Virginie De Carne (27) voelt zich thuis in Novara. "Ik heb er van 1999 tot 2001 gespeeld, in de tweede afdeling toen. Ik ben dus terug bij de club waar ik mijn hart aan verloren heb. Het is een beetje als thuiskomen. Als ik vorig seizoen naar een wedstrijd van hen ging kijken, scandeerden de supporters mijn naam. Ik heb voor twee jaar getekend, minstens."
...

Virginie De Carne (27) voelt zich thuis in Novara. "Ik heb er van 1999 tot 2001 gespeeld, in de tweede afdeling toen. Ik ben dus terug bij de club waar ik mijn hart aan verloren heb. Het is een beetje als thuiskomen. Als ik vorig seizoen naar een wedstrijd van hen ging kijken, scandeerden de supporters mijn naam. Ik heb voor twee jaar getekend, minstens." Van het provinciale Lendelede over de ambitieuze middenmoter Gent naar de Belgische top bij Kieldrecht, en ten slotte de logische stap naar Italië. Eerst bij Modena, daarna twee jaar bij tweedeklasser Trecata, een jaartje Ravenna (vijfde plaats) en nu bij de Italiaanse vice-kampioen Asystel Novara. De Carne: "Trecata is eigenlijk de originele standplaats van de club. Daar is ze gesticht en de clubkantoren zijn er nog altijd gevestigd. Maar om redenen van zaalcapaciteit is de club uitgeweken naar het nabijgelegen stadje Novara. Volleybal is er erg populair. Naar de laatste thuismatchen kwamen er zo'n 7000 toeschouwers kijken. De zaal was afgelanden vol. Wie er niet meer in kon, keek op een groot scherm in het stadscentrum. Uniek in Italië !"Het bestuur is ook vrij uniek. De stichtster-voorzitter en vice-voorzitter zijn nonnen : Suor Giovanna Saporitien Suor Marilena Bertini. "Ze heeft zelf ook nog gespeeld", weet Virginie De Carne. "Hoeveel uren op televisie we niet gekregen hebben ! Zuster Saporiti alleen al was goed voor een pak reportages. In volleybaltenue...De meeste fotografen en journalisten hadden haar liever in haar nonnenkledij op band vastgelegd, maar dat weigerde ze. En zij is de baas, reken maar." Hoeveel hoger kan ze nog mikken dan de Italiaanse vice-kampioen ? "Ik ben niet het type dat zit te lonken om elk jaar van club te veranderen of te gaan kijken. Ik heb me in die twee jaar supergoed gevoeld bij Novara-Trecata. De club is bijzonder professioneel. Een immens complex, prima medische begeleiding. De clubleiding heeft ook goede contacten met de voetbalclub van Juventus Turijn, niet ver van Trecata. Wij mogen gebruik maken van hun gesofistikeerde fitness- en therapiemachines. We trainen zes uur per dag, vijf dagen per week."Het team is een cocktail van nationaliteiten, bijna allemaal internationals: ikzelf, de Joegoslavische Sekulic, de Chinezen He Qi en Sun Ye en de Braziliaanse Erika. Erika en ik zijn de nieuwkomers. De twee Italiaanse basisspeelsters, libero Cardullo en middenspeelster Anzanello, zitten ook in de nationale selectie. En onze jonge talenten Venturini en Guiggi zijn er deze zomer in opgenomen." Novara speelde twee seizoenen terug onder de naam Trecata in Lega 2. De club werd kampioen en schoot als nieuwkomer in Lega 1 meteen door naar de tweede plaats. Veel beter kan niet ? De Carne : "Het bestuur is heel rustig op dat vlak. Die mensen beseffen ook wel dat het allemaal heel vlug gaat en dat de club zichzelf niet mag voorbijhollen. Sponsor Asystel ( informatica en technologie-integratie, nvdr) droomt er wel van om de titel te pakken." De sponsoring in het Italiaanse volleybal is ook niet meer wat het geweest is. Heeft Novara voldoende financiële armslag ? De Carne: "Ja. Ik heb nooit problemen gehad met betalingen. Niet bij Kieldrecht, niet bij Modena of Ravenna, niet bij Trecato. Maar het is een feit dat heel wat clubs fors moeten hengelen naar sponsorsteun. Modena bijvoorbeeld won de Italiaanse en de Europese beker, maar al voor de play-offs stonden heel wat speelsters op de transferlijst."Twee seizoenen geleden bij Tercato-Novara viel Virginie De Carne individueel in de prijzen, achter de Nederlandse Brinkman en de Italiaanse Ballardini. Ook vorig seizoen bij Ravenna was het raak. "Ik werd tweede in de allround-klassering per speelster, achter de Cubaanse Algero van Perugia. Volgens de statistieken had ik wel de beste opslag en het beste blok. Bij Perugia draaide alles ook rond Algero. Zij kreeg op een wedstrijd veertig ballen, ik twintig. Maar je hoort mij niet klagen." door Marc Lerouge