Tegen Roeselare, vorige zondag, had Standard de kans om landskampioen te worden al niet meer in eigen hand. Anderlecht moest punten laten liggen op Gent, Standard mocht er geen kwijtspelen in Roeselare.
...

Tegen Roeselare, vorige zondag, had Standard de kans om landskampioen te worden al niet meer in eigen hand. Anderlecht moest punten laten liggen op Gent, Standard mocht er geen kwijtspelen in Roeselare. Edoch : Anderlecht en Standard speelden allebei 0-0. "De ontgoocheling is groot bij iedereen van Standard", wist Dominique D'Onofrio na de wedstrijd in Roeselare. "In de eerste helft ging het nog, maar telkens liep het mis in de laatste 25 meter en hun keeper deed een paar goede reddingen. Maar we mogen de oorzaak niet bij hem zoeken, we hebben dit hele seizoen gewoon al iets te vaak 0-0 op verplaatsing gespeeld. Voor een topploeg die de titel wil, kan dat niet. Het verschil met Anderlecht is dat wij over een heel seizoen bekeken tien doelpunten tekortkomen. Maar het is nog niet gedaan : we zullen er alles aan doen om thuis onze supporters tegen AA Gent nog een plezier te doen." De trainer van Standard zal er, alle verwachtingen ten spijt, behoudens een misstap van Anderlecht thuis tegen Zulte Waregem, ook dit seizoen niet in slagen zijn ploeg na 23 jaar nog eens de titel te bezorgen. "We willen al jaren een titel," zegt hij, "maar Standard is nog nooit eerste of tweede geweest tot in de laatste wedstrijden. Dus psychologisch gezien is het logisch dat de mensen gingen denken dat het dit jaar zou lukken. Wij geloofden er óók in, maar toch speelden we een magnifiek kampioenschap, ook al halen we het (misschien) niet. Drie, vier wedstrijden voor het einde zijn we zeker van Europees voetbal : hoelang is dat al niet geleden ? Wat ? Maar natúúrlijk is dat de zaken positief bekijken. Zo moet het ook. De bekercampagne heeft ons veel gekost en we hebben de finale, die vooraf een doel was, niet gehaald. Maar in de competitie kan men Standard niet veel verwijten - wat sommigen er ook van mogen denken."En dan is ze daar, de als-zin, de troost van de verliezer. "Als men mij voor het kampioenschap had gezegd dat we twee wedstrijden voor het einde tweede zouden staan en op twee punten van Anderlecht : ik had het met mijn twee handen getekend. Het eerste objectief was Europees spelen en dat hebben we bereikt, daarna hebben we gerivaliseerd met de besten, Brugge, Anderlecht, Genk, Gent. We hebben het hele seizoen binnen de eerste twee, drie plaatsen gespeeld. Dus het seizoen is, zeg ik, geslaagd en wat mij dit jaar nog bijzonder is bevallen, is de état d'esprit van de ploeg. Die was opmerkelijk. Zelfs al gaan sommige puristen er niet mee akkoord, ik zou er toch op willen wijzen dat we voor de nederlaag op Anderlecht uit een reeks van twaalf of dertien wedstrijden zonder nederlaag kwamen, wat toch een bewijs van regelmaat is. Maar op één wedstrijd is iedereen dat vergeten. Ik niet. Anderlecht, Brugge en Genk zijn hier op Sclessin verslagen en we hebben gelijkgespeeld op Brugge en gewonnen op Genk - zeventig minuten met tien tegen elf. Daar heeft men het proces van de trainer of de club niet gemaakt." Op een voortreffelijke heenronde, met Standard als herfstkampioen, kan de club ook terugkijken. Dus, zegt D'Onofrio : "Ook zonder titel is het seizoen geslaagd. Bien sur ! Er is er altijd maar één die kampioen kan zijn en als je ons seizoen bekijkt, is het zeker dat er een ontgoocheling bestaat, maar Standard zit in de regelmaat die ze van de vorige seizoenen kent. Helemaal. De vorige drie jaren zaten we telkens in de eerste drie. Alleen zit er nu - op een paar gebeurtenissen na - wel meer stabiliteit in. Vergeet niet dat Standard behalve meegespeeld aan de top met Conçeicao ook de Gouden Schoen heeft geleverd. Hoelang is dát al niet geleden ? Misschien van in de tijd van Michel Preud'homme. Dat wil zeggen dat we nu positief voetbal hebben gebracht en van ons doen spreken hebben. Voilà." Het voetbal dat hij met zijn ploeg voor ogen had, heeft hij in meerdere wedstrijden gezien. "Hier thuis tegen Anderlecht en Club Brugge en in Genk, maar ook tegen La Louvière, die we ongelooflijk onder druk hebben gezet, maar waar we vier, vijf keer hadden moeten scoren, en ook de eerste helft tegen Brussels, waar we enorme druk konden maken. Eigenlijk hebben we in veel wedstrijden present gegeven. Wat ik gezien heb dat ik wou zien ? Standard is een ploeg die zich pijn moet kunnen doen, qui doit aller au charbon. Maar ook de hele breedte van het veld moet benutten, omdat we daar met Rapaic en Conçeicão de spelers voor hebben. Die flanken benutten en dan penetratie vanuit de tweede lijn met twee goeie aanvallers, dat was performant. Maar zonder Rapaic aan honderd procent en zonder Conçeicão : dat is een ander Standard, natuurlijk. L'animation is anders. Maar in essentie ben ik een trainer die voor alles een doelpunt meer wil maken dan de tegenstander." Dat wilde dan bij momenten wel eens tot een potje onsamenhangend over en weer getrap leiden. "Maar in voetbal moet je met je kwalitei-ten spelen en als Standard niet die van Anderlecht of andere ploegen heeft, moeten we met de onze spelen. Met Rapaic, Conçeicão, Geraerts en Dembélé zie je natuurlijk altijd een paar lange ballen, maar als een andere ploeg dat doet... Het belangrijkste is met zijn kwaliteiten de tegenstander onder druk zetten en een doelpunt meer maken. Standard heeft nooit met zijn fouten gespeeld en die zijn dat we niet over veel spelers beschikken die een man kunnen uitschakelen. Bij Anderlecht zijn er meer die dat kunnen : een-tegen-eenactie een-tweebeweging, numerieke meerderheid creëren. Standard probeert fysiek en techniek samen te brengen en bij momenten heeft het fysieke wat de overhand gehaald. Het publiek heeft het ten andere geapprecieerd, want we zijn van achtduizend naar zestienduizend abonnees gegaan en we spelen elke thuiswedstrijd voor twintigduizend man." Als Standard geen kampioen wordt, dan... "... verloren we de titel niet op Anderlecht, maar thuis tegen Beveren, Roeselare, La Louvière en, in mindere mate, in de verplaatsingen naar Moeskroen en Brussels. Met een beetje meer concentratie en geluk moesten we zeven, acht punten meer hebben."Waarom ondervond Standard het meeste moeilijkheden tegen kleine ploegen ? "Omdat die ploegen in het algemeen verdedigend spelen en wij niet de creativiteit vinden, de dribbel, de een-tegen-eenactie om dat open te krijgen. Zie de 0-0 tegen Roeselare. Je kan wel zeggen : snelle balcirculatie, maar je moet de kwaliteiten hebben om dat te doen. Laat ik er die drie thuiswedstrijden uitpikken : tegen Beveren, Roeselare en La Louvière. Tegen La Louvière - we hadden ze geteld - kregen we zeventien of achttien kansen, terwijl zij gelijkmaken op ik-weet-niet-wat-voor-manier. De verklaring is dat wij het dit seizoen moeilijk hadden om onze acties af te maken, de bal in het net te krijgen als het moest en se rassurer, se libérer. Met het spel dat we dit seizoen lieten zien, hadden we tien doelpunten meer moeten tellen. Dat maakt het verschil met Anderlecht : we beschikken over de beste verdediging van het land, maar pas de derde aanval, schat ik. Tchité scoort, heeft snelheid, maar miste in sommige wedstrijden frisheid. De ervaring die hij nu heeft opgedaan, kan hem volgend seizoen van pas komen, want hij heeft op elk vlak - zich verplaatsen, positie kiezen, scoren - nog een progressiemarge, want hij is nog maar 22. En ja, Tchité is topschutter, maar hij scoort alléén. Bovendien heeft ook de blessure van De Camargo ons punten gekost. Wij staan waar we staan omdat we het verdienen op basis van un championnat performant. Wij hebben voor emotie gezorgd. Het was al lang geleden dat men nog zo'n duel tussen Standard, Anderlecht en tot op zeker moment ook Club Brugge had gezien." Misschien heeft Standard de titel wel verloren in de halve finale van de beker, tegen Zulte Waregem, waar Conçeicão werd uitgesloten, maar de trainer lijkt het zijn speler nauwelijks kwalijk te nemen. "Misschien hebben we daar de titel verloren, misschien, want ça, ça nous a coûté très cher. Maar dat moet je aanvaarden. Elke dag leveren we inspanningen om spelers in de hand te houden. We kregen de meeste kaarten, ja, en we worden omschreven als l'équipe la plus méchante, maar als je kijkt naar de gele kaarten die we kregen voor rouspétances dan kregen we er misschien het minste. Maar ik stel daar tegenover dat we de ploeg zijn die het meeste hoekschoppen mee kreeg. Met ruime voorsprong : veertig of vijftig meer dan Anderlecht. Dat wil ook iets zeggen. Dat is een statistiek die met het spel te maken heeft. Trouwens, in de wedstrijd tegen Anderlecht heeft Anderlecht meer fouten gemaakt dan wij. De pers heeft ons dat imago opgekleefd en dat heeft bepaalde spelers misschien wat geblokkeerd. En eerlijk : we hebben Rapaic verloren tegen Zulte Waregem, Wamberto zijn we een jaar kwijt geweest, maar daar heb ik niemand over gehoord. Maar als een speler van Standard onvrijwillig een ander blesseert, krijgen we het allemaal over ons." Als Standard wel kampioen wordt dan... "... zullen we het gewonnen hebben op verplaatsing : Standard was daar een van de beter presterende ploegen uit de top drie. Als we het halen is het omdat we regelmatig zijn geweest, in elk geval buitenshuis."Igor De Camargo, Siramana Dembélé en Jorge Costa kwamen Standard aan de winterstop vervoegen, ter vervanging van de vertrokken Mathieu Assou-Ekotto, Ivica Dragutinovic en Mathieu Beda. "De Camargo heeft zich geïntegreerd à la vitesse de l'éclair. De Camargo hebben we gehaald omdat we in hem een mooie complementariteit zagen met Tchité. Plus kende hij de Belgische competitie heel goed, waardoor hij minder aanpassing nodig zou hebben, ook al omdat er hier veel Brazilianen zitten. Maar hij raakte geblesseerd, maar ondanks zijn uitvallen staan we toch nog bovenaan. En er is ook het geval met Onyewu geweest. Ook al beschikken we over spelers om hen te vervangen, we beschikken niet over twee ploegen, een kern van dertig man, zoals Club Brugge of Anderlecht. We moeten op elk vlak nog vooruitgang boeken, maar we zijn op goede weg. Van de topploegen zitten we met de minste middelen. Standard wacht al lang op een prijs, dus kritiek zal er in afwachting altijd blijven komen, maar we zijn op de goede weg. "De inbreng van Costa is net als die van Dembélé prépondérant geweest. Die twee hebben twee sectoren van ons spel gestabiliseerd. Ze waren opgewassen tegen hun taak. Ik was ook, moet ik zeggen, aangenaam verrast door hun snelle aanpassing. Dembélé is een van de beste verdedigende middenvelders van België geworden. Hij heeft een bovengemiddeld spelinzicht, oriënteert het spel gemakkelijk en kan met de bal oprukken. Bovendien is hij bescheiden en staat hij open voor advies. Hij heeft ons meteen een goed gevoel gegeven, want na het vertrek van Assou-Ekotto maakten we ons zorgen. Maar bij Standard integreren spelers gemakkelijk. Bovendien waren ze fysiek klaar : Costa was blijven werken omdat hij nog onder contract lag. Hij had het wedstrijdritme wat verloren, maar niet het werkritme. Dembélé had het matchritme nog omdat hij tot op het laatst speelde in Portugal. Vergeten we niet dat we ook Beda en Dragutinovic verloren." Is, tot slot, Anderlecht-Standard, niet het voor Standard frustrerende keerpunt van het kampioenschap geweest : Négouai die zich liet terugzakken, het buitenspel waar te pas en te onpas op werd gespeeld ? "Dat heeft niet het verschil gemaakt", verweert D'Onofrio zich. "Het was ook de bedoeling niet, dat hadden we Négouai goed uitgelegd. Maar ik kom daar niet meer op terug. Het is un des plus mauvais Anderlecht dat ik tegen ons heb zien spelen. Zitka werd uitgeroepen tot man van de wedstrijd. Hoe kan dat als Standard niet goed was ? Dat is toch een grote paradox? Runje heeft niks moeten doen. Zetterberg en Wilhelmsson : niet gezien op een vrije trap na. Onhandig op buitenspel willen spelen. Welk spel heeft Anderlecht kunnen ontwikkelen ? Vanderhaeghe kreeg de vrijheid maar wat heeft hij ermee gedaan ? Maar ze wonnen en ze verdienden het. Ik wil maar zeggen dat onze aanpak juist was. Al geef ik toe dat je zulke doelpunten niet mag tegen krijgen. Maar neen, ik wil daar verder niet op ingaan. Wat ik onthou is dat ik in de hele regio de indruk kreeg dat Anderlecht-Standard de finale van de wereldbeker was. Er bestond een goesting en dat creëerde een elan. Dat was mooi aan deze hele competitie en dat heb ik mijn spelers voor elke wedstrijd ook telkens proberen bij te brengen : dat ze altijd moeten spelen om geen spijt te hebben, want les regrets sont éternelles. " Spijt heeft hij zelf, zegt Dominique D'Onofrio, dan ook nergens van. "Standard heeft het vuur in de competitie gestoken."RAOUL DE GROOTE EN PETER T'KINT