Sporting Charleroi wist zich, in tegenstelling tot vorig seizoen, al in de winterstop van het behoud verzekerd. En toch beleefde het nog een bijzonder moeilijke tweede ronde. De uitspraken die de club een jaar geleden deed, waren heel bemoedigend. Ze legden de nadruk op dat waaraan het haar al jaren ontbrak : stabiliteit. Charleroi wilde een team bouwen voor meer dan één seizoenen en deed daarom niet langer massaal een beroep op huurlingen. De nieuwe trainer, Manu Ferrera, leek het goede profiel te hebben en maakte zich dadelijk de ...

Sporting Charleroi wist zich, in tegenstelling tot vorig seizoen, al in de winterstop van het behoud verzekerd. En toch beleefde het nog een bijzonder moeilijke tweede ronde. De uitspraken die de club een jaar geleden deed, waren heel bemoedigend. Ze legden de nadruk op dat waaraan het haar al jaren ontbrak : stabiliteit. Charleroi wilde een team bouwen voor meer dan één seizoenen en deed daarom niet langer massaal een beroep op huurlingen. De nieuwe trainer, Manu Ferrera, leek het goede profiel te hebben en maakte zich dadelijk de mentaliteit van de streek eigen. Helaas, een halfjaar later stelde Manu Ferrera vast dat een trainer niet altijd op zijn resultaten beoordeeld wordt. Eind november bezetten de Zebra's een onverhoopte vijfde plaats. Het verloor weliswaar met grote cijfers tegen de topploegen, maar haalde heel wat punten tegen tegenstanders van zijn niveau. Als een speler niet behoorlijk had gepresteerd, zei Ferrera dat ook openlijk. Evenmin verheelde hij dat bepaalde toestanden bij de club hem zenuwachtig maakten. Gevolg : de trainer kreeg zijn C4. Zijn opvolger heette Enzo Scifo. Die diende als speler vroeger dan voorzien een einde te maken aan zijn carrière (heupblessure) en sprong graag in de opning. Beter doen dan Ferrera was echter nagenoeg uitgesloten. Bovendien liet het geluk de ploeg nu al eens wat vaker in de steek. Toch was Scifo's debuut niet slecht : hij slaagde er aanvankelijk in zijn voorliefde voor artistiek en offensief voetbal op de groep over te brengen. Tot na de winterstop alles plots begon te stokken. Charleroi bleef zware nederlagen slikken tegen de topploegen, maar begon bovendien ook veel punten te verliezen tegen teams van vergelijkbare kwaliteit. Op het einde van het seizoen vertroebelde de sfeer danig en de kleine akkefietjes tussen Scifo en spelers als Tokéné, Bisconti, Renard en Lecomte waren niet van aard om daar verandering in te brengen. Het lijkt ondenkbaar dat Scifo, die als speler met diverse topcoaches werkte, niet in staat zou zijn om een Belgische club te leiden als trainer. Hopelijk trekt hij lessen uit wat hij dit seizoen leerde uit de menselijke omgang met zijn groep. Belangrijk zal ook zijn dat de club spelers aantrekt die voor hun werkgever bereid zijn door een vuur te gaan. Naar het einde toe waren de nog gemotiveerde Zebra's immers op de vingers van een hand te tellen. Stabiliteit in de spelersgroep bleek dus eens te meer nog steeds een ijdel begrip te zijn. De rampzalige uitslagen van de laatste weken zorgden ervoor dat het bestuur een grote schoonmaak aankondigde in de spelersgroep. De Karolingische verankering is een mislukking gebleken en er komen opnieuw testspelers uit de vier windstreken. Alle commotie leidde er ook toe dat tegelijk een ferme deuk werd toegediend aan het imago van Enzo Scifo.door Pierre Danvoye