Onze boerderij

'Mijn broers en ik sleurden op de boerderij van onze ouders vaak met dozen vol appelsienen. Die moesten we dan stapelen in de opbergruimtes. We woonden in Arta, een klein dorp in het westen van Griekenland. Daar en in de dorpen om ons heen was het de gewoonte dat kinderen hun ouders hielpen. Wij kenden niks anders.
...

'Mijn broers en ik sleurden op de boerderij van onze ouders vaak met dozen vol appelsienen. Die moesten we dan stapelen in de opbergruimtes. We woonden in Arta, een klein dorp in het westen van Griekenland. Daar en in de dorpen om ons heen was het de gewoonte dat kinderen hun ouders hielpen. Wij kenden niks anders. 'Het leven was hard voor mijn ouders. Soms was er niet het juiste materiaal om de sinaasappels te beschermen tegen de koude. Dus gebeurde het dat de vruchten kapotgingen en dan waren de financiële gevolgen groot. Ik had als kind lang niet alles. Maar ik vroeg ook niet veel. Met een bal was ik al tevreden. Ik wist snel dat ik profvoetballer wilde worden, dat ik wilde wegvliegen uit het nest, de wijde wereld in. Ik zag me niet de rest van mijn dagen in zo'n dorp slijten. Maar ik blijf wel dankbaar voor dat boerderijleven tussen de sinaasappelbomen. Vaak hoor ik mensen nu zeggen dat ze een groot huis willen of een dure auto. Ik apprecieer nog altijd enorm de simpele dingen in het leven.' 'Voor mij is Dimitris Saravakos de beste Griekse voetballer ooit: snel, slim én een neus voor goals. Met Panathinaikos haalde hij de Champions League en hij voetbalde ook bij de nationale ploeg. Er hing een poster van hem boven mijn bed op de boerderij. Ik vond het dan ook een hele eer om met hem te kunnen samenwerken toen ik trainer was van Panathinaikos, hij werkte daar toen als coördinator.' 'Wie nu 100 euro verdient in Griekenland, ziet 82 euro daarvan naar belastingen gaan. Maar het is onmogelijk om met 18 procent van je loon rond te komen. Logisch dus dat iedereen probeert om niet al zijn inkomsten aan te geven. De mensen hebben het gevoel dat ze voor de overheid werken, terwijl die overheid niks teruggeeft. In overheidsziekenhuizen is de service slecht. Wie ziek wordt, wil naar een privéziekenhuis. Maar dat is dan weer duur. 'De Grieken geven de politici en de Europese Unie de schuld van de crisis, maar ik denk dat wat zelfkritiek op zijn plaats zou zijn. Grieken willen altijd het goede leven. Het zit niet in onze cultuur om te plannen en structuren te hebben, maar soms is dat wel nodig. De Grieken leefden vroeger heel relaxed, met weinig controle. Mensen die de juiste contacten hadden, konden makkelijk van links naar rechts. Wie dat leven gewend was, heeft er nu veel moeite mee dat dat ineens stopte.' 'Ik vind zeker Olympia een bezoekje waard. Daar werden de eerste Olympische Spelen gehouden. Als ik op die plaats ben, probeer ik me voor te stellen hoe het er daar eeuwen geleden aan toeging. In het noorden zijn er ook prachtige plaatsen, zoals Ioánnina, Thessaloniki, Xanthi en Drama. De Griekse cultuur en geschiedenis zijn geweldig. Er is zo veel om over te praten. Maar er zijn ook moeilijke periodes in ons verleden, zoals de Turkse bezetting. Politici oordeelden intussen dat het niet goed is als in de geschiedenislessen de nadruk sterk ligt op die periode. Ze denken dat er dan vlugger fanatieke gevoelens zullen ontstaan bij de Griekse jeugd. Maar ik kreeg als kind wel les over de Turken en ik heb nu veel Turkse vrienden. In elk land zijn er goede en slechte mensen.' 'Belgen halen in de supermarkt alleen wat ze de volgende twee dagen nodig hebben, terwijl Grieken meteen een voorraad voor twee weken aanleggen. En als je hier ergens gaat dineren, krijg je een bordje met eten. Grieken zetten de tafel helemaal vol. Maar als buitenlander moet je die verschillen respecteren. Soms ontstaat er ook een mooie bestuiving tussen culturen. Ik herinner me nog dat ik het als speler in Griekenland gewoon was om met mijn ploegmaats vaak een koffie te gaan drinken. Maar bij Anderlecht vertrok iedereen na de training meteen naar huis. Met Christos Kostis en Nikos Kounenakis, twee andere Grieken bij Anderlecht, ging ik regelmatig naar taverne Green Park. Al vlug kregen we het gezelschap van Balkanjongens zoals Oleg Iachtchouk en Alin Stoica. Wat later kwamen ook Tomasz Radzinski, Didier Dheedene, Bart Goor en Glen De Boeck. Zo werden we een hechte ploeg.' KRISTOF DE RYCK