Vorig seizoen bracht hij meer tijd door op de invallersbank en in de tribune dan op het voetbalveld. Door het spelsysteem van trainer Frans Adelaar leek voor Stefaan Tanghe een basisplaats bij FC Utrecht verder weg dan ooit, en daarmee ook een selectie voor de Rode Duivels. Een transfer naar Club Brugge had hem weer kunnen verzoenen met het voetbal. Inmiddels is dat niet langer nog aan de orde, want het grootste leed is geleden. Het gaat weer goed met de blonde Belg en zijn Nederlandse club.
...

Vorig seizoen bracht hij meer tijd door op de invallersbank en in de tribune dan op het voetbalveld. Door het spelsysteem van trainer Frans Adelaar leek voor Stefaan Tanghe een basisplaats bij FC Utrecht verder weg dan ooit, en daarmee ook een selectie voor de Rode Duivels. Een transfer naar Club Brugge had hem weer kunnen verzoenen met het voetbal. Inmiddels is dat niet langer nog aan de orde, want het grootste leed is geleden. Het gaat weer goed met de blonde Belg en zijn Nederlandse club. Stefaan Tanghe : "Na een moeilijk eerste jaar heb ik de stijl van het huis leren kennen. De club op haar beurt heeft kunnen vaststellen in welke positie ik het best functioneer. Het verschil met vorig jaar is enorm. Toen leek het echt wel of ik de verkeerde keuze gemaakt had. Ik had altijd gedacht dat Nederlandse ploegen voetballende ploegen waren en dat de tegenstander je veel ruimte liet. Uitgerekend FC Utrecht was een ploeg die met echt gevechtsvoetbal uitpakte. Daar moest ik me toch serieus aan aanpassen." Aanvankelijk was het de bedoeling om met drie spitsen te spelen, twee op de flanken en Tanghe daar net achter, "maar dat systeem is me helemaal niet bevallen. Niet zozeer omdat ik te veel werk moest opknappen, maar wel omdat de ruimte op de flanken bezet was door die twee buitenspelers. Terwijl één van mijn sterke punten toch was om nu en dan die ruimtes in te duiken. Dus speelde ik constant met de rug naar het doel wat me helemaal niet lag. Ik moest de bal bijhouden en andere middenvelders laten aansluiten, wat aan mij helemaal niet besteed was. "Je probeert er dan wel het beste van te maken maar te vaak dacht ik : ik vergooi hier mijn carrière, dit houdt ik geen vier jaar uit. Vorig jaar, net voor nieuwjaar, heeft de trainer noodgedwongen dan toch een ander systeem moeten toepassen. In een wedstrijd die we absoluut moesten winnen en die bepalend zou zijn voor zijn toekomst bij Utrecht, werd met twee spitsen gespeeld. Ik verdween naar de bank of de tribune. Van daaruit zag ik wel duidelijk dat dit systeem mij veel beter zou liggen. Je moet niet vragen hoe gefrustreerd ik er toen bijliep. De ploeg bleef winnen en ik aan de bank gekluisterd." Met zijn hoofd zat hij al lang niet meer bij FC Utrecht. "Tot acht wedstrijden voor het einde van de competitie Reinier Robbemond zich blesseerde en ik zijn plaats achter de spitsen innam. In mijn eerste wedstrijd na die donkere periode tegen Willem II maakte ik het winnende doelpunt en was ik vertrokken. Ik scoorde nog acht keer dat seizoen zodat de trainer niet meer om me heen kon.""Ik heb nooit aan mezelf getwijfeld want op training zag ik dat ik voor niemand moest onderdoen. Ik heb toen wel een tijdje in de put gezeten, maar wat wil je als ze je geen kans meer geven. Je gaat nog wel trainen maar niet met hetzelfde gevoel als wanneer je wel in de ploeg staat. Na de wedstrijd ging ik ook meteen terug naar huis. Gelukkig had het bestuur begrip voor mijn situatie en ik mocht ik vertrekken voor hetzelfde bedrag waarvoor ze mij hadden aangetrokken, veertig miljoen frank ( bijna 1 miljoen euro, nvdr)." Net in die periode toonde Club Brugge voor het eerst belangstelling met het oog op dit seizoen. "Ook Rijsel had geïnformeerd, maar die interesse bleek minder concreet. De technische staf van Brugge wilde mij er heel graag bij, maar voor het bestuur was ik blijkbaar al te oud. Een speler van 29 wilden ze geen contract meer van vier of vijf jaar laten tekenen. Ik was heel graag gegaan vooral omdat Brugge als West-Vlaming toch altijd een beetje mijn ploeg is geweest. We zijn intussen ook aan het bouwen in Lauwe, dus ook familiaal had het me goed uitgekomen." Bovendien was het beter geweest voor een terugkeer in de kern van de Rode Duivels. "Hier moet je al elke week echt uitblinken en scoren vooraleer ze eens komen kijken. Als je in België speelt, zit er al wat vaker iemand van de bond op de tribune. Mijn laatste interland dateert inmiddels al van de lente van vorig jaar in Sunderland tegen Engeland. Nadien zat ik nog een keer of twee op de bank. Het WK heb ik nog niet uit mijn hoofd gezet, al is het geen doel op zich. Maar helemaal uit beeld ben ik gelukkig niet want ik zit nog altijd in de ruime voorselectie van Robert Waseige. Dat wil toch iets zeggen. Maar nadat ik aan het eind van vorig seizoen mijn plaats in het elftal opnieuw vast had, was die transfer naar Brugge voor mij niet langer aan de orde en ik heb er nu ook helemaal geen spijt meer van." Het Europees voetbal dat Utrecht afdwong, compenseert uiteraard veel. "Wat we hier toen meegemaakt hebben, heb ik in België nog niet veel gezien. Heel de stad op stelten. Met de ploeg werden we op de grachten rondgevaren, terwijl duizenden mensen ons stonden toe te juichen. Indrukwekkend. Er wordt nu wel beweerd dat we dit seizoen een beetje in die euforie zijn blijven hangen en dat we daardoor onze competitiestart volledig misliepen. Maar volgens mij ligt de hoofdoorzaak bij het gegeven dat we onze eerste drie wedstrijden op verplaatsing moesten spelen omdat ons stadion verbouwd werd. En we zijn nu eenmaal niet zo goed buitenshuis. Maar onrust is er nooit geweest. We wonnen onze thuiswedstrijden en intussen zijn we aan een sterke opmars bezig."Wel is het zo dat enkele spelers in het begin van het seizoen nog niet helemaal bij de zaak waren en dat is nefast voor een ploeg als de onze. We kunnen van iedereen winnen maar ook van iedereen verliezen. De ommekeer kwam er tegen Roda : 4-1-winst na een fantastische wedstrijd waarin ik twee keer scoorde. Georges Leekens mag ons dankbaar zijn want enkele dagen later nam hij de plaats in van de ontslagen Jan Van Dijk. "Ik heb me dit jaar ook veel beter aangepast aan het karaktervoetbal dat hier gespeeld wordt. Maar een ploeg heeft toch enkele spelers nodig die voetballend een oplossing bieden. Op mijn plaats nu, rechts op het middenveld en achter de spitsen - de plaats van Stoica vorig jaar bij Anderlecht -, lukt me dat aardig. "Ik heb niet het karakter om mij als patron van de ploeg te profileren, al ben ik hier het voorbije jaar wel veel mondiger geworden. We vormen een hecht blok waarin iedereen kan scoren. Stijn Vreven is veel meer een leidersfiguur. Hij is verbaal veel sterker. Hij kan de ploeg in moeilijke omstandigheden met zijn grote mond op sleeptouw nemen. Dat is nodig zeker in Utrecht. We hebben de beste supporters van Nederland. Met het nieuwe stadion dat over twee jaar 25.000 plaatsen zal tellen, worden ze ook aardig verwend. We zitten nu aan 11.000 abonnees, in de vernieuwde arena zal dat aantal ongetwijfeld fors toenemen." De club wil minstens om de drie jaar Europees voetbal halen en een vaste waarde worden in de subtop van het Nederlandse voetbal. "Aan ambities geen gebrek en dus zie ik voorlopig geen reden om mijn contract hier vroegtijdig te beëindigen. De sfeer is ten opzichte van vorig jaar ook serieus verbeterd. Geen akkefietjes meer met de trainer en de rotte appels zoals Mitchell van der Gaag werden getransfereerd. Oliseh lag ook moeilijk in de groep en werd intussen voor drie maanden verhuurd. Het is voor de trainer nu ook veel rustiger werken." Zelf is Tanghe er na dat eerste jaar vooral fysiek op vooruitgegaan, zegt hij. "Op training wordt niet op een tackle gekeken waardoor het nu en dan eens uit de hand dreigt te lopen. Ja, er wordt af en toe wel eens geknokt, letterlijk dan. Dat is iets waar ik echt heb moeten leren mee leven. Het enige wat je kan doen, is er zelf ook stevig invliegen. Ik heb wat dat betreft al zulke vorderingen gemaakt dat ze mij intussen al de schopper noemen. In het begin van het seizoen was ik het die de schoppen kreeg, nu deel ik ze mee uit." door Stefan Van Loock