Glen De Boeck bekende zaterdagavond na de wedstrijd in Lokeren (1-3-winst) dat hij zich bij de rust in de kleedkamer boos gemaakt had zoals nooit voorheen. Zijn ploeg stond halfweg 1-0 achter en wat zich in de eerste 45 minuten voor zijn ogen had afgespeeld, was totaal iets anders dan wat hij tijdens de week op training had gezien. Vóór de wedstrijd is het voor spelers altijd gemakkelijk praten, maar op een gegeven moment moet je op het veld met je voeten spreken en dat was tot dan absoluut niet het geval geweest, verklaarde hij. De prestatie van zijn elftal in de eerste helft noemde hi...

Glen De Boeck bekende zaterdagavond na de wedstrijd in Lokeren (1-3-winst) dat hij zich bij de rust in de kleedkamer boos gemaakt had zoals nooit voorheen. Zijn ploeg stond halfweg 1-0 achter en wat zich in de eerste 45 minuten voor zijn ogen had afgespeeld, was totaal iets anders dan wat hij tijdens de week op training had gezien. Vóór de wedstrijd is het voor spelers altijd gemakkelijk praten, maar op een gegeven moment moet je op het veld met je voeten spreken en dat was tot dan absoluut niet het geval geweest, verklaarde hij. De prestatie van zijn elftal in de eerste helft noemde hij dramatisch, omdat er volgens hem maar drie spelers op niveau waren: de twee centrale verdedigers, Christophe Lepoint en Gary Kagelmacher, en Ilombe Mboyo. Dat deed hij niet voor het eerst. Na de wedstrijd in Moeskroen (1-0-verlies) zei hij dat er maar vier spelers op niveau waren geweest en dat hij een compilatie van wel een halfuur met dom balverlies kon maken. En na de wedstrijd tegen Eupen (1-3-verlies) zei hij dat er slechts één offensieve speler op niveau was, Jovan Stojanovic, dat het onbegrijpelijk was dat er twee doelpunten werden gepakt na een vrijschop van op dezelfde plaats en dat hij de invalbeurten van Elohim Rolland en Imoh Ezekiel niet pikte. Zijn spelers, concludeerde hij toen, moeten dringend mentaal sterker worden. Het frustreert de razend ambitieuze KVK-coach dat zijn team vooralsnog slechts bij momenten top is, zoals tegen Genk (3-3), in Charleroi (0-2-winst) en in Waregem (0-2-winst), en het het op andere momenten dus compleet laat afweten. Want kwaliteit is er voldoende. Zeker in de breedte is dit de sterkste kern waarover een trainer in Kortrijk ooit al kon beschikken. Zelf noemde De Boeck het trouwens de groep met de meeste kwaliteit waar hij in zijn trainerscarrière al mee werkte, dus met nog meer kwaliteit dan die waarmee hij vorig seizoen na een opmerkelijke remonte uiteindelijk maar nipt play-off 1 en de bekerfinale miste. In zijn selectiepolitiek laat hij de concurrentie spelen en startte mede daardoor nog niet één keer twee wedstrijden na elkaar met dezelfde elf. Zaterdagavond in Lokeren kon hij alleszins niet klagen over zijn invallers. De sterke bank bleek er een troef: Idir Ouali, met zijn rushes, en Felipe Avenatti, met zijn balvastheid, maakten in de tweede helft mee het verschil met ook nog elk een doelpunt. Elf op dertig en een elfde plaats na een derde van de reguliere competitie is minder dan verhoopt, maar de ommekeer die het op Daknam na de rust realiseerde, zorgde ervoor dat KVK alsnog met een goed gevoel de tweede interlandbreak kon ingaan. De Boeck zal de competitie-onderbreking gebruiken om heel hard te werken, want, herhaalde hij: die onregelmatigheid moet eruit; goed voetbal afwisselen met zoveel slordigheden is niet normaal. Waarna hij besloot met de opmerking dat coaches tijd moeten krijgen om met een grondig vernieuwde selectie en al die late transfers iets neer te kunnen zetten.