11

Van de achttien tweedeklassers zijn er maar liefst elf die in deze jonge eeuw nog in eerste klasse speelden. Degradanten Westerlo en STVV uiteraard en daarnaast Eupen, Roeselare, Tubeke, Brussels, Oostende en Antwerp. Verder ook Lommel, Moeskroen en Aalst, al moet daarbij vermeld worden dat die clubs ondertussen een fusie en/of naamswijziging ondergaan hebben. In tweede klasse staan dus wekelijks meerdere wedstrijden op de kalender die enige jaren geleden nog in de Jupiler Pro League plaatsvonden.
...

Van de achttien tweedeklassers zijn er maar liefst elf die in deze jonge eeuw nog in eerste klasse speelden. Degradanten Westerlo en STVV uiteraard en daarnaast Eupen, Roeselare, Tubeke, Brussels, Oostende en Antwerp. Verder ook Lommel, Moeskroen en Aalst, al moet daarbij vermeld worden dat die clubs ondertussen een fusie en/of naamswijziging ondergaan hebben. In tweede klasse staan dus wekelijks meerdere wedstrijden op de kalender die enige jaren geleden nog in de Jupiler Pro League plaatsvonden. Dat is het gemiddelde aantal doelpunten per wedstrijd in het seizoen 2011/12. In 306 matchen werd er 815 keer gescoord. Dat was uitzonderlijk weinig, want in tweede klasse wordt er doorgaans aan de lopende band gescoord. De vijf seizoenen ervoor lagen de gemiddelden telkens tussen de 2,8 en de 3. Zij aan zij stonden ze bij kampioen Charleroi in de spits en zij aan zij wisten ze te scoren: Moussa Gueye en Harlem 'Bison' Gnohéré. Beide goalgetters wisten allebei achttien keer de weg naar het net te vinden. Vermits zij er niet meer bij lopen, zal de topschutterstitel dit seizoen naar iemand anders gaan. Kandidaten zijn er genoeg, maar vooraf is het altijd een beetje koffiedik kijken. Daarin menen we onder meer de namen van twee Grieken op te merken: Ioannis Masmanidis en Stavros Glouftsis. De eerste is een halve Duitser, die vorig seizoen als middenvelder 14 keer scoorde voor Eupen en nu met het ambitieuze Wezet nog beter wil doen. Glouftsis is even grillig als zijn parcours (hij speelde de voorbije acht jaar bij acht clubs, momenteel voor Aalst), maar weet de goal staan. Als Dieter Dekelver (terug naar Lommel) blessurevrij blijft, is hij ook een ernstige kandidaat. Dat kan eveneens gezegd worden van Kevin 'Koffi' (vorig jaar in één op de twee matchen succesvol), als Boussu Dour het tenminste kan bolwerken. Verder zijn er nog enkele ex-topschutters van derde klasse actief: Omar Bennassar (die van Dessel Sport naar Antwerp komt) en Jimmy Fockaert (van Hoogstraten naar Heist). Benieuwd of zij het ook in tweede kunnen waarmaken. De oudste voetballer van eerste klasse is naar tweede verhuisd en voert ook daar de lijst met 'oudjes' aan: Bart Goor is er in april 39 geworden en zal dus, als hij het seizoen bij Westerlo uitdoet, tijdens de komende jaargang de kaap ronden van de 40, wel ja lentes. Daarnaast zijn er nog twee 37-jarigen present: Predrag Filipovic, centrale verdediger bij Eendracht Aalst, en Ivan Willockx, doelman van Sint-Niklaas. Maar keepers gaan lang mee, dat is bekend. Het geboortejaar van de Fransman Arnaud Dos Santos. De coach van Moeskroen-Péruwelz, oud-voetballer van onder meer Girondins de Bordeaux en Lille OSC, is daarmee veruit de ouderdomsdeken van het trainersgild in tweede klasse. Na Dos Santos volgt - op respectabele afstand - Cis Bosschaerts van KSK Heist (1956), die enkele maanden ouder is dan Manuele Domenicale van Wezet. Bosschaerts is wel in het bezit van een bijzonder record: hij is al dertien seizoenen onafgebroken de trainer van Heist, dat hij van eerste provinciale naar tweede klasse bracht. Dat zullen er niet veel hem nadoen. Een heel aantal trainers in tweede zijn overigens een pak jonger. Onder hen zelfs een aantal die tot voor enkele jaren nog zelf voetbalden en nu aan hun eerste (grote) opdracht als coach toe zijn: Frederik Vanderbiest (34 jaar, Oostende), Philip Haagdoren (42, Lommel), Stijn Vreven (39, Dessel Sport), Stefan Leleu (42, Oudenaarde) en speler-trainer Sergej Serebrennikov (35, Roeselare). De allerjongste is Noureddine Zaiour (32, FC Brussels). De toeschouwersaantallen in tweede ogen niet altijd zo positief, maar toch wist Antwerp vorig jaar in totaal meer dan honderdduizend kijkers naar de Bosuil te lokken. Met een gemiddelde van zowat zesduizend per match deed de Great Old het beter dan eersteklassers Westerlo, Bergen en Lokeren. Op plaats twee en drie stonden Charleroi (88.000) en Waasland-Beveren (61.000), maar die promoveerden ondertussen, zodat het dit jaar misschien Eendracht Aalst (vierde met 55.000) is dat het toeschouwersgemiddelde moet opkrikken. Al mogen we ervan uitgaan dat STVV zijn trouwe publiek wel voor een groot stuk zal weten te behouden. Antwerp en Aalst zijn ook de ploegen die op verplaatsing het meeste volk meebrengen, wat onder meer mag blijken uit het feit dat veel clubs tegen (een van) beide hun grootste recette(s) van het hele seizoen halen. De best bijgewoonde match vorig seizoen werd evenwel niet op de Bosuil gespeeld, maar op Mambourg: de match Charleroi-Antwerp trok 13.600 toeschouwers, op Charleroi-Eupen kwam 13.200 man af. De best bekeken thuismatch van Antwerp was die tegen Waasland-Beveren met ruim 9000 aanwezigen. Zo veel seizoenen speelde FC Boom alles bij elkaar in tweede klasse, een record. Op plaats twee en drie staan Turnhout en SK Sint-Niklaas met 47, dan volgt Racing Mechelen met 40. FC Boom en SK Sint-Niklaas zullen misschien vroeg of laat dat record aan Turnhout moeten laten, want die twee clubs bestaan als dusdanig niet meer. FC Boom ging na de fusie verder onder het stamnummer van Rupel en SK Sint-Niklaas ging op in een fusie met Lokeren. Het huidige SK Sint-Niklaas dat in tweede speelt, werd pas in 1993 opgericht als FC Nieuwkerken en droeg tot in 2010 de naam FCN Sint-Niklaas. Voor de opmerkzame kenner: Turnhout veranderde ook wel van naam (vroeger FC, nu KV) maar dat gebeurde onder hetzelfde stamnummer. Het hoogste aantal titels dat een club ooit behaalde in tweede klasse. Die eer is voor KV Mechelen, dat kampioen speelde in de jaren 1926, 1928, 1963, 1983, 1999 en 2002. Eigenlijk slaagde ook Union Sint-Gillis erin om zes keer de titel in tweede te pakken, maar dat is niet officieel erkend. Union deed dat bijvoorbeeld drie jaar na elkaar (1904, 1905, 1906). Hoe dat mogelijk is? Wel, in die pionierstijd van het vaderlandse voetbal mochten de tweede elftallen ook in competitie uitkomen (maar niet in dezelfde reeks als het eerste elftal). Union speelde dus drie keer op rij kampioen met zijn tweede ploeg. DOOR PETER MANGELSCHOTSAntwerp trok vorig seizoen de meeste toeschouwers.