Ibrahim Nader El Sayed was op de hoogte van ons bezoek aan Caïro en stond erop ons te ontmoeten. Nader verkeert in het gezelschap van zijn vrouw en zijn dot van een dochtertje : Judy, geboren op 18 april. Bij Club Brugge mag Nader dan al afgegleden zijn naar het statuut van derde doelman, in Caïro heeft zijn aura nog niets aan glans ingeboet. Hij is er nog altijd en onbetwistbaar titularis van de nationale ploeg en iedereen spreekt hem aan met "sjeik". Sjeik ...

Ibrahim Nader El Sayed was op de hoogte van ons bezoek aan Caïro en stond erop ons te ontmoeten. Nader verkeert in het gezelschap van zijn vrouw en zijn dot van een dochtertje : Judy, geboren op 18 april. Bij Club Brugge mag Nader dan al afgegleden zijn naar het statuut van derde doelman, in Caïro heeft zijn aura nog niets aan glans ingeboet. Hij is er nog altijd en onbetwistbaar titularis van de nationale ploeg en iedereen spreekt hem aan met "sjeik". Sjeik ? Inas Mazhar, onze tolk die het gesprek met Tarek El Said in goede banen leidde, verklaart die titel. "Nader heeft Hadi Khachaba opgevolgd als imam van de Egyptische nationale ploeg. Je moet weten : tijdens trainingskampen en op de avonden voor een wedstrijd gehoorzamen Egyptische voetballers aan bepaalde religieuze rituelen. Nader is de man die ons voorgaat in het gebed. De bondscoach speelt ook zijn ervaring uit voor de begeleiding van nieuwe spelers. Nader ontfermt zich over hen. Toen Ahmed Hossam voor de nationale ploeg debuteerde - dat was vorige winter, ter gelegenheid van een wedstrijd tegen de Verenigde Arabische Emiraten - deelde Nader de kamer met hem." Nader neemt ons mee naar Madinet Nasr, een plaats die voorbehouden is aan mensen die het Egyptische vaderland hebben gediend, als militair of als sporter. " Ahmed Hossam en ik, dat is water en vuur", glimlacht de doelman. "Ikzelf ben vredig van aard, Hossam daarentegen is een opgewonden standje. Onze kennismaking in het kader van de nationale ploeg zal ik me altijd blijven herinneren. Ik was al ingetrokken in één van de kamer van het kamp van Nouza, het afzonderingsoord van de nationale ploeg, toen hij kwam binnenstormen. Zijn sporttas zeilde meteen door de lucht, ik kreeg hem bijna tegen mijn hoofd. Ik heb daar prompt een opmerking over gemaakt : dat hij zich een beetje diende te gedragen. Sindsdien probeert hij zich te beheersen. Tegenwoordig getroost hij zich al de moeite om de veters van zijn schoenen los te maken. Voordien volgden zijn schoenen min of meer hetzelfde traject als al zijn andere spullen ( lacht). Ik denk niet dat Mido slecht van aard is, maar op het vlak van discipline valt er nog veel aan hem te schaven. Ik probeer hem daarin beetje bij beetje te begeleiden, maar ik moet toegeven : meestal luistert hij alleen naar zichzelf. Met de jaren zal hij zonder twijfel wijzer worden. Hij is nog maar pas achttien jaar geworden, dat mogen we toch niet uit het oog verliezen."