DOOR JAN HAUSPIE
...

DOOR JAN HAUSPIEVerliezers kunnen ook winnaars zijn. Italië mag de finale van het EK dan niet hebben gewonnen, het veroverde wel vele voetbalharten. Cesare Prandelli liet de Azzurri voetballen zoals ze nooit eerder deden: vanuit balbezit, opbouwend, voorwaarts. Een stijlbreuk met hoe het in het land van cappuccino en catenaccio nog steeds toegaat in de opleiding. Het zal zijn tijd dus nog duren voor Prandelli als een trend-setter de boeken ingaat, zoals met Jürgen Klinsmann en zijn assistent Joachim Löw is gebeurd in Duitsland. Ook geen prijzenpakkers - de Mannschaft wacht al sinds 1996 op een toernooizege - maar wel grote bezielers door wie we van de Duitsers zijn gaan houden. Daar kan geen trofee tegenop. Alleen Spanje koppelt vooralsnog palmares aan schoonheid. Maar het Spaanse voetbal daarom na drie opeenvolgende toernooizeges het voetbal van de toekomst noemen, is wat kort door de bocht. Spanje is niet Barcelona, waar het befaamde opleidingscentrum La Masía het op humane waarden gebouwde fundament van het tiqui-taca vormt. Waarden die ook door Klinsmann en Prandelli worden belichaamd. Bovendien is voetbal als wetenschap: de waarheid van vandaag is niet die van morgen. Ruim een decennium geleden was Frankrijk het na te volgen voorbeeld. Het won het WK 1998 en het EK 2000, een succes dat werd toegeschreven aan zijn centres de formation die als antwoord op de jaren van verval overal uit de grond waren geschoten. Vandaag is het Franse voetbal terug bij af. Net als Oranje. Lang de Poulidor van het internationale voetbal geweest, maar wel de wereld decennialang geïnspireerd met zijn avontuurlijke voetbal. Tot Bert van Marwijk het resultaat zalig verklaarde en schoonheid en plezier moesten wijken voor een zakelijker aanpak. Bijna leverde dat nog de wereldtitel op in Zuid-Afrika, maar in Oekraïne leidde de identiteitscrisis naar een roemloze ondergang. Exit Van Marwijk. Zonder prijs en - erger - met verlies van alle sympathie die Nederland ooit genoot. Resultaatvoetbal versus tendensvoetbal. Van Marwijk versus Prandelli. Palmares versus tijdgeest. Club Brugge versus Anderlecht. Van de Belgische topclubs stelde Club Brugge zich vorige week als eerste voor aan het publiek. Na het zelden geziene transferoffensief van vorig seizoen zat de vicekampioen opnieuw niet stil. Het ongeduld is groot in de club van Bart Verhaeghe, voor wie het allemaal niet snel genoeg kan gaan. Van jeugddoorstroming - de publiciteitsstunt van twaalf maanden geleden - is geen sprake meer. Alleen het doel staat nog voorop: de titel en niets dan de titel. Club wisselde daartoe de ene kortetermijncoach in voor de andere. Georges Leekens verheft opportunisme al een carrière lang tot kunst, maar zijn nalatenschap is - zoals die van Van Marwijk bij Oranje - nooit groot geweest. Met Christoph Daum bekende Club eerder al kleur. De Duitser had alleen oog voor het scorebord. Als hij iets heeft bijgebracht, dan vooral het besef dat winnen het voetbal niet altijd mooi maakt. Heeft de focus zich in Brugge verengd tot het winnen, zo niet ten koste van alles, dan toch ten koste van veel, bij Anderlecht zijn er andere keuzes gemaakt. De landskampioen is er stilaan uit dat met zijn budget zelfs de betere spelers uit België niet meer haalbaar zijn, laat staan uit Europa. Met Romelu Lukaku deed het een jaar geleden de lucratiefste uitgaande transfer uit de clubgeschiedenis. Opgeteld bij de ingebruikname van het oefencomplex in Neerpede heeft dat voor een nieuw bewustzijn gezorgd. Anderlecht zet meer dan ooit in op de doorstroming van jong talent en verbindt daar nu ook de consequentie aan dat dit talent speeltijd moet krijgen om zich te ontwikkelen. Aan John van den Brom om die evenwichtsoefening tussen speeltijd en resultaat in goede banen te leiden. Geen Daum, maar een veertiger met een leiderschapsstijl die aansluit bij de tijdsgeest. Een Barçaliefhebber met meer dan alleen oog voor het resultaat. In het 'slechtste' geval: de Klinsmann van het Astridpark, de paars-witte Prandelli. Van den Brom weet dat hij na 30 speeldagen niet bovenaan moet staan. Het inpassen van jonge spelers mag punten kosten onderweg, zolang er maar iets te zien is én de titel in het vizier blijft. Het belooft een interessante strijd te worden straks. Op het scorebord, maar ook in de voetbalharten. Club gaat voluit voor de titel, Anderlecht voor de doorstroming van talent (en de titel).