De datum op de kalender mocht dan wel 11 november zijn, Real Betis was niet naar Camp Nou afgezakt om zich over te geven. Zoals gewoonlijk voetbalden de mannen van Quique Setién met een mix van intense pressing en gedurfd balbezit (slechts vier clubs in de grote Europese competities hebben meer balbezit dan de groen-witten). En deze keer, na eerder in het seizoen vaak opgebokst te hebben tegen defensieve muren, leverde dat ook iets op: tijdens de eerste elf speeldagen kon Betis slechts acht keer scoren, maar tegen FC Barcelona knalde het er vier tegen de netten. Met drie punten keerde het terug uit Catalonië.

Ondanks een nederlaag tegen Villarreal in de volgende match lijkt de Sevillaanse trein vanaf dan vertrokken. Langzaam maar zeker klimt Betis op in het klassement. Ondertussen plaatste het zich ook vlotjes voor de 1/16 finales van de Europa League, met onder meer de scalp van het AC Milan van Gennaro Gattuso in de achterzak.

Na de komst van de imposante verdedigende middenvelder William Carvalho en het jonge goudklompje van PSG Giovanni Lo Celso afgelopen zomer lijkt Real Betis nu echt uit de startblokken te zijn geschoten. Enige minpunt is het gebrek aan offensief talent. De veteraan Joaquín en de jonge Loren Morón scoren elk niet meer dan tien goals per seizoen.

Soms lijkt Betis ook opgesloten in zijn balbezit en heeft de ploeg het moeilijk om kansen te creëren, zeker tegen goed georganiseerde verdedigingen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de déclic er uiteindelijk kwam in Camp Nou, tegen een ploeg die historisch gezien niet in staat is om een dubbel slot op de deur te doen. Ondanks dat doelpuntenfestival op een moeilijk te veroveren veld blijft Betis achteraan bengelen in La Liga als het op gemaakte doelpunten aankomt. Met de toevoeging van een beetje talent en flair in de offensieve zone zou deze ploeg weleens ver kunnen komen in de rangschikking.

De datum op de kalender mocht dan wel 11 november zijn, Real Betis was niet naar Camp Nou afgezakt om zich over te geven. Zoals gewoonlijk voetbalden de mannen van Quique Setién met een mix van intense pressing en gedurfd balbezit (slechts vier clubs in de grote Europese competities hebben meer balbezit dan de groen-witten). En deze keer, na eerder in het seizoen vaak opgebokst te hebben tegen defensieve muren, leverde dat ook iets op: tijdens de eerste elf speeldagen kon Betis slechts acht keer scoren, maar tegen FC Barcelona knalde het er vier tegen de netten. Met drie punten keerde het terug uit Catalonië. Ondanks een nederlaag tegen Villarreal in de volgende match lijkt de Sevillaanse trein vanaf dan vertrokken. Langzaam maar zeker klimt Betis op in het klassement. Ondertussen plaatste het zich ook vlotjes voor de 1/16 finales van de Europa League, met onder meer de scalp van het AC Milan van Gennaro Gattuso in de achterzak. Na de komst van de imposante verdedigende middenvelder William Carvalho en het jonge goudklompje van PSG Giovanni Lo Celso afgelopen zomer lijkt Real Betis nu echt uit de startblokken te zijn geschoten. Enige minpunt is het gebrek aan offensief talent. De veteraan Joaquín en de jonge Loren Morón scoren elk niet meer dan tien goals per seizoen. Soms lijkt Betis ook opgesloten in zijn balbezit en heeft de ploeg het moeilijk om kansen te creëren, zeker tegen goed georganiseerde verdedigingen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de déclic er uiteindelijk kwam in Camp Nou, tegen een ploeg die historisch gezien niet in staat is om een dubbel slot op de deur te doen. Ondanks dat doelpuntenfestival op een moeilijk te veroveren veld blijft Betis achteraan bengelen in La Liga als het op gemaakte doelpunten aankomt. Met de toevoeging van een beetje talent en flair in de offensieve zone zou deze ploeg weleens ver kunnen komen in de rangschikking.