1. Met wedstrijden tegen Luxemburg en thuis tegen Costa Rica begint uw carrière als bondscoach van Hongarije. Zaterdag zag u al twee matchen in de Hongaarse competitie: Ferencvaros-Debrecen en Honved-Puskas Akadémia. Wat waren uw eerste indrukken?

GEORGES LEEKENS: Ik neem deze week de honneurs nog niet waar, de assistent gaat het werk doen. Ik ga observeren, overleggen, naar mensen luisteren, informatie inwinnen.
...

GEORGES LEEKENS: Ik neem deze week de honneurs nog niet waar, de assistent gaat het werk doen. Ik ga observeren, overleggen, naar mensen luisteren, informatie inwinnen. Ferencvaros speelde voor het eerst weer in een vol stadion, omdat er in het verleden wat problemen waren met toeschouwers. Leuke atmosfeer, heel veel enthousiasme, maar dat zorgde tegelijk voor enige zenuwachtigheid. Iets meer overleg mocht wel. Al bij al was het een goeie eerste kennismaking, ook de andere wedstrijd. Maar je moet toch eerst wat meer wedstrijden zien, op verschillende momenten van een seizoen, voor je een oordeel kan vellen. LEEKENS: Toch vrij belangrijk, omdat een groot deel van de kern nog in eigen land voetbalt. Dat moet een van de doelstellingen worden: onze spelers bij de topclubs in het buitenland krijgen, ook de jongens die nu al buiten de grenzen spelen. Hongarije is een mooi land en Boedapest goed om te leven, maar ik ga mijn spelers toch stimuleren om het ook elders te proberen. Er zijn parallellen met de laatste keer dat ik in België begon. Ik geloof dat in de beginfase toen ook nog zestig procent van mijn kern in België speelde. Om ook hier daartoe te komen, gaan we proberen een goeie samenwerking op te zetten met de clubs. LEEKENS: Dat hoor ik ook. Er zijn na het EK wat jongens gestopt, de overdracht van leiderschap is dan niet altijd evident. Allicht is daarom het laatste jaar alles wat minder gegaan, na de voor een stuk onverwachte euforie die er is ontstaan rond de plaatsing voor het EK. Met 40.000 Hongaren bij de thuiskomst was het toen één groot feest in Boedapest. Ik moet zeggen dat mijn voorganger Bernd Storck goed werk heeft geleverd. Hij was naast bondscoach ook sportief directeur en heeft er meer dan het maximum uitgehaald. Ik ben geen sportief directeur, maar heb wel de supervisie over de U21 en zag al hun bondscoach. Ik denk dat ze kozen voor iemand die op dat vlak zijn sporen verdiende. Het is nu mijn zesde job als bondscoach, na twee keer België, twee keer Algerije en één keer Tunesië. LEEKENS: Klopt, je vertrekt altijd vanuit je as, maar ik moet hen nu eerst allemaal zien op training, hoe ze in de groep zijn. De werkomstandigheden zijn hier goed, ons Tubize heet Telki, ook met viersterrenhotel, een wellnesscentrum en goeie oefenvelden. Een sportcomplex om u tegen te zeggen. Maar het belangrijkste blijven de spelers en het ombuigen van de negatieve spiraal. De achtste finale op het EK was onverwacht en die heeft voor een hoog verwachtingspatroon gezorgd. Er wordt hier veel geïnvesteerd in infrastructuur. Er komt een nieuw nationaal stadion van 67.000 plaatsen. Ook naar de jeugd toe zijn er veel stimulansen. Daar zijn de resultaten redelijk, nu gaan we die violen afstemmen met de A-ploeg. Daarom kwamen ze bij mij, omdat ik een brok ervaring heb met dit soort toestanden. In maart zal ik meer weten. LEEKENS: Ik was geen kandidaat, mijn naam werd overal bij gezet. In Oostende, bij Kortrijk. Ik ben maar één keer in Kortrijk geweest, op speeldag 2 tegen Lokeren. Spijtig dat mijn naam telkens viel. Ik heb wel een goeie band met Joseph Allijns en met Marc Coucke. Als ze je ergens zien, worden direct verbanden gezocht. Dat vind ik vreselijk ambetant: journalisten schrijven dingen maar contacteren je nooit. Ik ben pas naar KV Oostende-Club Brugge gaan kijken, toen Adnan Custovic al was aangesteld. Mensen zeiden dat ik zat te azen op een job, maar ik was geen kandidaat. Dit hier in Hongarije doe ik wél graag. Ik denk dat ik hiervoor de geknipte man ben.