Een van de meest legendarische duels, en het ging zelf niet eens voor een overwinning. De Canadees Gilles Villeneuve en de Fransman René Arnoux streden in Dijon voor de tweede plek na Jean-Pierre Jabouille. De twee rijders wisselden continu tussen plek twee en drie, en streden alsof de wereldtitel er van afhing. Geen van beide heren kon uiteindelijk ooit een wereldtitel behalen. Villeneuve stond gekend om zijn spectaculaire rijstijl, die hem uiteindelijk ook fataal werd. Hij verongelukte op 8 mei 1982 op het Circuit van Zolder tijdens zijn laatste kwalificatieronde voor de Grand Prix van België.

James Hunt vs Niki Lauda

De Oostenrijkse Lauda begint het seizoen 1976 als regerend wereldkampioen, maar Hunt is vastberaden de titel te grijpen. In augustus 1976 crasht Lauda tijdens de tiende race van het seizoen. Hij loopt heel wat brandwonden op maar slechts zes weken later hervat hij de strijd. De beslissing valt uiteindelijk toch pas in de laatste race in Japan aangezien Lauda een mooie voorsprong had verzameld in de eerste negen races. Hunt krijgt te maken met een klapband maar a een fantastische inhaalrace pakt hij toch nog de derde plek, wat voldoende was om de titel te grijpen. Het zou uiteindelijk de enige wereldtitel worden voor de flamboyante Schot, die er een liederlijk leven op nahield, volgestouwd met drank, drugs en vrouwen. Hunt werd later Formule 1-commentator voor de BBC, maar stierf op 45-jarige leeftijd aan de gevolgen van een hartstilstand. Lauda werd nog twee keer Wereldkampioen, in 1977 met Ferrari en in 1984 met McLaren. Tegenwoordig is Lauda Formule 1-analist voor het Duitse RTL en bestuurslid van het Mercedes Formule 1-team.

Ayrton Senna vs Alain Prost

Eind jaren '80 en begin jaren '90 domineerden Alain Prost en Ayrton Senna de Formule 1. De Fransman en de Braziliaan reden zelfs even in dezelfde ploeg, bij McLaren. Maar twee hanen op één erf bleek niet te werken. Dat kwam pijnlijk tot uiting tijdens de GP van Japan in 1989: Prost leidde de WK-stand, Senna had een zege nodig om over zijn ploegmaat te wippen. In de laatste chicane haakten beide heerschappen in elkaar, waarbij Prost uit de race verdween. Senna reed uit, maar werd nadien gediskwalificeerd. Prost pakte alsnog de titel.

Eigenlijk begon de rivaliteit daar pas echt, zeker toen Prost het seizoen erop voor Ferrari ging rijden. Opnieuw was het circuit van Suzuka in Japan het decor van een passionele strijd tussen Prost en Senna. In 1994 werd het onderlinge duel definitief beslist toen Senna in Monza om het leven kwam na een fatale crash. Senna bleef zo steken op drie wereldtitels, Prost sloot zijn carrière af met vier titels.

Damon Hill vs Michael Schumacher

Schumi won zeven wereldtitels en zijn dominantie van de sport werd in de jaren 2000 en eind jaren '90 soms bekritiseerd. Te saaie en voorspelbare races, klonk het. Maar dat was ooit anders. In de beginjaren van Schumacher in de F1 kende hij menig schermutseling met de Brit Damon Hill. Schumacher was in zijn Benetton het opkomende talent, Hill was de ietwat kleurloze gentleman-driver. Na de tragedie met Senna was alle hoop van de Williamsrenstal gericht op Hill. In 1994 vochten beide piloten een lange strijd uit, met als climax de GP van Australië. Schumacher ging daar in de fout en na een contact met de muur kampte hij met problemen aan zijn wagen. Op het moment dat Hill hem passeert doet de Duitser een manoeuvre waarbij hij zijn nemesis raakt. Resultaat: hoewel Schumacher uitvalt, pakt hij toch de WK-titel. Het jaar erop gaan beide rijders nog meerdere malen in de clinch, zoals in Silverstone en Monza. Opnieuw toont Schumacher zich iets sluwer. 1996 is het jaar van de revanche voor Hill: hij pakt zijn eerste enige WK-titel

.

(MS/IVD)