Even voorbij het oude busstation van Lahti staat, bij de ingang van het voetbalstadion van FC Lahti, een standbeeld van een voetballer. Dat is vrij ongewoon in een land met een beperkte voetbaltraditie.
...

Even voorbij het oude busstation van Lahti staat, bij de ingang van het voetbalstadion van FC Lahti, een standbeeld van een voetballer. Dat is vrij ongewoon in een land met een beperkte voetbaltraditie. Lahti, een stad van 100.000 inwoners, is hét kruispunt van Finland, een as van snelwegen die het land van zuid naar noord en van oost naar west doorkruisen. Meerdere bussen per uur arriveren hier vanaf de luchthaven van de hoofdstad Helsinki, 100 kilometer zuidwaarts. Vanuit Lahti geraak je met het openbaar vervoer overal, al leren de reistijden dat dit het zevende grootste land in Europa is: naar Oulu doet de bus er zeven uur over, naar Rovaniemi in Lapland twaalf uur. Met de sneltrein sta je dan weer in minder dan drie uur in Sint-Petersburg. Het standbeeld van de voetballer springt een stuk minder in het oog dan de enorme skispringschans die aangeeft welke sporten hier belangrijk zijn: skispringen en cross-country skiing. Ook ijshockey, autosport, basket en atletiek krijgen in de media meer aandacht dan jalkapallo, het Finse woord voor voetbal. Aan het park naast het stadion begint één van de grootste meren van Finland, het Land van de Duizend Meren dat in werkelijkheid 187.888 meren telt. Op een bevolking van 5,5 miljoen inwoners maakt dat één meer per 29 inwoners. Het voetbalstandbeeld in Lahti is van Jari Litmanen, de beste Finse voetballer ooit, met de meeste voetbalinterlands (137) en de meeste goals (32), al bestaat de kans dat Teemo Pukki (31 goals) hem op het komende EK voorbijsteekt.Toen Litmanen hier zijn eerste voetbalschoenen aantrok, bestond FC Lahti nog niet. Hij debuteerde bij FC Reipas, een club die uit de stad Vyborg (in het Fins Viipuri) verhuisde toen de USSR na Wereldoorlog II het Finse deel van Oost-Karelië annexeerde. Reipas zou in 1996 fusioneren met FC Kuusysi tot FC Lahti. Toen het standbeeld op 10 oktober 2010 werd opgetrokken, voetbalde Litmanen bij FC Lahti, maar hij zou er op zijn 40e nog één seizoen bij doen voor Finlands enige topclub, HJK Helsinki. Vandaag pendelt hij tussen zijn twee woonplaatsen Helsinki en Tallin, de Estse hoofdstad. Een ferry verbindt meerdere keren per dag de twee hoofdsteden. In zijn gloriedagen was Litmanen een Europese topper bij Ajax, Barcelona en later Liverpool. Met Ajax won hij in 1995 de Champions League, ook al wilde trainer Louis van Gaal hem al na twee dagen als testspeler terugsturen. Slechts na aandringen van de scout die hem gehaald had, oefende de Ajaxcoach nog wat geduld. Toen hij hem in een andere functie uitprobeerde, op de tien, klopte het plaatje ineens wel. Hoewel Litmanen bij de nationale ploeg samenspeelde met andere topspelers als Sami Hyypiä (105 caps, tien jaar Liverpool) en Joonas Kolkka (98 caps) was de balans toen ze met zijn drieën in 2010 stopten bij de nationale ploeg erg mager: nul eindrondes. Een paar keer waren ze er dicht bij, maar telkens liep er iets mis, blijkt ook uit de onwezenlijke beelden in de Finse documentaire ' Litmanen, The King', toen Finland op 11 oktober 1997 in Helsinki moest winnen van Hongarije om zich te plaatsen voor het WK in Frankrijk. In de slotminuut leidde het 1-0 toen de Hongaren op doel trapten. De bal werd door een verdediger stuntelig tegen de eigen keeper aangetrapt, recht in doel. Finland scoorde die avond dus twee keer, maar Hongarije mocht naar de barragewedstrijden voor het WK. Toen huidig bondscoach Markku Kanerva, die zelf 59 keer voor Finland speelde, in 2016 de leiding overnam, lagen de verwachtingen niet hoog. Bij het aantreden van de voormalige centrale verdediger, die eerst jarenlang in de schaduw had gewerkt als bondscoach van de Finse U21 en vervolgens als assistent, haakten net weer een aantal vaste waarden af. Janne Kosunen van de krant Ilta-Sanomat: 'We dachten: als het met die toppers niet gelukt is, zal het met deze onbekende spelers zeker niet gaan. Daardoor waren de verwachtingen laag, maar viel, gek genoeg, ook de druk weg. Belangrijk was dat de nieuwe bondscoach de spelers door en door kende, als voormalig trainer van de U21 en als voormalig assistent-bondscoach.Hij haalt uit elke speler het maximum. Bij Finland draait alles rond teamwerk en teamspirit. De spelers hebben mekaar allemaal graag, en op het veld weet eenieder precies wat van hem verwacht wordt.' Eero Laurila, vandaag jeugdcoach bij een derdeklasser in Espoo nabij Helsinki, volgde als Fins journalist vijf jaar de Engelse Premier League vanuit Londen. In eigen land zag hij de bondscoaches uit het buitenland komen. Roy Hodgson hielp de structuur rond de nationale ploeg professioneler maken, maar ook hij kon Finland niet plaatsen voor het EK 2008. Een zege tegen Portugal in de laatste match volstond, maar het land bleef steken op een 0-0-gelijkspel. Pas op die magische avond in Helsinki op 15 november 2019 toen Liechtenstein met 3-0 verslagen werd, was de ban gebroken. Eero: 'Zo vaak hebben we er zo dicht bij gestaan. Maar er ging altijd iets verkeerd, zodat we op den duur dachten dat we een team waren waar een vloek op rustte.' Waarom lukte het nu wel en met de gouden generatie niet? 'Vandaag zijn ze tot in de puntjes voorbereid. Finland heeft een plan voor elke wedstrijd. Een erg gedetailleerd plan. Alle spelers weten perfect wat op elk moment te doen. Dat heeft ons ook in het ijshockey naar de top geholpen. We spelen goed georganiseerd. De verdienste is dat van de bondscoach. Kanerva was niet alleen zelf international, hij weet als leraar perfect hoe hij zaken moet overbrengen. Tien jaar geleden hadden we meer puur voetbaltalent, maar voetbalde Finland niet georganiseerd. Dat talent teerde vooral op improvisatie. Vandaag hebben ze een goed plan en een duidelijke identiteit.' Ook aan de basis wordt nu beter gewerkt, weet Laurila. Er werd de voorbije decennia meer geïnvesteerd in kunstgras en overdekte voetbalhallen zoals dat voorheen ook gebeurde voor ijshockey en basket. Niet onbelangrijk in een land met lange winters. 'Bij onze club in Espoo hebben we vijftien voltijdse coaches. Er spelen vandaag bijna dubbel zo veel Finse jongeren voetbal dan ijshockey. Die betalen allemaal lidgeld. De grootste sponsor van het Finse jeugdvoetbal zijn de ouders.' Ari Virtanen van de krant Helsingin Sanomat schreef een boek over het Finse voetbalsprookje. In vijf minuten uitleggen waarom dit net nu gebeurde, kan hij niet. 'Het was niet één reden, maar een combinatie van factoren. Kort samengevat komt het erop neer dat we op het juiste moment de juiste coach met de juiste spelers samen kregen, die eindelijk ook eens een beetje geluk kenden.' Ook het antwoord op de vraag waarom het met de gouden generatie nooit lukte is niet eenduidig. 'Je kan wel zeggen dat er altijd voldoende Finse spelers in Engeland voetbalden, maar in die tijd had je daar nog geen Afrikaanse of Zuid-Amerikaanse toptalenten. De concurrentie in de Premier League was toen kleiner. Vandaag is het voor een Finse voetballer véél moeilijker om daar aan de bak te geraken. 'Een andere verklaring is dat de meeste van onze belangrijke spelers al heel jong naar het buitenland trokken: Glen Kamara op zijn vijftiende naar Arsenal, Tim Sparv op dezelfde leeftijd naar Southampton, Pukki op zijn 18e naar Sevilla, onze doelman Lukas Hradecky op zijn zeventiende naar Denemarken. Terwijl Litmanen op zijn 20e in de Finse eerste klasse speelde en daarna nog moest testen bij Ajax.' Jere Uronen van KRC Genk, bij zijn debuut in mei 2012 de op twee na jongste Finse debutant ooit, combineerde zoals zo veel andere Finse jongens lang ijshockey en voetbal tot hij op zijn veertiende moest kiezen. 'Het werd voetbal, al was ik ook goed in ijshockey. De nationale ploeg had ik daar nooit gehaald, een plaats in eerste klasse misschien wel.' Toen hij voor het eerst de trui van de nationale ploeg aantrok, hadden de helden Litmanen, Hyypiä en co, net de schoenen aan de haak gehangen. 'Die speelden op een veel hoger niveau dan de meeste internationals nu. Er was toen meer kwaliteit, maar voetbal is een gekke sport, waarin wat chemie en een klik plots een heel verschil kunnen maken.' De sterkte van dit team kent Uronen goed: 'We kennen mekaar door en door, voetballen al jaren samen. Het is alsof je van het ene clubteam naar een ander clubteam gaat wanneer we naar de nationale ploeg trekken. We hebben mekaar allemaal graag, ook naast het veld. En op het veld weet je: als ik in de problemen kom, staat de man naast me klaar om me te helpen. Die weet precies wat hij dan moet doen, net zoals ik dat zelf ook weet. Dat is onze voornaamste troef. Grote namen hebben we niet. Dat compenseren we met onze inzet en organisatie. De trainer zet enorm in op solidariteit, op een goed plan. Altijd zijn we voorbereid op alles wat kan gebeuren in een wedstrijd, een beetje zoals Albert Stuivenberg dat bij Genk ook deed.' Het keerpunt voor zijn land op weg naar de kwalificatie noemt Uronen de winst in de Nations League. 'Dat gaf ons een boost. Tevoren misten we vertrouwen. Als je geen resultaten haalt en de wedstrijden lopen niet zoals je het verwacht, sijpelt het vertrouwen weg. Dan komt er frustratie als iemand in de fout gaat, want je denkt: daar gaan we weer. Als nu iemand een fout maakt, zet een ander dat meteen recht. Kleine details maken een groot verschil.' Op het komende EK is Uronen één van de meest ervaren Finnen. Enkel Hradecky, Joona Toivio, Paulus Arajuuri, Tim Sparv en Teemu Pukki tellen meer interlands. 'Paulus is onze Vikingstrijder achterin. De man die alles tegenhoudt. Tim is als een vaderfiguur, onze leider, een slimme speler die altijd voorop gaat. En Pukki is de motor van het team. Hij scoort zo vaak en zo makkelijk de laatste jaren. Een jaar of vijf geleden had hij het moeilijk, maar ook toen beseften we hoe belangrijk hij voor ons was, al scoorde hij toen amper.' Wat mag volgens Uronen van Finland verwacht worden? 'We gaan niet naar het EK om te genieten. We gaan met het voornemen om elke match te proberen winnen. We kunnen het elke ploeg moeilijk maken en vertrekken vol vertrouwen, zonder druk.' Ari Virtanen, de schrijver van het boek, hoopt dat het succes van de nationale ploeg ook afstraalt op het clubvoetbal. 'Historisch was het voetbal groter dan ijshockey, maar de bouw van een betere infrastructuur voor ijshockey in de jaren 60 en 70 heeft dat omgekeerd. Plots werd die sport meer populair en werden we daar ook sterker in. Ook het voetbal heeft betere faciliteiten nodig in een land waar de winters lang en bar koud zijn. Het moet aangenamer worden om voetbalwedstrijden te bekijken.' Het probleem is het gebrek aan geld in het Finse voetbal, waar alle twaalf clubs in de Veikkausliiga nog in Finse handen zijn en waar hooguit 20 tot 30 procent buitenlanders voetballen. Voor het gemiddelde jaarsalaris van een Finse prof, tussen 20.000 en 30.000 euro, trekt geen voetbalprof in België zijn voetbalschoenen aan.'Dit toernooi mag geen momentopname blijven', besluit Janne Kosunen van de Ilta-Sanomat. 'Dat hebben we te vaak meegemaakt. Toen HJK Helsinki in 1998 als eerste Finse club de groepsfases van de Champions League speelde, dachten we ook: nu zijn we vertrokken. Maar dat bleek niet zo.' Heel langzaam komt voetbal in Finland in de belangstelling, al haalt het voorlopig nog niet de voorpagina's. 'Bij de krant zegt men: niet te veel voetbalartikelen zo lang het WK ijshockey nog bezig is. Dat zegt alles over de verhouding voetbal-ijshockey in dit land. Maar het voetbal kan wel iets leren uit wat het ijshockey en in mindere mate het basketbal gedaan hebben. Die sporten leerden ons dat, als je een goed plan hebt, dat ook voor een klein land werkt. Vijftien jaar werkt het al in het basket, en al langer in het ijshockey: spelen als een hecht team. Willen we in een land met weinig inwoners als Finland succes halen moet één plus één altijd drie zijn. 'Weet je wat ook helpt? Mensen hebben helden nodig. Vorige week kwam ik thuis en riep mijn zoon enthousiast: papa, ik heb Pohjanpalo!' Hij toonde me trots zijn stickeralbum. Daar staan nu ook voor het eerst onze eigen Finse voetballers in. Wie had dat ooit gedacht dat een Finse jongen in de zevende hemel zou zijn omdat hij een plaatje van een Finse voetbalspits heeft?'