Mag de jongste Ronde van Lombardije een geruststelling zijn? Als Philippe Gilbert aan de vooravond van een klassieker beweert vermoeid te zijn, doet hij dat niet altijd om zand in de ogen te strooien. Uiteindelijk behalen de Belgen dit seizoen zes op negen in de klassiekers, als we deze term voorbehouden aan de wedstrijden van de voormalige wereldbeker. Die score is niet meer genoteerd sinds 1976. Toen lieten onze landgenoten zelfs niet één klassieker aan het buitenland. Moet erbij gezegd: in die tijd was de wielersport nog niet zo internationaal als...

Mag de jongste Ronde van Lombardije een geruststelling zijn? Als Philippe Gilbert aan de vooravond van een klassieker beweert vermoeid te zijn, doet hij dat niet altijd om zand in de ogen te strooien. Uiteindelijk behalen de Belgen dit seizoen zes op negen in de klassiekers, als we deze term voorbehouden aan de wedstrijden van de voormalige wereldbeker. Die score is niet meer genoteerd sinds 1976. Toen lieten onze landgenoten zelfs niet één klassieker aan het buitenland. Moet erbij gezegd: in die tijd was de wielersport nog niet zo internationaal als vandaag. Neem de Ronde van Lombardije. In 1976 wapperden vijf verschillende vlaggetjes naast de eerste dertig namen. Afgelopen zaterdag telden we er dertien. Eveneens anders dan nu: 35 jaar geleden trad bij zo veel weelde gewenning op. Ook in 1969, '71, '72, '73 en '75 hadden de Belgische kampioenen minstens zeven van de acht wedstrijden opgeëist, die later in de wereldbeker belandden. Natuurlijk waren veel zeges op het conto te schrijven van de Kannibaal. Maar in 1976 bijvoorbeeld won Eddy Merckx 'slechts' Milaan-Sanremo en zegevierden de Belgen in de acht klassiekers met liefst zeven verschillende renners. Die luxe in de breedte heeft ons wielrennen minder dan toen. Van de jongste tien Belgische klassieke zeges komen er zeven toe aan één man: Philippe Gilbert. De Ardennees, zondagavond vanzelfsprekend uitgeroepen tot winnaar van de Flandrientrofee, maakte van zijn explosiviteit op korte hellingen zijn schier onoverwinnelijke wapen. Anders dan Tom Boonen lijkt Gilbert ook immuun voor verzadigingsverschijnselen. De dag dat zijn dominantie in de klassiekers ten einde loopt, zal dat minder aan hemzelf liggen dan aan de progressie van zijn tegenstanders. Een van Gilberts challengers wordt Greg Van Avermaet. De al even ambitieuze Oost-Vlaming manifesteert zich net als de Waal als een man van alle seizoenen en terreinen. In Parijs-Tours schoot hij eindelijk raak, op de laan waar Gilbert - ook al op zijn 26e - in 2008 zijn klassiek palmares opende. Ook toen rees de vraag: kan hij het net zo in het beter bezette voorjaar? Van Avermaet droomt van Milaan-Sanremo en de Ronde van Vlaanderen. Net nu hij aan zijn doorbraak toe is, belandt hij echter opnieuw in de schaduw van Gilbert, volgend jaar zijn ploegmaat bij BMC. Van Johan Vansummeren zou het oneerlijk zijn te verwachten dat hij aan het begin staat van een reeks overwinningen in de klassiekers. Veeleer lijkt de Lommelnaar thuis te horen in een rijtje met andere Parijs-Roubaixwinnaars als Dirk Demol en Jean-Marie Wampers: meesterknechten die één dag koning waren. Nick Nuyens van zijn kant gelooft wel dat hij zijn succes in de Ronde van Vlaanderen kan herhalen. De 31-jarige is niet van het gehalte van Gilbert, beseft hij zelf goed genoeg. Maar als voor hem ook volgend voorjaar de puzzel weer eens past ... door Benedict Vanclooster