Alles is hetzelfde en toch is alles veranderd. Fred Rutten en de zijnen hebben play-off 1 ontdekt. Voor bijna de helft van de elf paars-witte basisspelers was het de eerste keer. Tien wedstrijden met getrokken messen, met verplaatsingen die aartsmoeilijk zijn en met doelpunten die onderhevig zijn aan duidelijke regels. Om een goal te maken in de laatste rechte lijn moet je heel goed zijn op stilstaande fases, rekenen op een individuele ac...

Alles is hetzelfde en toch is alles veranderd. Fred Rutten en de zijnen hebben play-off 1 ontdekt. Voor bijna de helft van de elf paars-witte basisspelers was het de eerste keer. Tien wedstrijden met getrokken messen, met verplaatsingen die aartsmoeilijk zijn en met doelpunten die onderhevig zijn aan duidelijke regels. Om een goal te maken in de laatste rechte lijn moet je heel goed zijn op stilstaande fases, rekenen op een individuele actie of de foutjes van de tegenstander kunnen afstraffen. De sleutels in play-off 1 zijn vaak doelpunten die uit een snelle tegenaanval voortvloeien. Het is al tien jaar een ongeschreven wet: de meest efficiënte ploeg in die omschakelingsmomenten kent het beste seizoenseinde. Genk liet maar wat graag de bal aan Anderlecht om de zwakke punten in het voetbal van paars-wit uit te buiten. Vaak lijken de Brusselaars immers niet te weten waar het met de volgende pass naartoe moet. Het doel van de Limburgers was duidelijk om snelheid en loopacties te brengen in de zone van Ivan Obradovic. Die werd vaak aan zijn lot overgelaten tegen Joakim Maehle en Junya Ito. Door het gebrek aan defensieve cohesie bij de Brusselaars was het afzien voor Obradovic. Peter Zulj was nergens te bespeuren en James Lawrence stond vaak te ver van de Serviër om hem rugdekking te geven. Zo gaf Obradovic de indruk dat hij stond te zwemmen, zeker aangezien zijn loopvolume niet zijn sterkste punt is. De avond veranderde voor hem al snel in een calvarietocht. Bij de tweede goal werd hij ter plekke gelaten door Ito en ving niemand de Japanner op toen hij richting de as opschoof en de bal langs Thomas Didillon krulde. Voor en na die individuele actie maakte Genk gebruik van de ruimte die er kwam in de omschakeling. Zo profiteerde het eerst van een slechte pass van de Franse keeper en daarna van een ongelooflijke ren van Joseph Paintsil. Alleen de stilstaande fase ontbrak nog om de partituur van de Limburgers compleet te maken. De Anderlechtenaars, van hun kant, moesten lijdzaam vaststellen dat ze niet klaar waren om balbezit om te zetten in initiatief. Wanneer ze de bal hebben, lijken alleen de voeten van Yari Verschaeren of Yannick Bolasie in staat om er doelgevaar uit te puren.