Je ziet het telkens weer, waar ook ter wereld. Spelers scoren, rennen naar hun supporters en kussen opzichtig het clublogo. Of ze wijzen naar het embleem, niet toevallig geborduurd op de linkerkant van het shirt, van 'de club van hun hart'. Het logo als deel van een identiteit. Het staat op shirts, sjaals en vlaggen, maar ook op koffiebekers, brooddozen of dekbedden. Of getatoeëerd in de nek of op de borst, als symbool van trots en verbondenheid.
...

Je ziet het telkens weer, waar ook ter wereld. Spelers scoren, rennen naar hun supporters en kussen opzichtig het clublogo. Of ze wijzen naar het embleem, niet toevallig geborduurd op de linkerkant van het shirt, van 'de club van hun hart'. Het logo als deel van een identiteit. Het staat op shirts, sjaals en vlaggen, maar ook op koffiebekers, brooddozen of dekbedden. Of getatoeëerd in de nek of op de borst, als symbool van trots en verbondenheid. Het logo is heilig. Aanpassingen of verfijningen, meestal ingegeven door marketingjongens of eigenzinnige clubeigenaars, worden door puristen weg geschreeuwd als heiligschennis. In Barcelona, bijvoorbeeld, bogen alle socios zich op 20 oktober over het nieuwe ontwerp, waarin de drie letters van de clubnaam - FCB - zijn weggelaten, de bal een meer centrale plaats krijgt en de kleuren - blaugrana (donkerblauw en granaatrood) - meer uitgesproken zijn. Soms wordt maar een lijntje of zinnetje aangepast. Zoals bij Everton Football Club, dat in mei 2013 een nieuw logo lanceerde zonder het clubmotto Nil Satis Nisi Optimum - alleen het beste is goed genoeg. Vier maanden erna, na een storm van protest en een petitie met meer dan 22.000 handtekeningen, moest voorzitter Bill Kenwright inbinden. Vincent Tan, de Maleisische eigenaar van Cardiff City (en KV Kortrijk), ging in zijn poging om de club in 2012 volledig te rebranden nog een stap verder. Hij wijzigde de clubkleuren van blauw in rood, dat in Azië met geluk wordt geassocieerd. Op het nieuwe logo was de sierlijke lijster, aan wie de club sinds 1910 zijn bijnaam ( The Bluebirds) dankte, volledig gedomineerd door een grote rode draak. De fans waren, ook na de promotie naar de Premier League, woedend en organiseerden protestmarsen op het stadion. Ook Tan haalde, met een degradatie als katalysator, bakzeil. De lijster fladdert weer en The Bluebirds voetballen opnieuw in het blauw. Zelfs een koppige en rijke Aziaat bijt de tanden stuk op erfgoed en traditie. 'Als je iets verandert, dan volgt een reactie', zei Paul Stafford, chief executive van DesignStudio, het agentschap dat twee jaar geleden een eigentijds embleem voor de Premier League ontwierp. 'Mensen in het algemeen houden van logo's, maar wat voetbalfans voor de crest voelen, gaat oneindig veel verder. Normale reacties, vermenigvuldigd met tien.' Hoe lelijk en hoe vreemd die logo's ook mogen zijn.Een kangoeroe in het logo van een Tsjechische club? Gekker moet het niet worden. En toch. Toen AFK Vrsovice, opgericht en genoemd naar een voorstad van Praag, in 1927 op voetbaltournee door Australië trok, besloten enkele bestuursleden om de clubnaam in het beter bekkende AFK Bohemians te veranderen. De twee maanden durende rondreis, met 19 wedstrijden op de agenda, werd een succes voor de club uit Bohemen, die zelfs in de drie confrontaties met de nationale ploeg ongeslagen bleven. De Australische fans vergaapten zich aan de technische hoogstandjes van de Europeanen, die tijdens de afsluitende receptie van de gouverneur van Queensland twee levende kangoeroes cadeau kregen. De twee dieren werden aan de Praagse zoo geschonken, maar de kangoeroe werd in het logo vereeuwigd en de nieuwe naam - varianten op Bohemians - én bijnaam ( Klokani, Tsjechisch voor kangoeroe) gekoesterd. De sportieve successen waren schaars - één kampioenschap in Tsjechoslowakije (1983) -, maar de club stond wel aan de wieg van de carrière van de legendarische Antonin Panenka, die er 15 jaar in het eerste elftal speelde en tot op vandaag voorzitter is.De doortocht van een Amerikaans circus die aan de basis ligt van het logo en slogan van een Belgische club, het gebeurde in Gent. Twee jaar na de verhuis van de Association Athlétique La Gantoise naar een terrein in de Mussenstraat (1904) sloeg het wereldberoemde Barnum and Bailey Circus in de nabijheid zijn tenten op. Het wildwestspektakel, met William Frederick Cody (de kleurrijke Buffalo Bill) in de hoofdrol, maakte diepe indruk op de Gentenaars, die de vedette keer op keer met 'Buffalo, Buffalo' toeschreeuwden. De kreet werd overgenomen door de Gentse sprinter Henri Cocquyt, die zijn stadsgenoten tijdens de Spelen in Antwerpen met het meeslepende 'Buffalo, Buffalo' aanmoedigde en het eerste ontwerp van het indianenhoofd tekende. Vier jaar erna, in 1924, kreeg het indiaans opperhoofd een plaats op een supportersvlag van de voetbalafdeling van KAA Gent. En ook vandaag, bijna 100 kaar later, is de indiaan hét symbool van stamnummer 7.Nog een beestje. Een stekelvarken, sinds 1701 het nationale symbool van de Ghanese regio Ashanti (Asante), op een goudkleurige achtergrond, een verwijzing naar het gouderts dat het ceremonieel koninkrijk ongekende rijkdom schonk. Ashanti United Football Club werd in 1926 gesticht door de jonge chauffeur van een Engelse legerkolonel, ging even door het leven als Kumasi Titanics en Mighty Atoms, en werd negen jaar na de oprichting herdoopt in Asante Kotoko Sporting Club, nadat Prempeh II - koning van Ashanti - de toestemming had gegeven om het stekelvarken ( kotoko) in de naam te verweven. Met 24 landstitels werd ze door de International Federation of Football History and Statistics in 2000 verkozen tot Club van de Eeuw in Afrika, voor de grote rivaal Accra Hearts of Oak. Amper een jaar erna ontaardde een wedstrijd tussen de twee tenoren van het Ghanese voetbal in een drama, toen de politie traangas in de tribunes schoot en 127 voetbalfans werden vertrappeld. Op die dag kreeg de slagzin van The Porcupine Warriors een bijzondere bittere nasmaak. Kum apem a, apem beba, vertaald uit het Asante Twi: je mag er duizend doden, er staan duizenden anderen klaar... Ooit wordt het logo van Club Atlético Boca Juniors te klein. Sinds de oprichting in 1913 werd het embleem tot 1995 slechts vijf keer aangepast, vanaf de jaren zeventig zijn de veranderingen niet meer bij te houden. Bij elke nieuwe Argentijnse titel of beker komt er boven de letters CABJ een sterretje bij, internationaal succes is goed voor een extra ster ónder de naam. Sinds mei van dit jaar, toen de club uit Buenos Aires zijn titel verlengde, staat de teller op 52: landskampioen (33), beker (3), wereldbeker voor clubs (3), Copa Libertadores (6), Copa Sudamericana (2), Recopa Sudamericana (4), Supercopa Sudamericana (1). In eigen land (en stad) deed River Plate - Los Millonarios - met 36 titels net iets beter, al blijft de club uit het mythische La Bombonera met lengten voorsprong de meest populaire. Volgens een studie uit 2006 supportert ruim 40 procent van de Argentijnse bevolking voor 'de club van de arbeidersklasse'. Toen Royal Standard Club Liège in 1952 nog maar eens zijn naam wijzigde (Royal Standard Club Liégeois), hoorde daar volgens Roger Petit een nieuw logo bij. De machtige secretaris-generaal liet zich inspireren door de echtgenote van Luc Varenne (pseudoniem van Alphonse Tetaert), de legendarische radiojournalist van de RTBF én supporter van de Rouches. Varenne was getrouwd met Liliane Stanton, een Engelse die in Hoeilaart woonde en die op Petit een enorme indruk maakte. Of beter: haar broche met lauwerkans, waarop de sierlijke S en L in elkaar verweven waren.Het ziet eruit als een schnauzer die een pijp rookt, maar dat heeft wellicht met de gebrekkige tekenvaardigheden van de ontwerper te maken. De figuur moet een zeeman voorstellen, een verwijzing naar de roots van de club die in Genua - de op één na grootste havenstad van Italië - liggen. Baciccia: de ruige visser uit Ligurië met typische muts, haar in de wind en onafscheidelijke pijp. In de jaren negentig stuitte het logo op heftig verzet van anti-rookactivisten, maar Unione Calcio Sampdoria hield het been stijf. De clubnaam vindt zijn oorsprong in de fusie (1946) van Sampierdarenese (rood-zwart) en Andrea Doria (wit-blauw), waarvan ook de kleuren in het embleem prominent aanwezig zijn. De zeeman werd voor het eerst gebruikt in 1971, waardoor het Saint George's Cross (rood op wit, zoals in de vlag van de stad en... Engeland) definitief van het logo verdween. Een rokende zeeman in plaats van de patroonheilige van Engeland, daar viel iets voor te zeggen.Nog nooit iets gewonnen en nooit hoger gespeeld dan de Finse derde klasse, maar de naam - FC Santa Claus Arctic Circle - en het logo zijn op z'n minst opmerkelijk. Na de fusie in 1993 van Rovaniemen Reipas en Rovaniemen Lappi, twee meelopers in de krochten van het Finse voetbal, wilde het nieuwe bestuur de bekendste inwoner van de stad - de Kerstman - uitspelen. Een gouden zet voor Rovaniemi, een stad van om en bij de 60.000 inwoners aan de poolcirkel die jaarlijks meer dan 400.000 bezoekers voor het Santa Park mag verwelkomen, maar het voetbalclubje is minder succesvol: 25 jaar na de fusie staat het op een degradatieplaats in vierde afdeling. En: voetballen in de hoofdstad van Lapland is geen pretje. De gemiddelde jaartemperatuur bedraagt amper 1 ° Celsius. In de drie wintermaanden is er amper twee uur licht per dag en kan de temperatuur tot 40 graden onder het vriespunt zakken, maar in de clubshop liggen honderden kerstmutsen te wachten. Voor één keer geen kitsch... Het was een aandoenlijk beeld, midden de jaren vijftig: Franz Kremer, in 1948 de drijvende kracht achter de fusie van Kölner BC 01 en SpVgg Sülz 07 en de eerste voorzitter van 1. FC Köln, die aan de zijlijn van het trainingsveld stond aan de zijde van een... geitenbok. En: het beest stond sinds 1950 ook op het logo, dat tot dan gewoontjes was: een rood-witte cirkel, met daarin de naam en een afbeelding van de gotische Dom van Keulen. Een bijzonder verhaal dat begon toen Carola Althoff, echtgenote van circusdirecteur Harry Williams, tijdens het carnaval in de stad en bij wijze van grap een geitenbok cadeau gaf aan speler-trainer Hennes Weisweiler. Het dier, dat volgens de legende bij de eerste kennismaking op Weisweiler... plaste en Hennes I werd gedoopt, zou de club eindelijk geluk brengen. Dat bleek. De Geitenbokken werden onder Hennes I vijf keer kampioen van de Oberliga West, pakten in 1962 de titel van West-Duitsland en werden de eerste kampioen van de Bundesliga (1964). Na zijn dood in 1966, na 16 jaar trouwe dienst, kreeg ook Hennes II een plaatsje in een schuurtje aan het Geissbockheim - het trainingscomplex -, waar hij amper vier jaar erna dood werd aangetroffen. Vergiftigd door fans van Borussia Mönchengladbach - dé rivaal aan de Niederrhein -, het verhaal werd jaren geloofd door de fanatieke fans van Die Geissböcke, maar de waarheid spreekt minder tot de verbeelding: het dier werd door een Duitse herdershond aangevallen. Naarmate het voetballandschap steeds meer gecommercialiseerd werd, kreeg de mascotte een prominente plaats in marketingcampagnes. Hennes VII werd 24/7 gevolgd door een webcam in zijn stal en draafde op in commercials, avondshows en televisieseries. Hennes VIII, 'in dienst' sinds 2008, is de eerste geitenbok die in de Kölner Zoo verblijft én een eigen Facebookaccount ( facebook.com/HennesVIII) heeft, maar de traditie wordt nog steeds gekoesterd: ook hij staat elke thuiswedstrijd aan de rand van het veld. Nog een clubje dat sportief amper iets voorstelt. Het voetbal in de tweede klasse van Thailand is van een bedenkelijk niveau, maar het clubembleem vat de geschiedenis van de club uit Lampang - vrij vertaald: stad van de paardenkoets - perfect samen. Een bestuurder van de stad was in het voorjaar van 2010 met de koets onderweg naar een meeting, waar de toekomst van het Nong Kra Ting Stadium zou worden besproken. Enkele investeerders uit de regio hadden hun oog laten vallen op de gronden van het voetbalstadion, waar ze met de steun van de overheidsfunctionaris een exclusief woonproject wilden neerpoten. Het project leek in kannen en kruiken, tot de koetsier op de zanderige weg moest uitwijken voor een bal en in de gracht kantelde. De man in kwestie miste de vergadering, waar het project werd weggestemd. Een gelukkig toeval dat op het embleem van The Emerald Chariots - de smaragden strijdwagen - werd vereeuwigd.Een schedel en twee gekruiste botten, groter kan het contrast met een van de bijnamen van de club uit Johannesburg - The Happy People - niet zijn. De Orlando Boys Club zag het levenslicht in 1937, na het succes van The Sea Hawk - een avonturenfilm uit 1940 waarin Errol Flynn in de huid van een Engelse piraat kroop - werd de club in Orlando Pirates herdoopt. De roots liggen in het gewelddadige Soweto (South Western Township), symbool van armoede en onderdrukking, waar in 1976 de strijd tegen het apartheidsregime kiemde. De Buccaneers kregen na de oprichting van de Kaizer Chiefs (1970) een concurrent in de eigen township, waar families werden verdeeld en de emoties hoog opliepen. De derby is, ondanks een beperkte geschiedenis van net geen 50 jaar, een van de meest dodelijke ter wereld: in 1991 vielen er 42 doden na een 'vriendschappelijke' wedstrijd, 10 jaar erna kwamen opnieuw 43 supporters om het leven. De Pirates wonnen in 1995 als eerste Zuid-Afrikaanse club de Afrikaanse Champions League en pakten sinds de oprichting van The South African Premier Division vier landstitels - evenveel als de Chiefs -, alleen de Mamelodi Sundowns van miljardair Patrice Motsepe deden beter (8). Een kind, gevangen tussen de vleugels van een witte duif. Niet zomaar een jongen, maar de jongste zoon (sjeik Russel) van sjeik Mujibur Rahman - het eerste staatshoofd van Bangladesh -, die tijdens de militaire coup in 1975 samen met zijn vader en nog 18 andere familieleden in het paleis werd doorgeschoten. Slechts twee dochters overleefden de bloedige aanslag. Twintig jaar na het overlijden van Russel, die amper 10 jaar was, werd als eerbetoon in de hoofdstad Dhaka voetbalclub Sheikh Russel Krira Chakra opgericht. Een meeloper in de Bangladesh Premier League, waar sinds de start in 2007 de titels werden verdeeld onder Dhaka Abahani (6) en Sheikh Jamal Dhanmondi Club (3). Het palmares van Sheikh Russel KC is bescheiden: één beker (2012) en één kampioenschap (2013).In alle lijstjes staat het logo van Ajax bovenaan, het Engelse magazine FourFourTwo riep het zelfs uit tot allermooiste ter wereld. De club werd in 1900 gesticht en genoemd naar de Griekse held, van wie de heldendaden tijdens de Trojaanse oorlog in de Ilias van Homerus werden beschreven. Toch kreeg Ajax pas in 1928, ter vervanging van een voetballer, een plaats op het clublogo. In 1990 tekenden drie designers van het Amsterdamse bureau Samenwerkende Ontwerpers een nieuw en eleganter logo, waarin ze de robuuste beeltenis van de Griekse held vervingen door een abstract spel van kleuren en lijnen. Elf lijnen om precies te zijn, het aantal spelers van een elftal. Het ontwerp viel in de smaak, waarna het ontwerpbureau ook de logo's van Bayern München, VfB Stuttgart en Borussia Dortmund onder handen mocht nemen.Voetbal en bier zijn al decennia onlosmakelijk met elkaar verbonden, maar Burton Albion Football Club gaat nog een stapje verder: een logo waarop een Edwardian, met imposante bierbuik, op 'gewone' schoenen tegen een bal trapt. Een verwijzing naar het brouwerijverleden van Burton Upon Trent, een stad in de West Midlands, waar de club in 1950 werd gesticht en de toepasselijke bijnaam The Brewers kreeg. Het staat niet en de clubnaam is nergens te lezen, maar toch: de B en de A zijn stilistisch knap in het buikje verwerkt. The Brewers speelden nooit hoger dan de Championship (tweede klasse), waar het vorig seizoen uit degradeerde. Vrolijk van het voetbal word je in het Pirelli Stadium - de geüpdatete versie van het oude Eton Park - niet meer, van het logo daarentegen...