In 2013 slaagde Sebastian Vettel er nog in om de wereldtitel te pakken in een Red Bullwagen, maar sindsdien was het aan Mercedes. Zes keer werd Lewis Hamilton wereldkampioen, één keer (in 2016) was die eer aan Nico Rosberg. Max Verstappen hoopt die zegereeks dit jaar te kunnen beëindigen.
...

In 2013 slaagde Sebastian Vettel er nog in om de wereldtitel te pakken in een Red Bullwagen, maar sindsdien was het aan Mercedes. Zes keer werd Lewis Hamilton wereldkampioen, één keer (in 2016) was die eer aan Nico Rosberg. Max Verstappen hoopt die zegereeks dit jaar te kunnen beëindigen. Voor het eerst voelt Hamilton echt de hete adem van Verstappen in zijn nek. Meer en meer is hij op achtervolgen aangewezen en rijdt hij niet van start tot finish aan de leiding zonder enige vorm van tegenstand. Het zorgt voor zenuwachtigheid in het Mercedeskamp. Enkele weken geleden kwam het ook al tot een aanrijding tussen Hamilton en Verstappen. Voer voor een nieuwe rivaliteit in de F1? Het zou in ieder geval niet de eerste zijn. Een terugblik. Jeugdvrienden Lewis Hamilton en Nico Rosberg maakten in 2013 voor het eerst deel uit van hetzelfde team. Het was het startsignaal van een reeks incidenten die tijdens het seizoen van 2016 een absoluut hoogtepunt bereikte. Tijdens hun eerste seizoen als teamgenoten leek alles nog peis en vree. Ze deden er bij Mercedes in ieder geval alles aan om dat te laten uitschijnen, maar in 2014 leek het voor het eerst flink uit de hand te lopen. Na de kwalificaties van de grote prijs van Monaco beschuldigde Hamilton de Duitser ervan bewust voor een gele vlag te hebben gezorgd waardoor de Brit zijn snelle ronde niet kon afwerken. In Hongarije in datzelfde jaar weigerde Hamilton dan weer de die dag snellere Rosberg te laten passeren. En in ons land kwamen de Mercedespiloten met elkaar in aanrijding waardoor de Brit de strijd moest staken. Ook het seizoen van 2015 bleef niet gevrijwaard van conflicten tussen de Brit en de Duitser. Vooral tijdens de Grote Prijs van de Verenigde Staten ging het mis. De polepositie was voor Rosberg; vanop de tweede plaats startte Hamilton, die met een overwinning vroegtijdig de wereldtitel kon pakken. Al in de eerste bocht dwong de Brit zijn teamgenoot op een niet-collegiale manier van de baan. Niets nieuws onder de zon tijdens het seizoen van 2016 met ook nu weer meerdere aanrijdingen tussen de teamgenoten. Vooral de laatste race in Abu Dhabi deed de wenkbrauwen fronsen. Ondanks orders van het team, reed Hamilton bewust trager zodat anderen de kans hadden om Rosberg te passeren. Toch wist Rosberg zijn plaats in de top 4 te behouden en de wereldtitel te pakken. Hierna kondigde hij het einde van zijn carrière in de F1 aan. We mogen niet alle schuld in de schoenen van Hamilton schuiven, maar in zijn conflict met Nico Rosberg was de Brit niet aan zijn proefstuk toe. Ook met zijn allereerste ploegmaat, Fernando Alonso bij McLaren, had Hamilton op z'n zachtst gezegd geen opperbeste relatie. Voor het seizoen 2007 pakte McLaren uit met twee nieuwe piloten: kersvers wereldkampioen Alonso en nieuwkomer in de formule 1 Hamilton. Als regerend wereldkampioen dacht de Spanjaard dat hij de onbetwiste nummer één was, maar dat was buiten de Brit gerekend. Alonso had niet verwacht dat zijn teamgenoot meteen zo sterk zou presteren; Hamilton deed meteen mee voor de prijzen en na negen races stond hij bovenaan de WK-stand. Het zorgde voor een hevige onderlinge strijd tussen de ploegmaats, die tot een incident leidde tijdens de kwalificaties voor de Grote Prijs van Hongarije. Hamilton zou bevelen van het team genegeerd hebben om Alonso te laten passeren, waarop zijn teamgenoot het nodig vond om hem te blokkeren in de pitstraat en Hamilton geen nieuwe snelle ronde kon afleggen. Op zich was er geen al te grote vete tussen de twee, maar daar kwam het 'spygate'-schandaal bovenop. McLaren zou gespioneerd hebben bij titelconcurrent Ferrari. Hoewel Hamilton en Alonso hun WK-punten mochten houden, werd McLaren uit het constructeurskampioenschap geschrapt en kreeg daarbovenop nog een flinke boete van 100 miljoen euro. Een samenloop van omstandigheden die voor een zeer pijnlijk seizoen zorgde. Geen rivaliteit tussen twee teamgenoten zoals die hierboven beschreven staan. Ook geen rivaliteit die voor vervelende situaties in de pitstraat zorgden of voor aanrijdingen die crashes als gevolg hadden. Wel een rivaliteit in de mooiste zin van het woord. Het F1-seizoen van 1976 was misschien wel een van de meeste legendarische seizoenen uit de geschiedenis van de sport. Niet in het bijzonder omdat de Oostenrijker Niki Lauda wist te ontsnappen uit zijn brandende Ferrari na een zware crash tijdens de Grote Prijs van Duitsland. Dat hij amper twee races buiten strijd was en daarna nog meestreed voor de wereldtitel maakte alles des te mooier. Na een desastreuze seizoenstart voor James Hunt, de voornaamste concurrent van Lauda, leek de weg naar de wereldtitel toch open te liggen. In zijn McLaren begon de Brit races te winnen en nam zo de leiding in de WK-stand over, tót Lauda op miraculeuze wijze zijn wederoptreden maakte op het circuit. Het kampioenschap zou op basis van enkele punten verschil beslist worden De strijd moest beslecht worden tijdens de Grote Prijs van Japan. Met zijn zware crash nog vers in het geheugen gaf Lauda er vroeg in de wedstrijd de brui aan. Door de extreme weersomstandigheden leek het hem niet veilig om te racen. Hunt moest minstens vierde worden in de race, waarin hij slechts twee rondes voor het einde slaagde. Deze concurrentiestrijd werd in 2013 verfilmd. Rush toont de strijd om de titel tussen twee tegenpolen die elkaar enorm respecteren. Het kan dus ook spannend zijn zonder dat de protagonisten het nodig achten elkaar van de baan te rijden. Vorig seizoen won Lewis Hamilton voor maar liefst de zevende keer de wereldtitel in de formule 1. Daarmee kwam hij op gelijke hoogte met Michael Schumacher en ook wat betreft het aantal overwinningen werd de Duitser van de troon gestoten door de Brit. Het waren andere tijden. De wagens van nu zijn veel beter ontwikkeld en ook het deelnemersveld is door de jaren heen veel veranderd. Dat maakt het moeilijk om beide heren met elkaar te vergelijken. Hoe dan ook zijn ze veruit de beste rijders van hun generatie. Wat niet wegneemt dat er altijd wel iemand was met wie ze rekening moesten houden. Voor de Duitser was dat Mika Häkkinen. Schumacher en Häkkinen dreven elkaar tot het uiterste tijdens hun gezamenlijke jaren in de formule 1. Maar in tegenstelling tot Prost en Senna gingen de Duister en de Fin nooit over de schreef in hun drang naar de overwinning; deze concurrentiestrijd was gebaseerd op wederzijds respect. Momenteel is Schumacher, samen met Lewis Hamilton, de F1-piloot met de meeste wereldtitels op zijn naam (7). Tijdens de heerschappij van Schumacher lukte het Häkkinen tweemaal op rij bovenaan de WK-stand te eindigen. 'Mijn grootste tegenstander was zonder twijfel Mika Häkkinen', zo zou Schumacher The Flying Fin omschrijven in een interview. Nog een mooi voorbeeld dus van hoe concurrentie op het circuit niet altijd moet leiden tot verbale rellen en aanrijdingen. Helaas is dit weer een voorbeeld waar het tussen teamgenoten verkeerd liep. De Australiër Mark Webber en Duitser Sebastian Vettel kregen het met elkaar aan de stok tijdens hun gezamenlijke periode bij Red Bull. Door goede resultaten bij Toro Rosso werd Vettel voor het seizoen 2009 beloond met een zitje bij het team en zou er tot 2013 aan de zijde van Webber strijden. In 2009 was het Brawnpiloot Jenson Button die plaats mocht nemen op het hoogste schavot van het podium. Daarna was het vier keer op rij prijs voor Vettel. Webber kon alleen maar toekijken en toch kwam het meermaals tot een clash tussen de twee Red Bull-rijders. Enkel in 2010, het jaar van de eerste wereldtitel van de Duitser, kon de Australiër aanspraak maken op het kampioenschap. Hij had de beste papieren om Fernando Alonso nog van de troon te stoten, alleen koos het team - tot woede en frustratie van Webber - ervoor om vol in te zetten op Vettel. De concurrentie leidde ook tot een aanrijding tijdens de Grote Prijs van Turkije. Webber kreeg hiervan de schuld, hoewel de media duidelijk zagen dat Vettel inreed op de Australiër. Tussen Webber en het Red Bullteam kwam het nooit meer goed. Het absolute hoogtepunt was het befaamde Multi 21-incident tijdens de Grote Prijs van Maleisië. Webber reed in eerste positie, Vettel in tweede. Het team gaf duidelijke orders om deze posities te behouden, iets waar Vettel geen zin in had. Na een hevig duel passeerde hij de Australiër toch en pakte de overwinning. Webber hield het na dat seizoen voor bekeken in de formule 1.