Het is zonder twijfel hét tennismoment van het jaar. New York, achtste finales van een sinds het begin triestige US Open, omdat Roger Federer, Rafael Nadal en het publiek afwezig zijn. Novak Djokovic moet het opnemen tegen de Spanjaard Pablo Carreno-Busta. Op papier slechts een formaliteit voor de Serviër, die 's werelds nummer 1 is. Maar die dag ontbreekt de genialiteit. Hij is nerveus, een beetje gefrustreerd omdat het allemaal niet loopt zoals het zou moeten lopen.

Op het moment dat hij wil terugkeren naar zijn stoel, leegt Djokovic zijn zakken waar hij nog een tennisbal terugvindt. Hij slaagt die naar de zijkant, zonder iemand te viseren. Maar zijn slag, nog steeds hard genoeg (we spreken hier over Djokovic), raakt de keel van een lijnrechter. Ze valt meteen op de grond. Onmiddellijk loopt ook Djokovic naar de vrouw toe, bezorgd over haar toestand. Het is ernstig, dat ziet hij ook. Een gentleman op het veld is hij al jaren.

Het is een schoolvoorbeeld van sportiviteit, maar het reglement is duidelijk: als de integriteit van een official in het gedrang komt, wordt de speler automatisch gediskwalificeerd. Dat probeert de scheidsrechter ook duidelijk te maken aan Djokovic, die blijft protesteren.

Maar het is Djokovic, een man met een ijzige blik maar al jaren beschouwd als een van de sympathiekste spelers in het circuit. We vermoeden dan ook dat het publiek, als er had gezeten, zijn kant zou hebben gekozen. Want het tennispubliek hield altijd al van enfants terribles, zoals John McEnroe, maar ook van de goeie gasten, stijl Djokovic, Nadal of Federer. Als er een dag is waarop de intentie (of zelfs nog het gebrek aan intentie) moest aanschouwd worden in plaats van de harde en nauwgezette wet, dan was het die dag wel.

Het is zonder twijfel hét tennismoment van het jaar. New York, achtste finales van een sinds het begin triestige US Open, omdat Roger Federer, Rafael Nadal en het publiek afwezig zijn. Novak Djokovic moet het opnemen tegen de Spanjaard Pablo Carreno-Busta. Op papier slechts een formaliteit voor de Serviër, die 's werelds nummer 1 is. Maar die dag ontbreekt de genialiteit. Hij is nerveus, een beetje gefrustreerd omdat het allemaal niet loopt zoals het zou moeten lopen. Op het moment dat hij wil terugkeren naar zijn stoel, leegt Djokovic zijn zakken waar hij nog een tennisbal terugvindt. Hij slaagt die naar de zijkant, zonder iemand te viseren. Maar zijn slag, nog steeds hard genoeg (we spreken hier over Djokovic), raakt de keel van een lijnrechter. Ze valt meteen op de grond. Onmiddellijk loopt ook Djokovic naar de vrouw toe, bezorgd over haar toestand. Het is ernstig, dat ziet hij ook. Een gentleman op het veld is hij al jaren. Het is een schoolvoorbeeld van sportiviteit, maar het reglement is duidelijk: als de integriteit van een official in het gedrang komt, wordt de speler automatisch gediskwalificeerd. Dat probeert de scheidsrechter ook duidelijk te maken aan Djokovic, die blijft protesteren. Maar het is Djokovic, een man met een ijzige blik maar al jaren beschouwd als een van de sympathiekste spelers in het circuit. We vermoeden dan ook dat het publiek, als er had gezeten, zijn kant zou hebben gekozen. Want het tennispubliek hield altijd al van enfants terribles, zoals John McEnroe, maar ook van de goeie gasten, stijl Djokovic, Nadal of Federer. Als er een dag is waarop de intentie (of zelfs nog het gebrek aan intentie) moest aanschouwd worden in plaats van de harde en nauwgezette wet, dan was het die dag wel.