Door Valentin Raskin
...

Door Valentin RaskinNet zoals het EK vindt ook de 47e editie van de Copa América met een jaar vertraging plaats. Voor de eerste keer in de geschiedenis zou het toernooi door twee landen georganiseerd worden: Colombia en Argentinië. Het extrasportieve heeft er anders over beslist. Beide landen besloten om zich, louter wat de organisatie betreft, terug te trekken. Extrasportieve elementen die het sportieve overschaduwen: symbolischer kan haast niet voor een continent dat dicht bij de afgrond staat. Eind mei besliste Colombia, nadat het eerst bij de CONMEBOL (de Zuid-Amerikaanse voetbalbond) uitstel had gevraagd maar niet gekregen, dat de Copa América niet op Colombiaans grondgebied kon plaatsvinden. Getroffen door een nieuwe golf van coronabesmettingen was het voor het land onmogelijk geworden om de veiligheid van de deelnemers te garanderen. Voor Locombia was het een 'goed excuus' om zich in stilzwijgen te hullen over het onrustige sociale klimaat - de échte reden voor de beslissing. De laatste wedstrijden in de Copa Libertadores, die gespeeld werden ondanks de sociale strijd die in het land woedt, toonden aan dat de situatie stilaan onhoudbaar wordt. De doden die het broeiende conflict met zich meebrengt, zijn al lang niet meer op de vingers van een hand te tellen. Zo snel Argentinië zich kandidaat stelde om de organisatie alleen op zich te nemen, zo snel stapte het ook weer af van dat idee. Bedoeld als ontspanning voor de bevolking, werd de Copa América vooral een last. Te midden van de meest kritieke periode van de pandemie keerden zelfs de voetbalgekke Argentijnen hun rug naar hun favoriete sport. Gevolg: ook Argentinië besliste om het Zuid-Amerikaanse landenkampioenschap niet meer te organiseren. Minder dan twee weken voor de aftrap vond de thuisloze Copa América uiteindelijk onderdak in Brazilië. De CONMEBOL verdedigde die keuze door te wijzen op de uitstekende infrastructuur. Bij monde van regeringssecretaris Luiz Eduardo Ramos wees Brazilië zelf op de maatregelen die zullen getroffen worden: beperkte én gevaccineerde delegaties en, uiteraard, alle wedstrijden achter gesloten deuren. Naast de uiterst korte termijn waarmee alles in goede banen moet geleid worden, stelt zich nog een andere vraag: waar zal Brazilië de middelen halen om na het WK 2014, de Olympische Spelen 2016 en de Copa América 2019 nu ook dit toernooi te organiseren en niet te ontwaken met een nog grotere financiële kater? Niet alleen de herlocalisering roept vragen op, het gegeven dat de competitie überhaupt plaatsvindt, is voer voor een maatschappelijk debat. Enkele Braziliaanse oppositieleden denken er alvast aan om naar het hooggerechtshof te stappen en zo het toernooi te verbieden. Zij verwijten de regering niets minder dan een bende moordenaars te zijn op een ogenblik dat de Braziliaanse bevolking bevreesd is voor een derde besmettingsgolf. De oppositie staat niet alleen in zijn verontwaardiging. Een aantal topspelers spraken zich ook al in die zin uit. Het ging onder meer over de Braziliaanse spelers die in Europa spelen. Zij zien liever het toernooi uitgesteld of afgelast worden in plaats van dat dat het in eigen land georganiseerd wordt. Desnoods zouden ze het toernooi boycotten, werd al gefluisterd door aanvoerder Casemiro. Daar was de Braziliaanse president Jairo Bolsonaro het niet mee eens. Hij zag in de boycot en de muiterij van de spelers een 'politieke oorlog', waardoor hij zelfs bondscoach Tite wou ontslaan en vervangen door Renato Gaucho. Iets wat dinsdag officieel gemaakt kan worden na de WK-kwalificatiewedstrijd tegen Paraguay. De Braziliaanse president ging ook gewoon door met de plannen van de organisatie, ook al was de kritiek oorverdovend na de bekendmaking. 'Ik heb de ministers gesproken die bij de organisatie van het toernooi betrokken zijn en die waren unaniem. Ze waren allemaal positief. We moeten doorgaan met ons leven.'En ook elders in Zuid-Amerika is er ongenoegen over de organisatie. Volgens de Spaanse krant El Mundo Deportivo zouden verschillende sterren van het continent samengekomen zijn om een gezamenlijk standpunt in te nemen tegen het toernooi. Naast Casemiro zou het dan nog gaan om Lionel Messi, Arturo Vidal en Luis Suárez. Die laatste zei al 'onthutst' te zijn dat 'de Copa América gespeeld zal worden ondanks de huidige situatie.' Zijn Uruguayaanse landgenoot Edinson Cavani liet dan weer optekenen dat hij het totaal onverantwoord vindt om te voetballen in dergelijke omstandigheden. Hoe dan ook: het ziet er op dit moment toch naar uit dat er tussen 13 juni en 10 juli in Brazilië voor de zesde keer om de Copa América zal gestreden worden. De vijf vorige keren (1919, 1922, 1949, 1989 en 2019) was de overwinning telkens voor het gastland. Misschien een reden te meer om het toernooi alsnog af te gelasten?