Voor Koen Daerden werd een voor de Belgische markt recordbedrag van vier miljoen euro betaald, maar er is niettegenstaande de voorbije jaren weinig geïnvesteerd en veel verkocht om de club gezond te maken. In de loop der jaren hebben zo meer dan elf succesvolle basisspelers Club Brugge verlaten - niet allemaal onder Marc Degryse - en hun vervangers bleken onder leiding van twee trainers sinds het vertrek van Trond Sollied niet in staat van Club Brugge een vlot draaiende ploeg te maken.
...

Voor Koen Daerden werd een voor de Belgische markt recordbedrag van vier miljoen euro betaald, maar er is niettegenstaande de voorbije jaren weinig geïnvesteerd en veel verkocht om de club gezond te maken. In de loop der jaren hebben zo meer dan elf succesvolle basisspelers Club Brugge verlaten - niet allemaal onder Marc Degryse - en hun vervangers bleken onder leiding van twee trainers sinds het vertrek van Trond Sollied niet in staat van Club Brugge een vlot draaiende ploeg te maken. Club Brugge verkeek zich eerst volledig op Jan Ceulemans. Ofschoon iedereen weet hoe hij bij zijn vorige clubs werkte, bleek Brugge er toch nog van uit te gaan dat hij, bijgestaan door Franky Van der Elst, zou evolueren. Vervolgens schoof Marc Degryse snel na Ceulemans' ontslag Emilio Ferrera naar voren. Een trainer die helemaal niet het pompende spel van weleer nastreeft, maar eerder academisch voetbal. Terwijl Michel D'Hooghe dit seizoen al aangaf meer van het omgekeerde te verwachten. Waar wil Club Brugge eigenlijk naartoe ? Eerst een trainer die voor de oude Clubwaarden staat en dan een trainer die meer voetbaltechnisch onderlegd is ? Spelen met atletische voetballers of toch maar meer frivole spelers ? Eerst heette het dat Marc Degryse Club Brugge - naar zijn evenbeeld als speler - technischer accenten zou bijbrengen, ook al omdat na Trond Sollied weer eens naar individuele creativiteit werd verlangd. De meest recente transfers die Degryse deed, appelleren echter veel meer aan de waarden waarvan toen juist afstand zou worden genomen : van Daerden, Priske, Dreesen en Ibrahim gaat in de eerste plaats kracht en loopvermogen uit. Zeventien spelers heeft Marc Degryse als sportleider inmiddels Club Brugge binnen geloodst. Van het trio dat in de winterstop van 2004 bij de club kwam, is Victor Simoes de Oliveira alweer vertrokken zonder een grote indruk na te laten. Bosko Balaban en Jonathan Blondel halen wel nog het basiselftal. Een jaar later werden bij La Louvière twee spelers gehaald : Michael Klukowski en Manasseh Ishiaku. Datzelfde jaar kwamen ook nog Grégory Dufer, Ivan Leko, Javier Portillo, Joos Valgaeren en Sven Vermant. Vier van die spelers kwamen bijna voor niets, nog geen miljoen euro aldus Marc Degryse. Valgaeren kwam gratis, Vermant en Leko kostten nagenoeg niets en in Dufer zag Club Brugge een investering. Maar op Sven Vermant na zijn geen van allen nog basisspelers. De volgende lichting transfers, die van deze zomer, laat zich kenmerken door zijn jeugdigheid : zowel Jorn Vermeulen (eigen jeugd), Daniël Chavez, Moustapha Diallo als Timothy Dreesen moeten worden gezien als aanwervingen op langere termijn. Chavez en Diallo verbleven wekenlang bij de club en speelden talrijke testwedstrijden bij de reserves alvorens tot hun aanwerving werd overgegaan. Timothy Dreesen viel bij Lierse op omdat hij in moeilijke omstandigheden als kapitein overeind bleef. Koen Daerden, Salou Ibrahim en Brian Priske, die ook van de zomer kwamen, bewezen alle drie - Daerden en Priske bij Genk, Ibrahim bij Zulte Waregem - in het verleden al dat ze het niveau van de top in onze eerste klasse in zich dragen, maar geen van hen liet dat dit seizoen al blijken. Beweren dat alle zeventien aankopen mislukkingen zijn, zou de nuance geweld aandoen. In een ploeg die goed speelt, zullen sommigen een hoger niveau halen. Wel is geen enkele van de aankopen al in staat gebleken de ploeg naar een hoger niveau te trekken of iets te doen aan de tekortkomingen die na Trond Sollied opdoken : het gebrek aan diepgang, het ontbreken van een versnelling in de acties of het spelen van een hoger tempo.