Een speciale vereniging is Union Berlin altijd geweest. Al lang voor de hereniging toen de club zich afzette tegen het regime van de DDR en dat duidelijk liet blijken. De tribunes werden toen een decor van moedig verzet.
...

Een speciale vereniging is Union Berlin altijd geweest. Al lang voor de hereniging toen de club zich afzette tegen het regime van de DDR en dat duidelijk liet blijken. De tribunes werden toen een decor van moedig verzet. Union draagt een turbulent verleden met zich mee. Het stond in 2005 aan de rand van het faillissement, supporters verzamelden via de meest uiteenlopende acties anderhalf miljoen euro, waardoor de club werd gered. Toen drie jaar later het stadion werd afgekeurd, stroopten de fans zelf mee de mouwen op om die verpauperde accommodatie voor een groot deel zelf te verbouwen. Van de littekens uit het verleden heeft Union zich nooit bevrijd. Ze zijn ergens een trauma gebleven. Vandaar dat er een koers van voorzichtigheid wordt gevaren. Geen grootspraak en nog minder grote uitgaven. Toen Union vorig seizoen naar de Bundesliga promoveerde, kwam het in een nieuwe wereld terecht. De club moest commercieel leren denken. Dat Union - ook toen al met het op één na kleinste budget - zich probleemloos handhaafde, was opmerkelijk. Het tweede seizoen op het hoogste niveau is doorgaans het moeilijkste. Union staat op de ranglijst van de begrotingen nog altijd op de voorlaatste plaats, met een budget van 60 miljoen euro, net voor Arminia Bielefeld (45 miljoen). Maar Union draait al het hele seizoen mee bovenaan in de klassering. Woensdagavond speelt het op het veld van RB Leipzig, een andere club uit het voormalige Oost-Duitsland. De financiële contrasten zijn immens. Net zoals er ook bij de lager geklasseerde stadsgenoot Hertha BSC andere normen gelden. Union Berlin verbaasde vorige zomer door de 14-voudige international Max Kruse aan te trekken. De rumoerige middenvelder/spits kwam de afgelopen jaren meer in de belangstelling met zijn escapades naast het veld dan met zijn prestaties binnen de krijtlijnen. Maar Kruse paste zich naadloos aan en ligt mee aan de basis van de opmerkelijke successen. Kruse, op dit moment out met een spierblessure, heeft het talent met zijn voorzetten het spel te versnellen en dat past in het spelconcept van Union dat vanuit een stevige defensie snel wil omschakelen. Heel verfijnd oogt het allemaal niet, met lange ballen wordt het middenveld vaak overgeslagen. Het is het voetbal dat trainer Urs Fischer voorschrijft. De 54-jarige Zwitser werkt sinds medio 2018 bij Union en is de nuchterheid in persoon: toen de club op de vierde plaats stond in de Bundesliga zei hij dat er niet aan Europees voetbal wordt gedacht, maar dat het erom gaat de kloof met de zestiende plaats en mogelijke barragewedstrijden zo groot mogelijk te houden. De spelers prijzen de rustige, empathische, maar ook duidelijke aanpak van Fischer. De trainer verlengde onlangs zijn contract, al is het niet bekend tot wanneer. Aanbiedingen zijn er voor Fischer nauwelijks. Hij kan zich niet verkopen en zal nooit zijn inbreng in de successen van de club accentueren. Wat dat betreft past hij heel goed bij de club. Union Berlin bloeit in een soms klinische voetbalwereld. Het leeft als echte cultclub tussen folklore en realiteit. Maar het blijft begrensd in zijn mogelijkheden. Het stadion, dat in een arbeiderswijk in het oosten van Berlijn ligt, heeft een capaciteit van 22.000 plaatsen. In normale tijden is iedere thuiswedstrijd uitverkocht. Plannen om de capaciteit naar 39.000 plaatsen op de drijven zijn er, de werken dienden eigenlijk in de zomer van 2019 te beginnen, maar uiteindelijk werd alles vertraagd. Zo blijft Union Berlin zichzelf. Ook nadat is becijferd dat het door de coronapandemie tien miljoen euro zal verliezen. Het is zoals voorzitter Dirk Zingler het verwoordde: de club zal dit verlies als familie dragen. Geholpen door reserves uit het verleden.