Twee dagen na de historische vijfklapper van Robert Lewandowski tegen Wolfsburg is de rust weergekeerd in het VfL Center, het trainingscomplex van de eenmalige Duitse landskampioen. Julian Draxler en Max Krüse komen de perszaal binnengewandeld en vlijen zich neer op een van de hagelwitte stoelen om te chillen. Wat verderop nipt Koen Casteels aan zijn glas cola. In de zomer verkaste Tessa Wullaert van Standard naar de Duitse topclub Wolfsburg, maar het is de eerste keer dat ze de sterren van Die Wölfe van dichtbij ziet. 'Onze stadions liggen vlak naast elkaar, maar we trainen op een andere locatie. Eigenlijk leven we totaal van elkaar gescheiden. Op dat vlak is er geen enkel verschil met België', vertelt Wullaert. 'Af en toe gaan we met een paar meisjes naar onze mannelijke collega's kijken. Omgekeerd komen zij niet naar onze wedstrijden. Jammer, want we maken toch deel uit van dezelfde club. De mannen zouden hun ogen opentrekken mochten ze zien hoe wij ons uit de slag trekken. Bij Standard kwam Igor De Camargo geregeld kijken en die verbaasde zich over het niveau van de wedstrijden. Misschien moet ik eens voorstellen aan Koen Casteels dat hij een paar ploegmaats motiveert om ons te komen aanmoedigen.' (grijnst).
...

Twee dagen na de historische vijfklapper van Robert Lewandowski tegen Wolfsburg is de rust weergekeerd in het VfL Center, het trainingscomplex van de eenmalige Duitse landskampioen. Julian Draxler en Max Krüse komen de perszaal binnengewandeld en vlijen zich neer op een van de hagelwitte stoelen om te chillen. Wat verderop nipt Koen Casteels aan zijn glas cola. In de zomer verkaste Tessa Wullaert van Standard naar de Duitse topclub Wolfsburg, maar het is de eerste keer dat ze de sterren van Die Wölfe van dichtbij ziet. 'Onze stadions liggen vlak naast elkaar, maar we trainen op een andere locatie. Eigenlijk leven we totaal van elkaar gescheiden. Op dat vlak is er geen enkel verschil met België', vertelt Wullaert. 'Af en toe gaan we met een paar meisjes naar onze mannelijke collega's kijken. Omgekeerd komen zij niet naar onze wedstrijden. Jammer, want we maken toch deel uit van dezelfde club. De mannen zouden hun ogen opentrekken mochten ze zien hoe wij ons uit de slag trekken. Bij Standard kwam Igor De Camargo geregeld kijken en die verbaasde zich over het niveau van de wedstrijden. Misschien moet ik eens voorstellen aan Koen Casteels dat hij een paar ploegmaats motiveert om ons te komen aanmoedigen.' (grijnst). TESSA WULLAERT: 'Standard, dat is de top in België qua omkadering. Vooral dankzij de inspanningen van Roland Duchâtelet, die een zwak heeft voor het vrouwenvoetbal. Maar Wolfsburg is nog van een andere orde. We hebben ons eigen stadion, een paar perfect onderhouden oefenvelden, vijf kinesisten die beschikbaar zijn voor en na de trainingen en op vrije dagen. Als ik naar de tandarts moet, is dat met een telefoontje geregeld.' WULLAERT:'Tot vorig seizoen zat mijn agenda propvol. Overdag studeerde ik in Kortrijk, na de lessen ging ik snel naar huis om iets te eten en daarna vertrok ik naar Luik om te trainen. Ik lag nooit in bed voor 23 uur. En dat drie keer per week. Nu kan ik mij helemaal concentreren op het voetbal. Ik vul mijn dagen hoofdzakelijk met slapen, eten en trainen. Veel jonge mannen die het profvoetbal ontdekken weten niet wat gedaan met hun vrije tijd en zitten dan uren op hun PlayStation te prutsen. Ik probeer elke dag een activiteit te vinden buiten het voetbal.' WULLAERT: 'De timing om het over de grens te proberen was perfect want ik had net mijn studie toerisme afgerond. Loopt het fout af, dan heb ik iets achter de hand.Voorlopig iswerken én voetballen niets voor mij. In een interview dat ik onlangs gaf, werd dat geïnterpreteerd alsof ik mij te goed voel om acht uur achter een bureau te zitten. Heel België denkt nu dat ik te lui ben om te gaan werken, maar dat klopt niet. Ik heb van mijn hobby mijn werk gemaakt en nu wil ik daar honderd procent voor gaan.' WULLAERT: 'Ik wist niet of ik het profbestaan leuk zou vinden. Met een contract van twee jaar zat ik voor een lange periode vast. Nu zie ik dat anders: ik heb nu zekerheid voor twee jaar.' WULLAERT: 'Zolang er in het vrouwenvoetbal niet met miljoenen gesmeten wordt, zal geen enkele profvoetbalster na haar carrière kunnen rentenieren. Ik weet wat ik kan uitgeven en wat ik opzij moet leggen.' WULLAERT: 'Het vrouwenvoetbal leeft hier meer dan in België. Bij Wolfsburg gaan ze daar héél ver in. De club heeft van elke speelster kartonnen kaartjes laten drukken met een foto, die we gehandtekend kunnen uitdelen aan de supporters. Een tijdje geleden kwam ik zelfs een Duitser tegen die een shirt droeg met mijn naam op. Echt zot.' WULLAERT: 'Ik voel alleszins geen jaloezie. Als ik voor of na de training extra lenigheidsoefeningen doe, zie ik de meisjes wel met vragende blik kijken. Ik hoor ze denken: wat is zij aan het doen? In het Belgische vrouwenvoetbal is dat nog niet ingeburgerd. Ik hoop dat ik de rest kan meetrekken en iets teweeg kan brengen. Ik heb zelf nooit zo'n voorbeeld gehad in de kleedkamer.' WULLAERT: 'Dankzij mijn overgang naar Duitsland staat België plots op de Europese voetbalkaart. Ik hoop dat er de komende jaren nog meisjes mijn voorbeeld zullen volgen. Maar tegelijk wil ik tienermeisjes waarschuwen: zet niet te snel de stap naar het buitenland! Er komt meer bij kijken dan voetballen alleen. Je staat er vaak alleen voor. Alles moet geregeld worden: een auto, een bankkaart, een gsm, een nieuwe woning... Ik kon gelukkig op de steun van mijn moeder en mijn makelaar rekenen. Maar ik zie bij Wolfsburg veel jonge buitenlandse speelsters die verloren lopen.' WULLAERT: 'Ik heb er geen problemen mee om gezien te worden als het boegbeeld van deze generatie. Maar Lorca Van De Putte en Janice Cayman - die ook in het buitenland voetballen - zijn ook waardige ambassadeurs.' WULLAERT: 'Het was even slikken toen ik het bewuste interview las met De Keersmaecker. Hij maakte de vergelijking met het tennis en vertelde hoe Justine Henin en Kim Clijsters de sport een duwtje hadden gegeven. Toen dacht ik: zijn drie internationals in het buitenland niet genoeg om het vrouwenvoetbal te promoten? De bondsinstanties doen er niets mee. Doodjammer.' WULLAERT: 'Ik vraag niet dat mijn portret elke straathoek siert. Op dit moment ben ik al blij dat we interviews mógen geven. Moet de voetbalbond meer initiatieven nemen om aandacht los te weken? Daar ben ik wel van overtuigd. Maar het moet van twee kanten komen: hoe beter wij presteren op het veld, hoe meer er over ons gesproken zal worden. Kwalificatie voor het EK 2017 in Nederland zou ons een serieuze boost geven.' WULLAERT: 'We surfen mee op het succes van de Rode Duivels, dat zal niemand ontkennen. Hun succes straalt op ons af. Al worden we niet graag met de mannen vergeleken. Daarom was het zo belangrijk om met een eigen merknaam naar buiten te komen. Toen ik in 2011 bij de nationale ploeg begon, was er niets. Amateurisme zou ik het niet noemen, maar de middelen waren zeer beperkt. Nu hebben we een perschef, een fysiektrainer, een Instagramaccount, een vast onderkomen in Leuven en een groeiende aanhang.' WULLAERT: 'Het zou een kleine ramp zijn mochten we dat EK missen. In onze poule staat enkel Engeland boven ons op de ranking. Je kan het internationale vrouwenvoetbal grofweg in drie categorieën indelen: zwakke landen als Bosnië, dan heb je Nederland en België en daarna de echte toplanden zoals de VS en Duitsland. De kloof tussen de landen is véél te groot. Dat is een van de problemen van het vrouwenvoetbal.' WULLAERT: 'Ik zal mijn mening met een anekdote illustreren. We waren met een paar vriendinnen op stap en we kwamen Kevin De Bruyne tegen die net bij Chelsea had getekend. We geraakten aan de praat en ik vertelde hem hoe ik elke dag vier uur in de auto zat om bij Standard te trainen. Hij trok zijn ogen open en zei: 'Ik weet niet of ik het zou kunnen opbrengen.'' WULLAERT: 'Bij ons gaat het er gemoedelijker aan toe. Wij gaan niet met elkaar op de vuist voor een basisplaats of voor het beste contract. Dát is de charme van het vrouwenvoetbal. Voor mij mag het zo blijven. Maar ik zou hypocriet zijn mocht ik zeggen dat er niet meer geld naar het vrouwenvoetbal mag vloeien. Wij hebben recht op een betere vergoeding. Ook wij moeten veel opofferen om elke week op dat veld te staan.' DOOR ALAIN ELIASY IN WOLFSBURG - FOTO'S BELGAIMAGE