Studenten journalistiek of communicatie, opgelet: misschien loont het de moeite om in 2020 ook eens bij een voetbalclub te solliciteren. Er zit namelijk een nieuw mediacontract aan te komen rond het Belgische profvoetbal en dat zou perspectieven kunnen bieden.
...

Studenten journalistiek of communicatie, opgelet: misschien loont het de moeite om in 2020 ook eens bij een voetbalclub te solliciteren. Er zit namelijk een nieuw mediacontract aan te komen rond het Belgische profvoetbal en dat zou perspectieven kunnen bieden. Wat is de stand van zaken? Op de algemene vergadering van de Pro League op 12 september gaf Pierre François een overzicht. De voorbije maanden praatte het management diverse keren met de huidige rechtenhouders (Telenet, Voo, Proximus, enzovoort), maar ook met andere potentieel geïnteresseerden, Orange onder meer. Om het werk tijdens die gesprekken 'comfortabeler' te maken, klonk het bij François, zou het beter zijn te kunnen steunen op een akkoord onder de profclubs voor de collectieve verkoop van de mediarechten. Zo'n akkoord is er dus (nog) niet. François zei er wel van uit te gaan dat het er tegen het einde van de procedure komt en vroeg de toestemming om door te mogen gaan met zijn werk, het finaliseren van de tender. Die moet rond deze tijd de deur uit gaan. Voor de leken: een tender is een aanbesteding, waarbij een opdrachtgever (hier de Pro League) bedrijven vraagt om een bepaalde dienst (het in beeld brengen van ons voetbal) uit te voeren. Een bedrijf kan zich daarbij inschrijven met een offerte, waarna de opdrachtgever die beoordeelt en gunt. Wat is nieuw in de tender? De inhoud. Naast de uitzending van de Jupiler Pro League (1A) en de supercup worden aan het dossier ook toegevoegd: de huidige Proximus League (1B), de ePro League, de U21-competitie, de beker van België vanaf de 1/16 finales én het vrouwenvoetbal. Voor die laatste twee gaf de KBVB (organisator) zijn fiat. Misschien ook nieuw: de duur. Nieuwe geïnteresseerde spelers gaven aan dat voor hen drie criteria belangrijk waren: de duur van het contract om investeringen te kunnen afschrijven, de datum van de toekenning van de rechten (lees: het liefst in januari of februari 2020 om zich te kunnen voorbereiden en reclamecampagnes te lanceren) én het spreiden van wedstrijdslots, om zo weinig mogelijk op hetzelfde moment veel matchen te hebben. De facto is dat nu al met wedstrijden op vrijdagavond, zaterdag om 18, 20 en 20.30 uur en zondag om 14.30, 18 en 20 uur. Eventueel ook nieuw: dat de tender rekening houdt met de vraag van (vooral top)clubs om hun eigen merk te kunnen vermarkten door bepaalde rechten niet in exclusiviteit toe te kennen aan de toekomstige rechtenhouders, of door ze gewoon niet te verkopen, als die clubs vinden dat ze dat zelf beter kunnen. Want hier zien ze een nieuwe groeimarkt. Er zijn dus nog wel wat discussiepunten. Eén: de clubs hebben nog niet beslist om hun rechten in de pot te gooien. Twee: er is ook nog geen akkoord over een nieuwe verdeelsleutel. De topclubs willen meer, terwijl de clubs uit 1B willen dat het televisiegeld wordt gekoppeld aan de rangschikking, niet dat iedereen evenveel krijgt. En drie: clubs willen meer vrijheid om zelf beelden te vermarkten. Het gevoel leeft dat het hele dossier (te) laat op de markt is gekomen om een grote nieuwe speler (genre Amazon of Fox Sports) in het bad te krijgen. Het aanbod wat uitbreiden gaat niet voor een substantiële verhoging van de sommen zorgen. Het model om het dossier in moten te hakken en aan diverse spelers te verkopen, is ook niet zaligmakend, leerde het Engelse voorbeeld. Dan heb je als fan twee decoders nodig om je favoriete ploeg te zien en dat leidt tot frustratie. Daarom bereiden sommige clubs zich achter de schermen voor om zelf een deel van de rechten te gebruiken, zoals voor samenvattingen of korte interviews voor en na een match. Die zouden de clubs zelf kunnen brengen, via hun site of app, met een toegangscode die kan inbegrepen zijn in het abonnement of tegen extra betaling. Wie wil kan 's avonds op het open net of bij zijn provider de samenvattingen zien, maar wie toegang heeft tot de app van zijn club, zou dat ook al kunnen tijdens bijvoorbeeld de rust of net na de match. Idem met interviews van betrokkenen. Clubs kunnen dat op hun beurt vermarkten bij hun commerciële partners en worden zo kleine mediabedrijven.