Théééooo! Théééooo! Iedereen komt als je Théo roept!" Sinds Nieuwjaar is het dé hit op de sfeertribune van Zulte Waregem. Maar ook op deze woensdagmiddag stormt een twintigtal enthousiaste voetballertjes op ThéoBongonda af als ware hij zelf het bekende chocoladekoekje. We bevinden ons in de wijk Charleroi Nord, op een met houten planken afgebakend veldje, waar de Belg indertijd de dribbels van zijn idool Cristiano Ronaldo nabootste. En waar hij, op verzoek van de fotograaf, nu zelf als een ster op tientallen handen gedragen wordt.
...

Théééooo! Théééooo! Iedereen komt als je Théo roept!" Sinds Nieuwjaar is het dé hit op de sfeertribune van Zulte Waregem. Maar ook op deze woensdagmiddag stormt een twintigtal enthousiaste voetballertjes op ThéoBongonda af als ware hij zelf het bekende chocoladekoekje. We bevinden ons in de wijk Charleroi Nord, op een met houten planken afgebakend veldje, waar de Belg indertijd de dribbels van zijn idool Cristiano Ronaldo nabootste. En waar hij, op verzoek van de fotograaf, nu zelf als een ster op tientallen handen gedragen wordt. Al is dat het verkeerde woord, beklemtoont Yassine Semah, die zich als een negen jaar oudere broer lang over de jonge Bongonda ontfermde. "Théo is niet de ster, maar de trots van deze wijk. Vedetteallures heeft Théo immers absoluut niet, ook al is hij de enige uit deze buurt die erin geslaagd is om door te breken als profvoetballer. Door hard te werken, iets wat ik hem altijd ingepeperd heb. Aan passie en talent ontbrak het Théo alleszins niet, want zag je een bal, dan zag je Théo. En die konden zelfs de veel oudere gasten niet van hem afpakken. We noemden hem daarom ook Titi, naar Thierry Henry. Wegens de fysieke gelijkenis en omdat Théo even snel en dribbelvaardig was." De achttienjarige flankaanvaller bloost bij zo veel lof, maar bevestigt de woorden van Yassine: "Zelfs als ik ooit voor Real Madrid speel, zal ik nooit een 'ster' worden. Ik zal dezelfde Théo blijven en hier altijd met plezier terugkomen." 'Hier', dat is de Rue Motte, vlak bij de E420, waar twee grijze flatgebouwen boven het voetbalterreintje en het aanpalende Park Lambert uittorenen en wat verder een typische in rode bakstenen opgetrokken huizenrij van een grootstad begint. Het nummer 37 onderscheidt zich er van de rest door een verkiezingsaffiche van Ecolo voor het raam. 'Votez avec votre temps' is de leuze, een toekomstgerichte boodschap waar Evelyne Petit (54), de moeder van Bongonda en op 25 mei vierde opvolgster op de Waalse Ecololijst, zich volledig in kan vinden. Twee uur voor ons bezoek aan het voetbalveldje ontvangt ze ons in haar kleine woonkamer en keuken. Terwijl haar zoon, die op een trainingsloze dag altijd zijn moeder bezoekt, nog boven op zijn kamer zit, legt Evelyne uitvoerig haar voorkeur voor de groene partij uit. Samengevat als: "We moeten op lange termijn denken, zodat onze kinderen het even goed hebben als wij." Geen toevallige visie, gezien de vier kinderen die ze heeft grootgebracht: Jérôme (32) en Fanny (30) uit een eerste huwelijk, Harold (20) en Théo uit haar huwelijk met Jean-Philippe Bongonda, een Congolees die - dromend van een beter leven in Europa - op zijn 26e via Nederland in Charleroi belandde, waar hij Evelyne ontmoette. Twee jaar na de geboorte van Théo doofde het liefdesvuur echter uit en verhuisde Evelyne met de kinderen naar de Rue Motte. "Geen ideale situatie," zegt ze, "maar Théo heeft er weinig last van gehad omdat hij het nooit anders gekend heeft. Bovendien zag hij zijn vader (een arbeider in een wijngroothandel, nvdr) vaak tijdens de weekends en in de vakanties - ook nu nog trouwens." Toch wachtte Evelyne de moeilijke taak om als huismoeder vier kinderen op te voeden, van wie de oudste, Jérôme, zich als eerste op het voetbal gooide. "Hij doorliep alle jeugdreeksen bij Sporting Charleroi, was zelfs even jeugdinternational, maar raakte niet verder dan het belofteteam. Een grote ontgoocheling, al bleef Jérôme daarna wel in lagere reeksen actief. Nu is hij heel gelukkig dat Théo wél zijn voetbaldroom kan realiseren." Evelyne probeerde die ambities nochtans aanvankelijk wat af te remmen. "Ik liet Théo andere sporten beoefenen - zes maanden turnen, een goed jaar karate - maar dat was niets voor hem. Alleen voetbal telde. Op internet filmpjes van Ronaldo bekijken en vooral zelf spelen. Elke dag tot 's avonds laat. Als hij echt te lang wegbleef, dan belde ik: 'Als je niet naar huis komt, dan kom ik je halen.' Een goed dreigement, want dat affront wilde Théo in het bijzijn van zijn vrienden natuurlijk niet meemaken", lacht ze. Omdat haar zoon én vader Jean-Philippe bleven aandringen, mocht de elfjarige Théo dan toch beginnen te voetballen bij een kleine club in het nabijgelegen Lodelinsart. Daar merkten scouts van Charleroi hem op, maar bij de U12 en U13 van Sporting amuseerde hij zich veel minder. "Te veel nadruk op competitie en winnen, terwijl ik vooral plezier wilde beleven", vertelt Bongonda, intussen bijgeschoven aan tafel. Ook op de lagere school en later in het Instituut Notre Dame, waar hij van zijn moeder Latijn moest volgen, beleefde de tiener moeilijke jaren. In de klas - "ik was geen slechte student, maar te gefocust op voetbal" - en op de speelplaats waar Bongonda meermaals betrokken raakte bij knokpartijen. "Veel temperament, hé. Als ze mij uitdaagden, dan vocht ik." Maar, benadrukt hij: "Ik was géén delinquent. Met criminele zaken heb ik mij nooit ingelaten. Ook in de wijk niet, waar soms drugs verhandeld werden. Hier heb ik zelfs nooit gevochten, want ik kwam met iedereen overeen." Evelyne beaamt: "Théo was inderdaad impulsief, en tegelijkertijd vrij gesloten, maar échte problemen heb ik met hem, en met mijn andere kinderen, nooit gehad." Bongonda's leven nam een volledig nieuwe wending nadat hij op zijn twaalfde met Charleroi op Germinal Beerschot speelde. Younes Zerdouk, technisch directeur van de Jean-Marc GuillouAcademie, spotte er zijn talent en stelde aan vader Jean-Philippe zijn project voor. Een tijd later kreeg Théo met zijn ouders een rondleiding in de Academie in Tongerlo, waar hij ook enkele dagen proefdraaide. Bongonda: "Ik was meteen verkocht! Exact wat ik wilde: de hele dag voetballen, maar onderbouwd en met de klemtoon op techniek en plezier." Moeder Evelyne twijfelde langer. "Nog zo jong en al op internaat in Tongerlo (bij Westerlo, nvdr). Vér, hé! En wat met zijn school? Maar Théo was zo vastbesloten dat zijn vader en ik het risico genomen hebben, al hebben we hem goed uitgelegd dat vijf dagen per week van huis weg zijn zwaarder zou zijn dan hij toen dacht." Dat bleek ook tijdens Bongonda's eerste maanden aan de Academie. "Het was niet gemakkelijk, me aanpassen aan een nieuwe omgeving en striktere discipline. Ik heb mijn ouders gemist, maar ik kreeg veel steun van de andere voetballertjes en voelde me na een tijd weer gelukkig. Ook omdat de opleiding tóp was. In het begin had ik wel twijfels, maar Jean-Marc Guillou heeft mij toen zijn filosofie uitgelegd en me overtuigd. "De trainers zeiden ook meteen dat we moesten onthouden hoe we als spelers waren voor we in Tongerlo aankwamen, om het (grote) verschil met later goed te kunnen inschatten. En inderdaad: dat is enorm! Negentig procent van wat ik nu kan, heb ik daar geleerd. Ik had natuurlijk talent, maar op de Academie heb ik dat volledig ontwikkeld. Was ik in Charleroi gebleven, dan zat ik nu niet in de A-kern van Zulte Waregem." Naast het terrein begon Bongonda zich vanaf zijn vijftiende echter veel minder thuis te voelen in Tongerlo. "Het klikte niet met Younes Zerdouk. Nochtans een toptrainer van wie ik veel opgestoken heb, maar als mens nerveus, humeurig en wispelturig. Hij was ook altijd overtuigd van zijn gelijk, hield nooit rekening met wat wij dachten en als iets hem niet aanstond, dan begon hij te schreeuwen. Een hemelsbreed verschil met coach Thomas Caers. Voor mij, en veel anderen, een tweede vader. Hij begreep ons en hield wél rekening met onze opmerkingen. Dankzij Thomas heb ik volgehouden, maar ook door vast te klampen aan mijn droom: profvoetballer worden. En de Academie, besefte ik, was de beste manier om dat te realiseren." Ook Evelyne zag hoe moeilijk haar zoon het soms had. "Na het weekend trok Théo vaak met loden schoenen terug naar Tongerlo, maar hij heeft die problemen kunnen overstijgen. De impulsiviteit maakte plaats voor bedachtzaamheid en vastberadenheid om die gouden kans niet te laten schieten." Toen Thomas Caers eind 2012 de JMG Academie verliet en via Patrick Decuyper een dergelijk project bij Zulte Waregem kon opstarten, besloot ook de toen zeventienjarige Bongonda een streep onder zijn verblijf in Tongerlo te trekken. "Maandenlang had men mij van alles beloofd, maar pas toen Thomas zijn ontslag gaf, kreeg ik een contract bij Lierse (dat samenwerkt met de JMGA, nvdr) voorgeschoteld. Dat stelde amper iets voor. Bovendien hoorde ik dat ik mogelijk eerst bij een satellietclub in derde klasse zou beginnen, want alle spelers van de Academie bij Lierse plaatsen was onmogelijk. Maar ik had niet vijf jaar elke dag uren keihard gewerkt om in derde te spelen." Kort na Bongonda's vertrek kreeg hij samen met zijn maatje Jason Denayer de kans om bij de U18 en de reserven van Tottenham en Manchester City te testen. "Een schitterende ervaring. In Londen hebben we gepraat met Moussa Dembélé en bij City met Vincent Kompany en Yaya Touré, die wist dat we net als hij uit de opleiding van Guillou kwamen." Beide Belgen maakten zo veel indruk dat City hen een jongerencontract aanbood, maar in tegenstelling tot Denayer ging Bongonda daar niet op in. "Jason kan zich als robuuste centrale verdediger makkelijker in Engeland bewijzen dan een tengere, technische aanvaller als ik. Het leek ook verstandiger om me eerst te ontwikkelen bij een eerste ploeg, weliswaar op lager niveau. Via Thomas Caers en Jesse De Preter (ex-advocaat van de JMGA, toenmalig juridisch adviseur van Patrick Decuyper en nu raadgever van Bongonda, nvdr) koos ik daarom voor Zulte Waregem, waar ik meteen een profcontract mocht tekenen. Negen op de tien jongeren zouden een vette cheque bij een topclub als Manchester City niet weigeren, maar geld is nu geen drijfveer, wél het plezier. En wie weet, zal ik later meer verdienen door voor deze weg te kiezen." Een beslissing die moeder Evelyne trots stemde. "Een teken van moed en maturiteit om je niet laten beïnvloeden door de naam 'Manchester City'. Théo heeft verder gekeken dan zijn neus lang is en vooral zélf gekozen - ik heb me er niet mee bemoeid. Voor mij was het alleen belangrijk dat hij een club zou vinden waar hij zich goed zou voelen. Met of zonder dik contract, dat is niet het belangrijkste. Als Théo met evenveel plezier bakker in plaats van topvoetballer was geworden, dan was ik even gelukkig geweest", vertelt Evelyne, die nu de interimjobs afwisselt maar weigert financiële hulp van haar zoon te ontvangen. "Uit principe. Ik heb liever dat Théo (die in januari zijn contract met Zulte Waregem verlengde tot 2017, nvdr) me op een andere manier bedankt. Ik zal er wel over blijven waken dat hij nederig blijft. Théo moet zich bewust zijn van zijn kwaliteiten, maar mag nooit beginnen te zweven. Voorlopig slaagt hij daar goed in." Die grotere volwassenheid hielp Bongonda om zich rap te integreren bij Zulte Waregem. Hij woont nu zelfs alleen op een appartement en mocht zich vorige zomer ook snel een volwaardig lid van de A-kern noemen. "Ik heb van in het begin alles gedaan wat Francky Dury me vroeg, zonder tegen te stribbelen, zoals ik vroeger op de Academie meer deed. Anders zat ik misschien nog altijd bij de reserven. Elke training gaf ik me ook honderd procent en dat heeft de coach erg geapprecieerd." Alleen de speelminuten bleven in het begin uit, maar ook daar kon de flankaanvaller zich mee verzoenen. "Omdat ik nog nooit een officiële match op het hoogste niveau gespeeld had, vertelde de coach me dat hij me niet wilde verbranden. In september/oktober had ik misschien flaters begaan en dan had de pers me wellicht al direct afgeschreven. Daarom liet de coach me eerst in twee uitmatchen in de beker (op Hamme en Charleroi, nvdr) starten, zonder veel druk. Niet dat ik daar veel last van heb, want voor 100 of 10.000 toeschouwers spelen is voor mij hetzelfde. Ik ga niet plots met angst spelen omdat er mensen kijken. In de Academie hebben ze mij een perfecte techniek aangeleerd, dan kun je niet anders dan vertrouwen hebben." Dat bleek ook na Nieuwjaar, toen hij zijn eerste goal scoorde (voor de beker op Cercle), tegen Racing Genk in de competitie voor het eerst mocht starten en daarna invalbeurten en basisplaatsen afwisselde, goed voor drie assists. Het doet Bongonda hopen op (veel) meer: "Ik wil ooit voor een Spaanse topclub spelen. Niet vanzelfsprekend, maar als ik keihard blijf werken, is niets onmogelijk. Ik zie geen reden waarom ik daar niet in zal slagen." DOOR JONAS CRETEUR - BEELDEN BELGAIMAGE"We noemden Théo Titi, naar Thierry Henry. Wegens de fysieke gelijkenis en omdat hij even snel en dribbelvaardig was." Jeugdvriend Yassine Semah "Als Théo met evenveel plezier bakker in plaats van topvoetballer was geworden, dan was ik even gelukkig geweest." Moeder Evelyne "Ik wil ooit voor een Spaanse topclub spelen. Niet vanzelfsprekend, maar als ik keihard blijf werken, is niets onmogelijk." Théo Bongonda