De WK's van 1963 en 1988, bij de al wat oudere wielerliefhebbers staan ze in het geheugen gegrift. Het wereldkampioenschap in 1963 moest voor superfavoriet Rik Van Looy de kroon op het werk worden. De Keizer van Herentals kon immers voor de derde keer wereldkampioen worden. Eén van Van Looys knechten besliste er evenwel anders over, want tegen alle ploegafspraken in remonteerde Benoni Beheyt zijn kopman in de spurt. Een anticlimax voor de talrijke supporters van Van Looy. Nog dramatischer was de ontknoping van het WK in 1988. D...

De WK's van 1963 en 1988, bij de al wat oudere wielerliefhebbers staan ze in het geheugen gegrift. Het wereldkampioenschap in 1963 moest voor superfavoriet Rik Van Looy de kroon op het werk worden. De Keizer van Herentals kon immers voor de derde keer wereldkampioen worden. Eén van Van Looys knechten besliste er evenwel anders over, want tegen alle ploegafspraken in remonteerde Benoni Beheyt zijn kopman in de spurt. Een anticlimax voor de talrijke supporters van Van Looy. Nog dramatischer was de ontknoping van het WK in 1988. De Waalse streekrenner Claude Criquielion leek in een spurt met drie op de flank van de Kruisberg goed op weg om zijn tweede wereldtitel te pakken. Op 75 meter van de aankomstlijn dook hij in het gaatje tussen Steve Bauer en de nadarafsluiting. De Canadees deed echter 'vakkundig' de deur dicht, Criquielions voorwiel raakte de nadar, de plaatselijke favoriet ging over de kop en de toen nog vrij onbekende Italiaan Maurizio Fondriest werd wereldkampioen. Ronse, want daar was het uiteraard dat beide WK's plaatsvonden, werd een begrip in de wielerwereld. Dankzij de befaamde wielerclub 'Het Onafhankelijke Wiel' mocht de Sint-Hermesstad zich in de vorige eeuw jarenlang 'wielerhoofdstad van Vlaanderen' noemen, met ook nog Belgische kampioenschappen in 1983 en 1991. Na het opdoeken van 'Het Onafhankelijke Wiel' ging het echter pijlsnel bergaf met de wielerreputatie van Ronse. De in 2004 en onder voorzitterschap van Luc Van Den Abeele opgerichte vzw 'Ronse Koerst' wil daar verandering in brengen en weer aanknopen met het roemrijke verleden. Een eerste stap in die richting wordt zondag gezet met het Belgisch Kampioenschap bij de elite. In tegenstelling tot het WK in 1988 en het BK in 1983, toen Lucien Van Impe de driekleur pakte na een beklijvende sprint tegen Marc Sergeant, ligt de finish niet in de Kruisstraat. Dat betekent geenszins dat de renners 245 eenvoudige kilometers voor de wielen geschoven krijgen, want zestien ronden lang zullen ze over de Hotondberg, de hoogste piek van Oost-Vlaanderen, mogen klauteren. Om de wedstrijd in goede banen te leiden doet de organisatie een beroep op twee oud-renners. De wedstrijdleiding is immers in handen van Luc Ronsse, bijgestaan door Johan Museeuw. Een andere 'naam', Peter Van Petegem, is peter van het kampioenschap. Voorspellen wie er zondag Niko Eeckhout opvolgt als Belgisch kampioen lijkt geen eenvoudige opgave. Namen ? Björn Leukemans, Greg Van Avermaet en Leif Hoste voor Predictor-Lotto en Van Petegem, Tom Boonen en Gert Steegmans voor Quick-Step-Innergetic. Maar de sterke blokken hebben nog meerdere ijzers in het vuur. De minder talrijk vertegenwoordigde ploegen zullen zich dan weer niet zomaar bij de situatie neerleggen. Stijn Devolder (Discovery Channel) toonde vorm in de Ronde van Zwitserland en ook Philippe Gilbert (Française des Jeux), Nick Nuyens (Cofidis) en Axel Merckx stipten Ronse ongetwijfeld aan in hun agenda.