezegd: ze 'beschikten' over drie velden, want het OCMW van Lier, dat eigenaar is van de grond waarop twee terreinen, kleedkamers en kantine liggen, besloot die nog dit seizoen te verkopen. Al zestig jaar spelen de Molenzonen op een grote lap grond aan de Spekstraat in Hallaar. "Via een zuster die intrad en dus haar eigendommen afstond, kwam de grond lange tijd geleden toe aan het klooster van Berlaar, dat de grond vervolgens uit liefdadigheid schonk aan het OCMW van Lier", vertelt Luc Van den Broeck. In de loop der jaren is het domein ingekleurd als bouwgrond en daar wringt het schoentje. De Molenzonen beseften dat ze hun kostbare terreinen vroeg of laat konden kwijtraken. Maar laat werd vroeg, erg vroeg. De reden: het OCMW van Lier heeft centen nodig, onder meer om het chique en prestigieuze Sociaal Huis te bekostigen. In de pers verscheen zelfs het bedrag van 34 miljoen euro als kostprijs, maar dat wordt tegengesproken door Marleen Vanderpoorten, ex-burgemeester van Lier en nu OCMW-voorzitster: "Het is maar 13 miljoen. Daarvoor moesten we bepaalde zaken verkopen. Bouwgrond waar op gevoetbald wordt, dat is niet meer van deze tijd. En natuurlijk keken we eerst naar eigendommen buiten de gemeente." Dat is inderdaad handig, kwestie van de eigen potentiële kiezers niet voor het hoofd te stoten. Die verkoop, tot daaraan toe, vinden ze bij de Molenzonen. Maar het is de manier waarop een en ander verloopt. "Dat willen we aankaarten," zegt jeugdbestuurder Sven Lambrechts, "want het is een waarschuwing voor veel clubs: let bijzonder goed op van wie je terreinen zijn en wat men ermee van plan is." Jeugdtrainer Peter Ceulemans legt de chronologie van alle communicatie voor, waaruit blijkt dat het Lierse OCMW boter op het hoofd heeft. Volg even mee. Na de gemeenteraadsverkiezingen van eind 2012 lijkt het KFCM Hallaar raadzaam om eens te informeren wat het nieuwe Lierse OCMW-bestuur van plan is. Ze krijgen te horen dat ze daarvoor dienen te wachten op de meerjarenplanning. Die is eind 2013 rond en de vaste contactpersonen van het OCMW Lier delen per e-mail de Molenzonen mee dat zij niet opgenomen zijn in de meerjarenplanning, dus dat er geen wijzigingen verwacht hoeven te worden. De club is blij: de kleedkamers verdienen een opknapbeurt, dus daar kan nu werk van gemaakt worden. Ze zamelen geld in en afgelopen zomer wordt voor ruim 20.000 euro geïnvesteerd in nieuwe verwarming en betegeling van de douches. Wat ze niet weten: op de OCMW-raad van 22 april 2014 is ondertussen beslist om de gronden tóch te verkopen. Alleen brengt niemand de club op de hoogte. Die ontvangt pas onlangs, in oktober, een brief daarover. Die brief is gedateerd in mei. De verdediging van Vanderpoorten klinkt zwak: "Voor ze investeringen deden, hadden ze ons moeten contacteren." Wel, dat is precies wat ze gedaan hebben. In een onderhoud met Vanderpoorten een maand geleden leken de Molenzonen nog respijt te krijgen. "Het zou allemaal allicht niet zo'n vaart lopen", kregen ze te horen. Maar op de OCMW-raad van 18 november werden er niet veel woorden meer aan vuilgemaakt: "Verkoop gaat door. Punt." In de Zuiderkempen was het meteen hét gespreksonderwerp: 450 leden, dan kent algauw iedereen iemand die er via via door geraakt wordt. Het gemeentebestuur van Heist-op-den-Berg zit dan ook erg verveeld met de zaak. Molenzonen Hallaar is immers een zeer goed draaiende club, met een niet te onderschatten sociale functie, zegt Sven Lam-brechts: "Voetbal neemt maar dertig procent in. Plezier staat bij ons voorop. De kantine zit hier altijd vol. Wij willen er in de eerste plaats voor zorgen dat de jeugdspelers zich amuseren. Iedereen kan bij ons terecht. En we willen dat natuurlijk zo goed mogelijk doen ook, met degelijk opgeleide trainers." "Iedereen heeft de mond vol over goede jeugdwerking en het belang van sportclubs voor de jeugd", vult Peter Ceulemans aan. "Dan mag men dit toch niet laten gebeuren." In 2011 kreeg de club de Foot Pass Award voor beste regionale club van Vlaanderen. Die kun je toch niet zomaar op straat zetten? Tekenend voor die goede clubwerking is dat men meteen in actie geschoten is. Behalve de onderhandelingen met OCMW en gemeentebestuur werden er ook affiches gedrukt (er rijden in Heist en omgeving al honderden auto's met zo'n affiche rond) en een petitie opgestart (die al richting de 5000 handtekeningen gaat). "En we gaan met onze ploeg een brief schrijven aan Vincent Kompany", zegt een enthousiaste miniem. De grootste actie komt er op dinsdagavond 9 december: voor de gemeenteraad zal een lange mars van de Spekstraat naar het gemeentehuis van Heist-op-den-Berg trekken om de petitie te overhandigen. Tal van naburige clubs zegden solidair toe. Die beseffen ook: zoiets kan veel clubs overkomen. Burgemeester Luc Vleugels zegt dat de gemeente ermee bezig is: "Een eerste stap is het OCMW van Lier om uitstel vragen." Dat is misschien een realistische optie: in Lier vrezen ze dat Heist-op-den-Berg de gronden wil laten inkleuren als recreatiegebied, wat de waarde gevoelig zou doen dalen. Vandaar de haast bij de verkoop. Als de gemeente belooft dat niet te doen, kan die vrees alvast weggenomen worden, bevestigen beide partijen. "Een tweede stap", zegt Vleugels, "is naar een duurzame oplossing zoeken. Maar een nieuwe plek vinden en alle vergunningen rondkrijgen, dat duurt zeker drie jaar. Die termijn zouden we graag verkrijgen." De vox populi klinkt ondertussen zo luid dat men er in Lier noch Heist-op-den-Berg doof voor kan blijven. Dat is misschien nog de belangrijkste les van deze affaire: dat er heel wat mogelijk is met mobilisatie, als je niet bij de pakken blijft zitten. De Molenzonen kijken hoopvol vooruit: "We willen gewoon dat er een oplossing komt. Een waarin de Molenzonen hun eigenheid en hun sociale functie kunnen bewaren." DOOR PETER MANGELSCHOTS"Iedereen heeft de mond vol over goede jeugdwerking. Dan mag men dit toch niet laten gebeuren." Peter Ceulemans