Zo succesvol en toch zo bekritiseerd. Patrick Remy wachtte toen hij in november van vorig jaar in Gent neerstreek een onhebbelijk zware taak. Niet alleen moest hij in de voetsporen van Trond Sollied treden, ook wist hij zich na het falen van Henk Houwaart gevolgd door argusogen. Maar met een vierde plaats en daaraan gekoppeld Europees voetbal vorig seizoen én met de eerste plaats die AA Gent dit seizoen bekleedt, kweet Remy zich resultaatsgewijs met brio van zijn taak. Edoch, van kritiek is de Franse trainer al die tijd merkwaardig genoeg niet gespaard gebleven.
...

Zo succesvol en toch zo bekritiseerd. Patrick Remy wachtte toen hij in november van vorig jaar in Gent neerstreek een onhebbelijk zware taak. Niet alleen moest hij in de voetsporen van Trond Sollied treden, ook wist hij zich na het falen van Henk Houwaart gevolgd door argusogen. Maar met een vierde plaats en daaraan gekoppeld Europees voetbal vorig seizoen én met de eerste plaats die AA Gent dit seizoen bekleedt, kweet Remy zich resultaatsgewijs met brio van zijn taak. Edoch, van kritiek is de Franse trainer al die tijd merkwaardig genoeg niet gespaard gebleven. Vorig seizoen al borrelde de kregeligheid op uit de groep, maar zo openlijk als Gunther Schepens het vorige week naar buiten bracht, veroorzaakte hij toch wel deining. De kritiek betrof vooral de verdedigende speelwijze die Patrick Remy zijn ploeg oplegt, met bovendien weinig spektakel, en het gebrek aan dialoog tussen de Franse trainer en zijn spelers, met een versnipperde groepssfeer op de koop toe. Of zoals Schepens het vorige week dinsdag in Het Nieuwsblad verwoordde : "De resultaten verbergen nogal wat. Onder Remy is geen open dialoog mogelijk. Waar zijn we mee bezig ? Op Lokeren brachten we het toppunt van anti-voetbal. Toen mocht ik niet eens meer over de middenlijn. Als Remy aan Jacky Peeters vraagt om achteraan te blijven, lapt hij dat aan zijn laars en doet hij zijn zin. Het leverde hem een aantal beslissende assists op, maar als we aan zijn kant een goal slikken, is hij wel de pineut." Beetje koppig, die Fransen. Dat speelt ook wel, vindt Vital Borkelmans zaterdag in De Morgen : "Remy schommelt tussen Hugo Broos en Erik Gerets. Zoals Gerets is hij eigenwijs. Wat hij in zijn hoofd heeft, zal gebeuren. Een trainer moet die karaktertrek wat hebben. Soms is hij dan weer te rustig. Hij moet meer tussen de groep leven. Maar ik heb wel respect voor hem : hij is bezeten van voetbal. Hij doet ook moeite om zich aan te passen aan de groep. Zo leert hij Engels. Remy levert in elk geval fraai werk, anders staat de ploeg niet aan de leiding. Spanningen creëer je als speler zelf. Niet zoveel spelers doen hun mond open, alleen de Vlamingen en die kun je op één hand tellen. Maar de groep hangt wel goed aan elkaar." Op dinsdag had Schepens er in Humo nog wel een ander schepje bovenop gedaan : "Als ik nu mijn Duitse conditie had, zou niemand mij kunnen volgen. Het hangt ook voor een groot stuk af van de trainer. Ik heb nood aan trainingen op de korte ruimte, maar als Remy daar geen boodschap aan heeft, dan kan ik het vergeten. Hij zegt dat ik daar in mijn eentje aan kan werken, maar dat is onzin. Remy traint altijd op de grote ruimte. Daardoor is de groep conditioneel wel in orde, maar super is anders. Ik heb nu te weinig explosiviteit om die scherpe, vinnige acties te maken." Dat de Fransen de kant van hun landgenoot-trainer zouden kiezen en daarmee irritaties opwekken bij de anderen, niemand die het gezegd wil hebben. Maar klagen over het geleverde spel of de trainingen hoor je merkwardig genoeg wel niet bij de Fransen. Integendeel. Matthieu Verschuere : "Als we niet in goede conditie zijn, hoe kunnen we dan eerste staan ? ( Lacht) Dan moeten al die ploegen die achter ons komen wel echt niet goed zijn. Misschien brengen we niet genoeg spektakel, maar wij zijn profs, wij moeten geld verdienen en dus winnen. We zijn hier niet om... We spelen toch niet voor ons plezier, quand même ?" Voorzitter Ivan De Witte moet zich als bedrijfspsycholoog hebben kunnen uitleven en kon met een aai links en een complimentje rechts de gemoederen bedaren. Gunther Schepens kon er zich van verzekeren dat zijn aantijgingen als goedbedoeld werden ervaren en Patrick Remy mocht weten dat hij als vakman wordt gewaardeerd, maar dat toch zijn interne communicatie moet verbeteren. Patrick Remy : "Tuurlijk praat ik met de voorzitter. Hij is het die soms met artikels komt en mij zegt wat er geschreven wordt. Tuurlijk luister ik naar wat men mij zegt. Naar wat iedereen mij zegt zelfs. Om een fictief voorbeeld te geven : als ze mij zeggen dat we te zwaar of niet zwaar genoeg trainen, dan hoor ik dat aan. En dan denk ik er het mijne van. Of ik dan minder of zwaarder ga trainen, dat zie ik dan wel. Wat is een goede trainer ? Er is de realiteit en er is de theorie. De theorie zegt dat een goede trainer iemand is die het maximum uit zijn groep haalt. Zoals een kok die de beste maaltijd bereidt uit de ingrediënten die hij heeft. Tot zover de theorie, die wat mij betreft ook de realiteit zou moeten zijn. Maar wat is de realiteit ? Dat een trainer die het maximum haalt uit middelmatige spelers en vijftiende staat, ontslagen wordt. En een middelmatige trainer die soms slecht traint maar resultaten haalt, die blijft zitten. Het zijn altijd de resultaten die tellen." Of hij dan niet probeert het voetbal attractiever te maken ? Patrick Remy : "Ik streef naar verbetering van de kwaliteit : beter trainen, beter lopen, beter... Maar dat het spel niet mooi zou zijn, die kritiek interesseert mij niet. Als je wint, is het altijd attractief. Als je achteraan staat, speel je geen attractief voetbal, hoor ( lacht). Winnen is goed spelen. Het is hier geen circus of theater, hein. Daar moet je spektakel brengen, maar niet winnen. Natúúrlijk dat het zich bij mindere resultaten tegen mij zal keren. Dat is altijd zo, het is de regel in voetbal. Doelpunten maken is profiteren van de fouten van de tegenstander. Profiteer je niet, dan scoor je niet. En dan gaat men echt niet de keeper ontslaan, hoor. Dan is het altijd de trainer. Dat geldt voor Sollied, dat geldt voor Anthuenis, dat geld voor alle trainers. C'est la vie en daarom maak ik mij er niet druk over. Ook al besef ik het. Daarom interesseert de kritiek van de pers mij niet. Meneer, er zijn trainers die het allemaal lezen en die er naar leven ! Dat doe ik niet. Show interesseert mij niet." Kortom, over communicatie en omgaan met kritiek heeft Patrick Remy zo zijn eigen ideeën. Of zoals hij, enige tijd vóór Gunther Schepens zijn ongenoegen ventileerde, omtrent het belang van communicatie verklaarde : "Goede communicatie kan ook zijn dat je niets zegt." Vragen of er nu in zijn manier van omgaan met de groep en met de manier van werken en spelen iets zal veranderen na vorige week, ontwijkt de Franse trainer bij herhaling. Iets naast de kwestie antwoorden, is ook iets zeggen, natuurlijk.Over het voorval-Schepens wil Remy, net als de spelers, met wie hij dinsdag een groepsgesprek had, ook niks meer kwijt.Patrick Remy : "Op de kritiek zelf wil ik niet ingaan, dat hebben we intern geregeld en dat blijft zo. Maar er is hier altíjd sereniteit. Er is hier een TV-reporter geweest die naar de trainingen bij Brugge en Gent is gekomen voor een reportage op de Nederlandse televisie. Weet je wat hij zei ? Dat hier bij Gent iedereen loopt te lachen op training en dat bij Brugge iedereen met een lang gezicht loopt. Alors ? Dat ik Schepens niet opstel omdat hij tegen Genk en Anderlecht had moeten scoren, is maar een deel van het antwoord. De rest heb ik tegen hem persoonlijk gezegd. Bovendien heb ik niet de gewoonte om keuzes te verantwoorden. Als ik daarmee moet beginnen in een kern van dertig : die speelt daarom en die daarom niet... "Mijn gedrag tegenover de groep is in het belang van de ploeg. Ik weet niet of het zal veranderen. Ik doe wat ik moet doen en de spelers doen wat zij moeten doen. Discussies zijn er altijd en we luisteren veel, dat moet je doen, maar je kan niet iedereen een plezier doen of tegen iedereen ja zeggen. Er zijn spelers die wat gepriviligieerd waren en die zijn dan verbaasd als de trainer hen zegt : zus en zo. Dat je wat discipline neerzet, een reglement om samen te leven, is normaal, het is de basis van resultaat halen. Maar bij ons is het à minimum, hoor. Spelers raken alleen wat gederangeert als ze daarin bekritiseerd worden. "Kijk, als ik tegen mijn zoon zeg wat mij niet bevalt, huilt hij soms. Als ik hem er niet op wijs dat hij zijn huiswerk moet maken, zit hij de hele tijd voor de TV. Ik doe dat voor zijn goed. Maar om dat te doen in een groep met dertig spelers en een stuk of twaalf nationaliteiten, dat is niet simpel, hein. In een kern zijn er altijd vier, vijf, zes spelers die leiders zijn en op die spelers is het dat ik steun. Elk ziet voetbal op zijn manier, maar er is maar één iemand die de eindbeslissing kan nemen. C'est la vie. Kleine problemen zullen er altijd zijn, maar ik vind eigenlijk dat wij met veertien nationaliteiten zo wéinig problemen kennen, verbazend. En ach, al die artikels, ik lees ze niet ( lacht). Mijn technische staf wijst mij twee, drie keer per jaar op iets, maar ik kan dat missen; ik concentreer mij op het sportieve. En ik moet geen gelijk hebben; de ploeg moet winnen. "Maar ik ben nog altijd gelukkig, hoor. Als ik morgen een probleem heb met mijn vrouw, maak ik dat het overmorgen geregeld is. Zo is het ook in het voetbal. La vie reste belle, hein." Na de wedstrijd tegen Club Brugge klonk Gunther Schepens alweer een stuk milder dan in de loop van de week. "Wij staan terecht bovenaan."Hoe kijkt hij nu terug op 'de affaire' ? Gunther Schepens : "Ik denk dat het een positieve invloed heeft gehad en we hebben als groep gereageerd. Voor hetzelfde geld laten ze mij zitten. Maar het was niet mijn menig, het is iets wat in de groep leefde." Maar helemaal van zijn last af was Schepens achteraf evenwel nog niet. Gunther Schepens blijft Gunther Schepens natuurlijk. "Had ik die volley erin getrapt, ik was toch het stadion uit gelopen, hoor ( grijnst)." door Raoul De Groote