In 1895 beslisten de vertegenwoordigers van twaalf clubs uit het noorden van Engeland om alle banden te verbreken met de RFU (Rugby Football Union). Het gros van hun spelers waren arbeiders, die het zich niet konden veroorloven om een werkdag te missen voor een rugbywedstrijd. Toen de RFU zich uitsprak tegen vergoedingen voor spelers, richtten die twaalf clubs de NRFU (Northern Rugby Football Union) op.
...

In 1895 beslisten de vertegenwoordigers van twaalf clubs uit het noorden van Engeland om alle banden te verbreken met de RFU (Rugby Football Union). Het gros van hun spelers waren arbeiders, die het zich niet konden veroorloven om een werkdag te missen voor een rugbywedstrijd. Toen de RFU zich uitsprak tegen vergoedingen voor spelers, richtten die twaalf clubs de NRFU (Northern Rugby Football Union) op. Gedurende de vijftien jaar die volgden, maakten zij enkele belangrijke veranderingen aan de regels. Zo ontstond rugby league, een variant op de originele sport die meer aanleunt bij American Football: dertien spelers per ploeg, vijf 'plays' per team en dan wisselt het balbezit, minder regels in verband met tackelen, etc... Belangrijkste verschil met rugby union: spelers mochten een vergoeding ontvangen. De RFU hield jarenlang vast aan de amateurstatus, maar tegen 1995 werden er zoveel inkomsten gegenereerd uit reclame en televisierechten dat spelers onderhands betalingen ontvingen, het zogenaamde ' shamateurism '. 100 jaar na het grote schisma in de sport werd in Dublin, op het hoofdkwartier van de IRB (International Rugby Board), beslist om van rugby een 'open' sport te maken. Betekenis: vanaf 1995 mogen ook de spelers in rugby union een vergoeding krijgen voor geleverde prestaties.22 jaar later staat het rugby qua professionalisering in z'n kinderschoenen. Lokaal voorbeeld: de sowieso al onbetaalde Belgische mannenploeg carpoolt naar internationale wedstrijden. Tegenstanders in hun divisie zijn onder andere Roemenië, Georgië, Spanje en Rusland. Bij de vrouwen knelt het schoentje des te meer: van de twaalf landen die deelnemen aan de wereldbeker rugby ontvangen enkel de Engelse speelsters een loon. Een primeur, helaas met wrange nasmaak: op het einde van het toernooi worden alle contracten ontbonden, een beslissing die als 'één stap vooruit, twee stappen achteruit' wordt omschreven door Maggie Alphonsi, boegbeeld van het Engelse vrouwenrugby. De romantisering van het amateurwezen blijkt hardnekkig. 'We zijn niet jaloers op onze Engelse collega's,' aldus voormalig Iers kapitein Paula Fitzpatrick. 'Contracten en geld brengen extra druk met zich mee, soms is het beter om job en sport gescheiden te houden.' Fitzpatrick heeft uiteraard zelfbeschikkingsrecht aangaande commerciële zelfmoord, dus om haar struisvogelpolitiek te counteren stellen we de vraag waarop we het antwoord al kennen: is er inkomensongelijkheid tussen mannen en vrouwen in de sportwereld? Rugby en voetbal buiten beschouwing gelaten (de ene wegens onbezoldigd bij de vrouwen, de andere wegens buitenaardse bedragen bij de mannen) zijn golf, basketbal en cricket de slechtste leerlingen van de klas. Golf is altijd een gentlemen's club geweest, en dat vertaalt zich in de verloning van professionele atleten: in 2016 was het prijzengeld in de LPGA (73,8 miljoen dollar) ongeveer een vierde van hun mannelijke collega's in de PGA (300 miljoen dollar). De loonkloof in basketbal is nog groter: het jaarloon van een rookie in de NBA is momenteel 815.615 dollar. Nneka Ogwumike, MVP in de WNBA, verdient slechts 95.000 dollar per jaar. Aan de andere kant van het spectrum vind je squash, surfen, volleybal en atletiek, waar mannen en vrouwen sinds kort voor een gelijke geldprijs meedingen. Het vlaggenschip van gendergelijkheid is echter tennis. Onder impuls van Billie Jean King werd de US Open in 1973 de eerste grand slam die vrouwen en mannen gelijk verloonde. In 2007 trad Venus Williams in de voetsporen van haar landgenote, en dwong ook de laatste in het rijtje - Wimbledon - tot gelijke verloning. Gevolg: in de top 10 der vrouwelijke grootverdieners in de sportwereld prijken nu maar liefst acht tennissers. Tennis is dus een geëmancipeerde sport. Toch? 'Er zijn data over ticketverkoop, dus het lijkt me logisch dat de gegenereerde inkomsten op basis van die data herverdeeld worden', aldus Novak Djokovic. 'Ik heb respect voor vrouwen: hun lichaam is anders dan dat van mannen. Je weet wel, hormonen enzovoort... we moeten niet in detail gaan.' De gewezen nummer één in het mannentennis oogstte verontwaardiging toen hij gevraagd werd om te reageren op uitspraken van Raymond Moore, (inmiddels ex-) CEO van het BNP Paribas-toernooi. Die liet zich ontvallen dat 'vrouwelijke tennisspelers elke avond op hun knieën God, Federer en Nadal moeten danken voor de populariteit van de sport: ze hebben héél veel geluk dat ze zoveel verdienen.' Seksisme in de sportwereld kent vele vormen en vertakkingen, en plein publique - denk Sepp Blatter die vrouwenvoetbal aantrekkelijker wou maken door strakkere outfits), anderzijds meer verborgen (de International Cricket Council die mannen in business class laat overvliegen, voor vrouwen is economy voorzien), met één overkoepelende constante: de klemtoon in sportvrouw ligt op vrouw, niet op sport. De succesvolle marketing van het vrouwentennis midden jaren 90 hangt ontegensprekelijk samen met de kortstondige carrière van Anna Kournikova. Ze maakte op 15-jarige leeftijd haar debuut op de US Open en ging zes jaar later, op 21-jarige leeftijd, op pensioen wegens rugproblemen. Ze won geen enkel toernooi, maar was wel jarenlang het uithangbord van de WTA. Short skirts sell tickets is twintig jaar later nog altijd de toverformule voor adverteerders. Toen Eugenie Bouchard in 2015 na een overwinning op de Australian Open de pers te woord stond, werd ze voor een volle arena verzocht om even rond haar as te spinnen: 'Give us a twirl.' Ze keek verbouwereerd naar de interviewer, om vervolgens - vernederd - aan het verzoek te voldoen. In 2016 verdiende de Canadese 6,2 miljoen dollar, waarvan 700.000 dollar aan prijzengeld. Haar mindere prestaties op het veld (momenteel staat ze 69e op de wereldranglijst) hebben geen invloed op het binnenrijven van sponsorcontracten. In vergelijking met het kortgerokte tennis is rugby geen flatterende sport. Het profiel van een rugbyspeelster beantwoordt doorgaans niet aan het westerse schoonheidsideaal, en zelfs Kournikova staat niet met een gebitsbeschermer. Een vrouw die rugby speelt is simpelweg niet sexy genoeg voor adverteerders. Maar ze behoudt wel haar waardigheid. In 2009 zag de Lingerie Football League het levenslicht: een 7-a-side variant op American Football voor vrouwen, gestript van contact en kleding. Dat laatste mag u letterlijk nemen: de vrouwen spelen namelijk in lingerie. Wat begon als een stunt, werd een commercieel succes: adverteerders sprongen op de kar en de tv-rechten werden voor grof geld verkocht. Pijnlijk genoeg is er één gelijkenis met rugby: de vrouwelijke speelsters hebben het amateurstatuut, en worden niet betaald. Meer zelfs: in geval van blessures zijn ze aangewezen op hun eigen verzekering. Het geïnstitutionaliseerd seksisme in de sportwereld gaat terug tot de eerste moderne Olympische Spelen. Geestelijke vader Pierre de Coubertin liet in 1896 optekenen dat 'een sportende vrouw het meest onesthetische is dat het menselijke oog kan waarnemen.' Maar laat het nu net die Olympische Spelen zijn waar de sleutel tot emancipatie ligt: de exposure die vrouwelijke atleten krijgen via 's werelds meest bekeken sportevenement is onbetaalbaar. Bovendien zijn het de landen die hun atleten vergoeden, onafhankelijk van hun geslacht, want goud staat los van gender. Eat your heart out, Pierre. De herintrede van rugby op de Olympische Spelen in Rio was een levenslijn voor de sport. Fiji, een kansarm eiland van nog geen miljoen inwoners, toonde aan de wereld wat de waarden van rugby zijn: geloof, in jezelf en in de som der delen, respecteer je tegenstander en wees niet bang om jezelf te wezen. Toen de vrouwen hun gouden medaille ontvingen gingen ze door de knieën, en de wereld deed hetzelfde. In de aanloop naar Tokyo 2020 surfen de vrouwen mee op die golf van enthousiasme, in de hoop niet steeds op diezelfde barrière te stranden. Een glimmering van hoop: de RFU kondigde recent aan dat de contracten van de Engelse rugbyvrouwen behouden worden tot Tokyo 2020. Voor vrouwen luidt de Olympische gedachte anders dan voor mannen. Deelnemen is winnen.