De Tour overleeft alles. Het mag stormen, het mag branden, er mogen iedere dag tien lijken uit de kast vallen, de Tour doorstaat het en komt er sterker uit. Chaos en paniek bij de Tourstart in Straatsburg. Alle grote favorieten geweerd ! Geen Ivan Basso, geen Jan Ullrich, geen Paco Mancebo - wegens allemaal met codenaam vermeld in de Spaanse bloeddopingschriftjes. Ook geen Alexandre Vinokourov, de arme Kazak mag niet starten omdat hij te weinig ploegmaats heeft die niet in opspraak zijn gekomen. Achteraf blijkt dat drie van die ploegmaats ( Contador, Sanchez Gil en Paulinho) niets met de hele affaire te maken hebben. Vrij vertaald : iemand heeft Vinokourov een bijzonder kwalijke loer gedraaid. Zo'n sympathieke en strijdlustige coureur het grootste wielerfeest op aarde laten missen terwijl hij zelf volkomen onschuldig is, het is een grof schandaal. Hopelijk put hij daaruit de woede om in de komende Vuelta verwoestend uit te halen.
...

De Tour overleeft alles. Het mag stormen, het mag branden, er mogen iedere dag tien lijken uit de kast vallen, de Tour doorstaat het en komt er sterker uit. Chaos en paniek bij de Tourstart in Straatsburg. Alle grote favorieten geweerd ! Geen Ivan Basso, geen Jan Ullrich, geen Paco Mancebo - wegens allemaal met codenaam vermeld in de Spaanse bloeddopingschriftjes. Ook geen Alexandre Vinokourov, de arme Kazak mag niet starten omdat hij te weinig ploegmaats heeft die niet in opspraak zijn gekomen. Achteraf blijkt dat drie van die ploegmaats ( Contador, Sanchez Gil en Paulinho) niets met de hele affaire te maken hebben. Vrij vertaald : iemand heeft Vinokourov een bijzonder kwalijke loer gedraaid. Zo'n sympathieke en strijdlustige coureur het grootste wielerfeest op aarde laten missen terwijl hij zelf volkomen onschuldig is, het is een grof schandaal. Hopelijk put hij daaruit de woede om in de komende Vuelta verwoestend uit te halen. De Tour is onthoofd, schrijven de analisten, wat volgt kan geen verheffend spektakel zijn. Hebben zij zich vergist zeg. Na de boeiendste, menselijkste en spannendste Ronde van Frankrijk uit de moderne wielergeschiedenis, kunnen we gerust besluiten dat de Tour geen wielerkampioenen nodig heeft. De Tour maakt zelf wel nieuwe kampioenen. Eigenlijk moeten de wielerliefhebbers heel dankbaar zijn voor Operación Puerto. Vraag tien volgers hoe ze verwacht hadden dat de Tour zou uitdraaien en negen zullen ongeveer met dit scenario op de proppen komen : Jan Ullrich pakt in de eerste tijdrit twee minuten, maar raakt ze bergop vlug kwijt aan een oppermachtig klimmende Ivan Basso, die de Ronde zou domineren als een nieuwe Armstrong. Vinokourov, gebelgd door de overmacht van de Italiaan, pakt uit met een mooi Alpenoffensief en redt zo zijn Tour. Het zou al een frisse wind zijn tegenover de Rondes van de laatste jaren, maar geef toe : was de Tour die we in de plaats hebben gekregen niet veel mooier en interessanter ? Het begon nochtans vrij monotoon en voorspelbaar, met zes ritjes waarin steevast hetzelfde stramien werd herhaald. Een kansloze vlucht krijgt vijf minuten, maar wordt telkens vlot teruggehaald door de sprintersblokken. Het is toch steeds een opgave om deze etappes te doorstaan. De commentatoren zien zich vaak genoodzaakt om uit te weiden over de lokale kaasspecialiteit, de voortreffelijke wijn die ze gisteren bij het diner dronken ... Allemaal zaken waarover ze beter niet beginnen, tenzij de VRT voortaan proevertjes aan huis laat bezorgen. Gelukkig kan Matthias Kessler in Valkenburg één keer het verwachte patroon doorbreken. Kessler is een fenomeen. Zijn ouders verdrinken naar verluidt in de poen en toch wil zoonlief niets liever dan knechten in de vedetteploeg van T-Mobile. Of u dat dwaas dan wel dapper vindt, hangt een beetje van uw eigen arbeidsethiek af. Tijdens een van de vlakke ritten opeens telefoon van Filip De Myttenaere, de perschef van Davitamon-Lotto die we een paar uur daarvoor tevergeefs probeerden te bereiken. We horen enkel gekraak, op de hallo's komt geen antwoord. De Myttenaere zal per ongeluk op redial geduwd hebben. De telefoon afleggen is natuurlijk de eerste reactie. Tot de nieuwsgierigheid het haalt ; hoe vaak krijgen we uiteindelijk de kans om in het geniep mee te luisteren in een volgwagen in de Tour ? Was dat nog eens een tegenvaller. Onze nieuwsgierigheid wordt beloond met gekraak en volkomen nietszeggend geleuter over het weer. Nog geen deel van de helft van een fractie van hoe spannend we het ons hadden voorgesteld. Gedesillusioneerd hangen we op. Filip Demyttenaere mag ons altijd een rekening sturen voor de gesprekskosten. Een andere anekdote om de tamelijk steriele eerste week op te fleuren. Op een bedrijfsbarbecue, die er al gauw op uitdraait dat alle mannen koers gaan kijken en alle vrouwen rond het buffet plaatsnemen, roept iemand na de rit verheugd : Tom Boonen heeft geel ! Waarop zijn vrouw, niet door enige sportkennis gehinderd : Oei, dan moet hij oppassen dat hij geen rood pakt !Dopingdokter Eufemanio Fuentes, de grappigste aller gynaecologen, laat nog eens van zich horen. "Ik ben geen crimineel, ik ben een gezondheidsspecialist", zei hij tegen een Spaans radiostation. "Sporten op dit niveau is niet gezond. Al die bergritten zijn schadelijk voor een lichaam", aldus Fuentes. Tsk, je verstoppen achter de eed van Hippocrates om een in maffiatoestanden gedrenkt dopingschandaal goed te praten. En wiens gezondheid wou Fuentes dan redden met de scheepslading epo die bij hem thuis werd aangetroffen ? "Die was voor een ziek familielid", lanceert de geestige gynaecoloog, een nieuwe aanwinst in het lijstje Beste Dopingsmoezen Aller Tijden. We kennen er zo nog een paar. "Die cocaïne zal in de pralines gezeten hebben die ik van mijn schoonmoeder kreeg. Of anders is de tandarts onvoorzichtig geweest", zei Gilberto Simoni eens na een positieve plas. "Het moet het waterhoen geweest zijn dat ik at. Dat was verontreinigd", toonde Stefano Garzelli zich creatief na betrapt te zijn op probenicid. Dé klassieker blijft echter "dat groeihormoon was niet voor mij, maar voor mijn hond". Frank Vandenbroucke wist ook na een bezwarende huiszoeking een hoog entertainmentgehalte te bewaren. Jammer genoeg schijnt zelfs dat hem de laatste tijd niet meer te lukken. We hebben nu wel even gelachen met Fuentes, maar eigenlijk is het helemaal niet grappig dat sjamfoeters van zijn kaliber nog rond het peloton azen. Fuentes is blijkbaar een van die kerels die uit alles een slagje weet te slaan. Naar verluidt moeten er flink wat stuivers rollen voor hij zich tot een interview bereid verklaart. Het is godgeklaagd. Niet alleen verdient die hufter al jaren geld met de vervalsing van de mooiste sport ter wereld. Nu laat hij zich ook nog vorstelijk betalen voor interviews waarin hij een vrije tribune krijgt om een hele trits verdachtmakingen te spuien, vanzelfsprekend zonder ze hard te maken. We begrijpen onze Spaanse collega's die daarop ingaan, niet zo goed. Er bestaat een ongeschreven journalistencode die zegt dat je niet betaalt voor interviews ; zodra men dat wél begint te doen, is het einde immers zoek. En áls je het dan toch doet, dan probeer je dat toch tot elke prijs stil te houden ? Je beroepsethiek aan diggelen trappen is één ding. Maar daar dan nog mee uitpakken ook ? Rare jongens, die Spanjaarden. " Ik kan het nie mieje ! 'k Denk da'k gon stoppe me sprinte. Nei wee te vruug aangegoan, gewoën de bordjes verkiejed geleze ! Wa veu ne nieuweling zen ekik na !" zegt Tom Boonen in zijn beste Kempens tegen een totaal verbijsterde Renaat Schotte. We zijn ondertussen al in Lorient. Boonens frustratie is begrijpelijk, in deze Tour draait alles in de soep voor hem en zijn Quick-Steptrein. Gangmakers Pozzato en Tosatto hebben kwaaltjes en halen nooit hun gebruikelijke niveau. Loods Steven De Jongh lijkt, en we schrijven het niet graag, gewoon niet snel genoeg. En Boonen blijkt zelf ook te kort komen om zijn ambitieuze doelen waar te maken. De Balenaar laat meteen zien waarom het altijd erg moeilijk voor hem zal zijn om groen te pakken. Boonen is een winnaar. Als hij ziet dat de overwinning er die dag niet inzit, zet hij zich neer. Strijden voor een vierde plaats kan hem nooit echt interesseren. Het is die instelling die van hem een kampioen maakt, maar het lijkt tegelijkertijd een bijna onoverkomelijke handicap in de strijd om de puntentrui. De Tour begint eindelijk te klimmen, al zijn de Pyreneeën dit jaar karig bedeeld met amper één echte bergrit. De favorieten lijken te beseffen dat de Tour hier niet beslist zal worden en kijken lange tijd de kat uit de boom. Menchov, Landis en Leipheimer blijken hier de sterksten, zij het met weinig voorsprong op Evans en Sastre. Een Amerikaans-Russisch gevecht tussen Landis en Menchov lijkt in de maak, Leipheimer had eerder in Rennes de slechtste tijdrit uit zijn carrière gereden - hij strijdt nog hoogstens voor een toptienplek. Bevreemdend moment in de etappe naar Carcassonne. Michel Wuyts verrast met een filosofisch statement waar we op dat moment even niet klaar voor waren. "Lange ontsnappingen zijn als vrouwenborsten, ze kunnen in werkelijkheid wel eens helemaal anders voor de dag komen dan je had verwacht." Wuyts, een man van de wereld, weet ongetwijfeld waarover hij spreekt. Jammer dat hij die wellicht bijzonder smakelijke anekdotes voor zich houdt, tijdens de live-uitzending tenminste. Hoe meer we erover nadenken, hoe meer we de wijsheid van Wuyts' woorden inzien. Lange ontsnappingen zijn als vrouwenborsten, uiteindelijk gebeurt er niet zo gek veel en toch kunnen mannen er probleemloos een hele namiddag gefascineerd naar zitten kijken. En ook : de grootste zijn de gevaarlijkste. Dat wordt 's anderendaags, in de rit naar Montélimar, nog eens treffend geïllustreerd. In die etappe had de Tour op een heel schlemielige manier beslist kunnen worden. Landis, die vaststelt dat zijn ploeg niet op kan tegen de blokken van CSC en T-Mobile, wil zijn gele trui kwijt. Een ontsnapping met ene Oscar Pereiro Sio krijgt daarom bijna een halfuur. Niemand grijpt in, in deze Tour zonder echte patrons lijkt de tactische controle zoek. Pereiro is nochtans geen onbeschreven blad, in 2004 en 2005 finishte hij tiende in de eindrangschikking. De Spanjaard kan bergop rijden, won in de vorige Tour zelfs een bergrit en had er eigenlijk zelfs twee moeten winnen. Zo iemand geef je toch geen halfuur cadeau ! Maar Landis, in 2005 in de eindafrekening slechts 3 minuten en 20 seconden voor op Pereiro, weet dat hij moet pokeren. Zijn tactiek valt nog ergens te verantwoorden, maar dat T-Mobile en CSC laten begaan, zal achteraf een dure vergissing blijken. Ironisch genoeg is het Jens Voigt, de kranige wegkapitein van CSC, die Pereiro op sleeptouw neemt en de voorsprong hoog doet oplopen. Het plannetje van Phonak lijkt in ieder geval te lukken. Op de flanken van Alpe d'Huez regeert Landis. Hij pakt schijnbaar moeiteloos opnieuw de gele trui. De Tour lijkt gereden en net als iedereen zich min of meer heeft neergelegd bij de dominantie van de Amerikaan, breekt hij. Vooral de seconden vóór Landis het begeeft, waren prachtig om volgen. Op weg naar La Toussuire schiet de motard even een beeld van de Phonakkopman. Het gezicht van de anders zo stoïcijnse Californiër vertrekt in een pijnlijke grimas. Ai Landis, dat hebben de ploegleiders van je concurrenten ook allemaal gezien op de televisie in hun volgwagen. Tien seconden later springt Carlos Sastre weg - hij rijdt de zieltogende Amerikaan op bijna achtenhalve minuut. "Na La Toussuire is één ding zeker, Floyd Landis wint de Tour niet", trapt Het Laatste Nieuws een open deur in. Niemand die daaraan twijfelt. Tot Landis 's anderendaags alle wetten van de wielersport tart in een atletisch kunststukje dat hem nog maar zelden is voorgedaan. De rit naar Morzine is straffe kost. Eén berg buiten categorie, twee van eerste en tussendoor nog cols van tweede en derde categorie. Na de martelgang van de laatste dagen een loodzware onderneming. Het is het soort rit waarvan columnisten steevast schrijven : hier dwingt men de renners zich te doperen. Flauwekul natuurlijk. De sporttak die na het wielrennen het meest in verlegenheid werd gebracht door dopingperikelen is de 100 meter sprint. Moet de conclusie niet gewoon luiden : zolang er gefoefeld kan worden, zal er gefoefeld worden ? Natuurlijk worden er na het fabuleuze machtsexploot van Landis meteen vraagtekens geplaatst. Hoe kan een renner die gisteren nog op sterven na dood was, vandaag een peloton op negen minuten rijden ? Omdat hij de sterkste was zeker ? Laten we alsjeblieft niet direct denken dat er wel dopingkuren moeten hebben plaatsgehad. Cynisch worden kan later altijd nog. In de afsluitende tijdrit kent Landis weinig problemen om zijn naaste concurrenten op achterstand te fietsen. Een Mennoniet wint de Tour ! We zijn hem erg dankbaar voor wat hij het publiek heeft aangeboden en voor het nieuwe elan dat hij de wielersport heeft bezorgd. Tot volgend jaar, Floyd. JEF VAN BAELEN