Vorige week werd Gregory Mertens (24) op het veld getroffen door een hartstilstand. Als prof onderging hij tijdens zijn carrière veel screenings en testen, maar steeds werd hij geschikt bevonden voor topsport. Wat valt daarvan te leren? Hoe kijken mensen die met hem werkten daar tegenaan? Werpt dit drama een ander licht op hun ervaringen met hem?
...

Vorige week werd Gregory Mertens (24) op het veld getroffen door een hartstilstand. Als prof onderging hij tijdens zijn carrière veel screenings en testen, maar steeds werd hij geschikt bevonden voor topsport. Wat valt daarvan te leren? Hoe kijken mensen die met hem werkten daar tegenaan? Werpt dit drama een ander licht op hun ervaringen met hem? Bij Cercle Brugge herinneren sommigen zich nog dat Gregory Mertens weleens zei dat hij pijn in de hartstreek voelde. Dat bleek niets ernstigs te zijn, bevestigt Wim Langenbick, conditietrainer van de vereniging: "Greg heeft wellicht weleens gezegd: 'ik voel precies iets aan mijn hart', maar Greg zei ook weleens dat hij iets aan zijn schouder of aan zijn linkerneusgat voelde. Ik bedoel: Greg was een spontane jongen, hij voelde elke dag wel ergens iets en zei dat dan ook. In elk geval werd elke klacht altijd onderzocht en voldoende uitgeklaard. Ik werkte drie en een half jaar met hem, ook heel veel individueel, en ik moet zeggen: alles wees erop dat Greg tiptop in orde was. Van alle onderzoeken en testen die hij bij ons deed, was het eindbesluit: geschikt om aan topsport te doen. Dan sta je er niet bij stil dat er eventueel toch iets zou kunnen zijn. Wat ik hieruit leer, is dat de grote hartspecialisten zeggen dat het screenen van het hart een heel moeilijke zaak is, dat die screenings geen honderd procent zekerheid geven en dat er niets uit te sluiten valt. Conditietrainers doen niets anders dan gegevens en data analyseren. Maar als blijkt dat de resultaten van die hartscreenings niet even betrouwbaar zijn als de cijfertjes die een weegschaal aangeeft als je erop gaat staan, dat die soms voor interpretatie vatbaar zijn en dat er dingen kunnen gebeuren zoals nu met Greg, dan is dat een paramater die een vals vertrouwen geeft. Daar mag je niet te veel bij stilstaan, anders word je paranoïde." Hij zucht. "Onderweg met de bus naar Genk sms'te hij mij nog. Hij vroeg hoe het met mij ging. Ik zei: 'Niet goed, hé, ik zit in tweede klasse.' Greg was een heel positieve jongen met wie het altijd plezant werken was. Hij haalde veel plezier uit het voetbal en was hier dan wel al anderhalf jaar weg, maar hij belde nog af en toe om samen eens iets te gaan eten." Lorenzo Staelens werkte bij Cercle als coach drie en een half jaar met Gregory Mertens, eerst als assistent en daarna ook als hoofdtrainer. "Blijkbaar zijn dat dingen die gebeuren en die je niet in de hand hebt", zegt hij. "Van de bekende cardioloog Pedro Brugada onthoud ik dat uit een screening kan blijken dat iemand perfect in orde is, maar dat die persoon twee weken later een hartinfarct kan krijgen. Dat alleen de ergste gevallen eruit gehaald kunnen worden en afgeraden kunnen worden om topsport te doen. Greg is na fysieke testen bij Cercle eens verder onderzocht moeten worden, maar toen bleek dat er geen probleem was. Ik maakte het zelf ook mee. Bijkomend onderzoek door een hartspecialist wees uit dat er tussen twee normale hartslagen soms een tussenslagje zat, maar ik kreeg te horen dat het geen probleem was, dat Eddy Merckx dat ook had. Greg leerde ik kennen als iemand die fysiek tiptop in orde was, die graag trainde en die een crème van een gast was." Thomas D'havé is voetbalosteopaat en orthomoleculair therapeut volgens de klinische psycho-neuro-immunologie. In zijn kabinet hangt een shirt van Gregory Mertens. "Greg was een bijzondere kerel", zegt hij. "Hij was iemand die ook altijd vroeg: 'En hoe gaat het met u?' Je was blij als hij op je agenda stond. Ik leerde hem kennen toen hij drie keer was hervallen in een hamstringletsel. Sindsdien lette hij beter op zijn voeding en bleef hij goed. Hij kwam elke maand. Bij kleine klachten stuurden we bij. De week voordien liet hij mij nog weten dat alles goed ging, maar dat hij toch eens zou binnenspringen. Als er dan zoiets gebeurt, ben je als vakman gefrustreerd natuurlijk. Verborgen zwaktes opsporen is mijn levenswerk, maar... als er geen spoor is, kun je niets detecteren. Als het noodlot spreekt, kun je alleen stil en nederig zijn. Het gevoel dat overheerst, is machteloosheid. Dat zal gelden voor elke medicus die hem door zijn handen liet passeren, denk ik." Kris Peeters is sportarts, clubdokter van Lokeren en erkend als keuringsarts door de commissie Medisch Verantwoord Sporten. Ook hij benadrukt de waarde als mens van Gregory Mertens. "Helaas is hij door dit verschrikkelijke gebeuren niet zo lang bij ons geweest", zegt hij. "Op menselijk vlak is het een heel groot verlies. Van het medische aspect leer ik als arts dat je heel veel kunt onderzoeken, maar helaas niet alles kunt voorkomen. Op sportcongressen gaat het vaak over sudden cardiac death. Dan zie je die beelden en denk je: hopelijk overkomt ons dat nooit. Nu het ons toch is overkomen, staat ook als arts je wereld stil. Dan stel je jezelf in vraag: deden we alles wat mogelijk was?" De spelers van Lokeren werden dit seizoen in het vooruitzicht van de Europese campagne nog eens extra onderzocht en getest, maar zoals telkens voorheen doorstond ook Mertens de hartscreening probleemloos. Volgens Hans Van Brabandt, cardioloog bij het Federaal Kenniscentrum voor Gezondheidszorg, zijn de huidige opsporingstechnieken ontoereikend en blijft zo naar schatting een kwart van de problemen onder de radar. Niet elk bloedvat kan in beeld gebracht worden om bijvoorbeeld kwetsbaarder bindweefsel te detecteren zoals dat bijvoorbeeld bij een aangeboren aneurysma het geval is. "Neen, maar het grote probleem met de klassieke apparatuur zoals echocardiografie en inspanningstesten is ook altijd dat het om een momentopname gaat", zegt Peeters. "Zoals de voorzitter van de wielerbond opmerkte, kan een verkoudheid al voor verandering zorgen als het virus zich op de hartspier vastzet. De belangrijkste les vind ik dat we de spelers daarover nog beter kunnen informeren en dat we ook nog meer kunnen monitoren om te kijken of er geen veranderingen zijn opgetreden. Ik begrijp de twijfels bij onze spelers nu. Er is in Genk heel snel gehandeld door de clubarts die op de bank zat, met hartmassages en elektroshocks, en daarna door de mensen van de MUG. Maar toch zijn er spelers die mij vragen: waarom stond er op die wedstrijd geen ambulance klaar, zoals tijdens onze wedstrijden in de Europa League? Moet dat voortaan voor élke wedstrijd verplicht worden? En alleen in het voetbal?" Het is in elk geval een grondige discussie waard. ?DOOR CHRISTIAN VANDENABEELE