Onlangs was het de 32-voudige Nederlandse international Ron Vlaar die het in De Telegraaf weer eens aangaf: pijn- en ontstekingsremmers zijn in het voetbal nog te vaak eerste keuze. Daar worden voetballers namelijk niet beter van, integendeel. Laat ons daarom nog eens bekijken hoe de genezing van een wond precies werkt.

Elk letsel, zowel aan de binnen- als de buitenkant van ons lichaam, moet zo snel mogelijk worden afgedekt door myofibroblasten. Dat zijn bindweefselcellen met het vermogen om zich samen te trekken en fibronectine te produceren. Zij zorgen ervoor dat er een netwerk ontstaat dat de wonde afdekt en een soort korst vormt.

De chemische stof om deze myofibroblasten in de wonde aan te trekken, komt evenwel alleen vrij als er in het bindweefsel een splitsing plaatsvindt tussen twee specifieke aminozuren: leucine (Leuc) en glutamine (Glut). Wanneer bindweefsel beschadigd wordt, vindt deze schade willekeurig plaats, niet precies op de overgang Leuc-Glut. Daarom wordt bij elke schade aan bindweefsel de stof collagenase A geactiveerd. Die stelt dan de boodschapper vrij die in staat is om leucine te splitsen van glutamine. Dat gebeurt op plaatsen die aanvankelijk niet beschadigd waren. Daardoor treedt er in eerste instantie bijkomende schade op en wordt de wonde groter. Maar dat proces is dus noodzakelijk om myofibroblasten aan te trekken.

Deze bijkomende schade wordt door de mens vertaald als iets negatiefs. Maar hoe kan een universeel gegeven, iets dat bij alle organismen plaatsvindt, fout zijn?

Er werden medicijnen ontwikkeld, zoals NSAID, Ibuprofen en Voltaren, en er wordt ijs ingezet om zogezegd de schade te beperken. Maar deze stoffen remmen de werking van collagenase A, dat dus een boodschapper moet vrijstellen om leucine van glutamine te kunnen splitsen om myofibroblasten te kunnen aantrekken, zodat die fibronectine kunnen creëren om een normale wondheling te kunnen laten plaatsgrijpen.

Zou het kunnen dat deze interventies veeleer de wondheling vertragen en de afronding van het helingsproces onmogelijk maken? In de 16de eeuw kenden ze het antwoord op deze vraag al: pus bonum et laudabile . Hoe meer ontsteking, hoe gunstiger de genezing.

Bij Ajax komen de spelers zelf om vis vragen.

In de voetbalwereld worden ontstekingsremmers ingenomen als snoep om de symptomen te onderdrukken, maar dat kan dus nooit een onderdeel zijn van een natuurlijk wondhelingsproces of resoleomics.Daarom gaan we in de klinische psycho-neuro-immunologie op zoek naar interventies die de natuurlijke wondheling ondersteunen, zoals ervoor zorgen dat spelers de juiste vetzuren binnenkrijgen.

Want wanneer er schade optreedt aan een bloedvat, door bijvoorbeeld een enkelverzwikking, komen er meteen vetzuren vrij: EPA, DHA en arachidonzuur. Deze vetzuren kunnen worden omgezet in stopsignalen, in lipoxinen en resolvinen, die de ontsteking zullen beëindigen. Hoe meer schade en zwelling, hoe meer stopmoleculen er vrij zullen komen. In de klinische psycho-neuro-immunologie is het beperken van de zwelling dan ook een contra-indicatie. Dat doen we dus niet.

De bloedvaten moeten vooraf, vóór het trauma, natuurlijk wel geladen zijn met de juiste vetzuren om dat natuurlijke proces van beëindiging van de ontsteking in gang te kunnen zetten. Zoniet gebeurt het niet of onvoldoende.

Een rijke bron van EPA en DHA is vis. Maar het is onthutsend hoe weinig voetballers op regelmatige basis vis eten. In onze dagelijkse praktijk, waarin we uitgebreid het voedingspatroon van spelers in kaart brengen, blijven we spelers over de vloer krijgen die nooit vis eten. Dat leidt dus sowieso tot ontstekingen, die bovendien niet kunnen genezen. Want als onze weefsels geladen zijn met varkensvlees en zonnebloemolie in plaats van met gezonde vetzuren, komen bij weefselschade andere moleculen vrij en die ronden het wondhelingsproces niet af. Dat leidt tot chronische ontsteking.

Ik vind het schokkend vast te stellen dat zoveel voetballers geregeld ontstekingsremmers nemen, maar de neus ophalen voor een haring.

Het is daarom hallucinant dat in de voetbalwereld het verband tussen blessures en voedingsgewoontes nog steeds niet wordt onderkend. Intussen blijkt uit nog maar eens een nieuwe wetenschappelijke publicatie dat een gebrek aan resolvine leidt tot gewrichtsontstekingen. Resolvine is een stof uit omega 3, dus uit vis. Ik vind het schokkend vast te stellen dat zoveel voetballers geregeld ontstekingsremmers nemen, maar de neus ophalen voor een haring.

Maar soms word ik ook in positieve zin verrast. Bij Ajax bijvoorbeeld komen in de keuken almaar meer spelers zelf vis vragen. Voedingsdeskundige Gregory Hirschfeld, met wie ik er samenwerk, adviseert hen om meer vis te eten. Daar zijn ze op de goeie weg, want het beste moment om een letsel op te lossen, is vóór het letsel.