Z vonko Milojevic : "Het truitje dat me nauw aan het hart ligt, is datgene dat ik na de Europese Supercup in 1991 uitwisselde met Peter Schmeichel, toen keeper van Manchester United. Normaal wordt die Supercup afgewerkt in twee wedstrijden, waarbij elke ploeg één keer uit en één keer thuis speelt, maar door de sancties die toen opgelegd waren aan Joegoslavië werd dat duel beperkt tot één enkele wedstrijd die plaatshad op Old Trafford in Engeland. Met een beetje geluk won Manchester met 1-0. Tot op het uur konden wij gelijke tred houde...

Z vonko Milojevic : "Het truitje dat me nauw aan het hart ligt, is datgene dat ik na de Europese Supercup in 1991 uitwisselde met Peter Schmeichel, toen keeper van Manchester United. Normaal wordt die Supercup afgewerkt in twee wedstrijden, waarbij elke ploeg één keer uit en één keer thuis speelt, maar door de sancties die toen opgelegd waren aan Joegoslavië werd dat duel beperkt tot één enkele wedstrijd die plaatshad op Old Trafford in Engeland. Met een beetje geluk won Manchester met 1-0. Tot op het uur konden wij gelijke tred houden, tot de Engelsen even na het uur een licht toegekende penalty kregen. In eerste instantie kon ik het schot van kapitein Steve Bruce afweren, maar de rebound belandde bij Brian McClair die droog binnentikte. Daarmee was de wedstrijd gespeeld. "Ik was toen twintig jaar en net titularis geworden bij Rode Ster Belgrado. Schmeichel was geen debutant meer toen ik voor de Supercup tegenover hem stond. Voor hij bij Manchester United belandde, had hij met Brøndby al heel wat ervaring opgedaan, hij was toen ook al de vaste titularis van de Deense nationale ploeg. Toen ik zijn indrukwekkende verschijning zag, vond ik hem een ideale keeper voor het Engelse voetbal, waar je sterk op je benen moet staan om je in duels fysiek te laten gelden. Hij was één brok graniet. Achteraf gezien was dat een terechte bedenking van mij, gezien de prijzen die Schmeichel er won en de carrière die hij in Engeland maakte met Manchester United. "Een ander truitje waar ik erg aan gehecht ben, is dat van Íker Casillas van Real Madrid. Wéér een keeper, inderdaad. Dat verhaal dateert uit het seizoen 2000/01 toen ik bij Anderlecht aan het seizoen begonnen was als doublure voor Filip De Wilde. Die had, net als de rest van de ploeg, uitstekend gepresteerd in de eerste groepsfase van de Champions League tegen Manchester United, PSV en Dynamo Kiev. Na Nieuwjaar viel De Wilde geblesseerd uit. Daardoor kreeg ik mijn kans in de tweede groepsfase van de Champions League. De tegenstanders waren Leeds United, Lazio Rome en Real Madrid. Mijn eerste Europese match in die reeks had plaats in Engeland, op Elland Road, de thuishaven van Leeds, vervolgens in Rome en ten slotte in ons eigen stadion tegen Real Madrid. Aan die wedstrijd bewaar ik uitstekende herinneringen, want wij wonnen toen met 2-0 dankzij goals van Aruna Dindane en Bart Goor. Na die match kreeg ik de trui van Casillas. "In mijn kast hangen nog truitjes van tegenstanders, maar hun namen zijn veel minder bekend dan de twee waar ik het net over had. Er zit wel een lijn in. De rode draad door mijn collectie is dat het allemaal keeperstruitjes betreft. In vijftien jaar topvoetbal wisselde ik nooit van shirt met een veldspeler. In tegenstelling tot de keeper aan de overkant, met wie ik me altijd enigszins verbonden voelde, beschouwde ik veldspelers altijd als de vijand."BRUNO GOVERS