Zou iemand er nog aan denken? Zondag, 5 februari, is het precies twee jaar geleden dat Rik Coppens overleed. Veel hulde werd er toen gebracht aan de Antwerpse virtuoos. De meest onwaarschijnlijke verhalen werden toen over hem opgerakeld. Coppens die een keeper dribbelde, terugkeerde, nog eens dribbelde en pas dan scoorde. Of Coppens die een strafschop met de hiel trapte, terwijl hij met de rug naar het doel stond en zogezegd aanwijzingen gaf aan zijn ploegmaats. En gecultiveerd werd het verhaal dat Coppens de dag voor een match zijn rechtstreekse ...

Zou iemand er nog aan denken? Zondag, 5 februari, is het precies twee jaar geleden dat Rik Coppens overleed. Veel hulde werd er toen gebracht aan de Antwerpse virtuoos. De meest onwaarschijnlijke verhalen werden toen over hem opgerakeld. Coppens die een keeper dribbelde, terugkeerde, nog eens dribbelde en pas dan scoorde. Of Coppens die een strafschop met de hiel trapte, terwijl hij met de rug naar het doel stond en zogezegd aanwijzingen gaf aan zijn ploegmaats. En gecultiveerd werd het verhaal dat Coppens de dag voor een match zijn rechtstreekse tegenstander zou hebben opgebeld en hem de raad gaf thuis te blijven, om niet belachelijk gemaakt te worden.Ze zijn uitgestorven, dat soort vrijgevochten artiesten. Voetballers voor wie mensen naar het stadion kwamen, non-conformisten die aan alles lak hadden, die rechtuit en rechtaan spraken, zonder zich door iemand de mond te laten snoeren. Volgende woensdag wordt de Gouden Schoen uitgereikt en Rik Coppens was in 1954 de allereerste die deze trofee kreeg. Een betere winnaar kon de organiserende krant Het Laatste Nieuws zich niet voorstellen voor de eerste uitgave van dit referendum. Rik Coppens was de beste voetballer van dat moment. En zo beschouwde hij zich ook. Een man met een fijne techniek, een geniale dribbel en een flitsende demarrage. Een aanvaller die wilde voetballen en ooit eens weigerde om tegen Verviers aan te treden omdat er in die ploeg alleen maar potstampers stonden. Veel verdedigers waren volgens Coppens boerenpaarden. Hij genoot als hij ze belachelijk kon maken.Rik Coppens was flamboyant en tegendraads, geniaal en weerspannig. Hij genoot van de aandacht van de supporters. Ooit kwamen er 13.000 toeschouwers kijken toen Coppens na een lange blessure zijn wederoptreden deed. De jaren voor zijn dood trad Rik Coppens nog maar zelden in de publiciteit. Zijn hart bloedde als hij over Beerschot sprak. Dat zou nu niet anders geweest zijn. Vanuit zijn appartement in Wilrijk had hij een zicht op de lichtmasten van het Kiel, maar hij had dit hoofdstuk al lang afgesloten. Een ereloge, zei hij, hoefden ze voor hem niet te bouwen. Tenzij die kon gedraaid worden. Zodat hij eventueel naar iets anders kon kijken dan naar het voetbal. Rik Coppens zei het en niemand tikte hem op de vingers. Want de Antwerpenaar was verbaal even scherp als met de voeten. En hij kon zich alles veroorloven. Ooit trapte hij een bal keihard naar het hoofd van de toenmalige premier, de Brusselse vleeshandelaar Paul Vanden Boeynants. Om hem het verschil te leren tussen een gehaktbal en een voetbal, zei hij. En iedereen lachte.Het waren andere tijden. Mooie tijden.